Waar slagveld door sneeuwjacht en scheuren in het ijs

Op Oostenrijkse Weissensee wordt door sommige deelnemers zelfs gerefereerd aan de barre tocht van 1963

Een jongen strompelt beduusd het ijs af met een gebroken schaats. Een ander stort ineen in een hoopje sneeuw naast de baan. Hulpverleners rennen met dekens van folie in de rondte om verkleumde deelnemers op te vangen. Na een ijzig NK op natuurijs in Nederland vertrok het marathonpeloton naar Oostenrijk om in een zonnetje op de Weissensee de Alternatieve Elfstedentocht te rijden. Maar de zon was zaterdag nergens te bekennen.

De tocht van 200 kilometer was door de hevige sneeuwval en tal van scheuren in het ijs zo zwaar dat ervaren marathonschaatsers veranderden in stuntelaars die wankelend over de eindstreep kwamen. Als ze die al haalden. Voor het eerst sinds 1994 moest de tocht voor de vrouwen worden ingekort tot 150 kilometer. Her en der werd zelfs gerefereerd aan de barre Elfstedentocht uit 1963, al was het dit keer lang niet zo koud.

Om half acht op zaterdagochtend verschijnen 103 mannen en 66 vrouwen vol goede moed aan de start. Thermokleding aan, muts op, pannekoeken of pasta in de maag. Vlak na de start begint het licht te sneeuwen. Naarmate de vlokken dikker worden, vallen de deelnemers met bosjes uit de wedstrijd. De een na de ander smakt tegen het ijs. De scheuren in het parkoers zijn amper te zien, omdat de plekken een paar minuten nadat de sneeuwruimer er overheen is gegaan alweer zijn dichtgesneeuwd.

Bij de overgebleven bikkels ontstaat een kopgroep met Jan van Loon, Sandor Stuut, Bart van den Berg, Frank Woltman en Rob Hadders. Wie valt is overgeleverd aan een samenwerkingsverband met een andere schaatser die achterop is geraakt. Alleen is het bijna niet te doen. Zo lukt het Sander Kingma met zo'n 130 kilometer in de benen amper nog om overeind te blijven. De ervaren sportman van 38 komt met zijn schaats in een gleuf terecht, raakt uit balans en valt. Staat weer op, rijdt door en valt vijf meter verder weer. De verzorgers kunnen het bijna niet aanzien. "Haal hem maar van het ijs", roept Ruud Brouwer naar zijn collega's. Even later heeft de voormalig langebaanschaatser zijn slag toch weer te pakken. Hij neemt een bidon met energiedrank en een stuk ontbijtkoek gretig in ontvangst. Brouwer laat hem doorschaatsen.

Een eindje verderop aanschouwen Dick en Liesbeth Teuling de barre tocht vol bewondering. De ouders van marathonschaatster Karen Teuling staan bij twee ingesneeuwde rugtassen en een wit geworden krukje. In de verte schaatst hun dochter met een gele muts op. Met haar 39 jaar is ze een van de oudste deelneemsters. Een voordeel, denkt haar vader. "Naarmate de jaren verstreken is ze veel taaier geworden", verklaart hij. "Meestal hebben de oudere schaatsers op natuurijs, vooral onder slechte omstandigheden, de langste adem."

Dit jaar bewijzen de jonge winnaars het tegendeel. Bij de vrouwen komt Erna Last-Kijk in de Vegte als eerste over de eindstreep. De 26-jarige rijdster zet na dit seizoen een punt achter haar schaatscarrière en kan zich, nadat ze eerder in de week al de Aart Koopmans Memorial op haar naam schreef, geen mooier slotstuk wensen. Elma de Vries komt een fractie later over de finish, waarna ze volledig in elkaar stort. De derde plek is voor Mariska Huisman, die na haar zege op het NK in Elburg ook het Open NK in Oostenrijk won. In totaal halen zeventien heldinnen de eindstreep.

In de laatste 12,5 kilometer bij de mannen ontsnapt Simon Schouten, pas 22 jaar oud, uit de kopgroep. Na zes uur en acht seconden bikkelen door de sneeuw is hij de jongste winnaar ooit.

"Tijdens de race keek ik af en toe naar het scorebord", zegt Schouten na afloop, zijn wangen nog rood van de kou. "Ik heb altijd geloofd dat ik zo'n tocht zou kunnen winnen, ongeacht mijn leeftijd. Dit is geweldig."

Als zijn schaats in een gleuf terechtkwam, probeerde de tulpenboer snel op het andere been te leunen. Hij viel zo maar twee keer, waardoor hij in de laatste kilometers energie over had voor de demarrage. "Te vaak vallen breekt je op. Ik heb de hele race alleen maar gezorgd dat ik niet in de scheuren terechtkwam."

Een fractie later komen Frank Vreugdenhil en Jouke Hoogeveen als tweede en derde over de eindstreep. Daarna glijden nog achttien gehavende mannen de finishlijn over. De laatste die aankomt, is oud-profschaatser Erben Wennemars. De tweevoudig wereldkampioen sprint wacht nog altijd op een Elfstedentocht in Friesland en wil op het Oostenrijkse meer wennen aan de ontberingen. Wat hij laat zien lijkt nog maar weinig op schaatsen.

De natuurijsspecialisten hebben stuk voor stuk pijn. Sommigen huilen. Tegelijkertijd genieten ze van de lijdensweg. "Het afzien maakt de sport zo mooi", zegt Schouten. "Ik doe dit allemaal als voorbereiding op het echte werk. Als ik onder zulke omstandigheden eerste kan worden, kan ik de Elfstedentocht in Nederland ook winnen. Daar wacht ik op."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden