Waar moet je heen met die megawinkel?

Leegstand is een probleem in veel stadscentra. Dus wil de provincie Zuid-Holland voorkomen dat grote winkels zich aan stadsranden vestigen. Maar mag dat wel? Verslag van een bestuurlijk gevecht.

Bouwmarkten hoeven niet in stadscentra te staan. Autodealers mogen aan de rand van de stad zitten. Mag een grote sportzaak-met-sportveldjes-erbij dat dan ook? Een simpele vraag.

Over het antwoord woedt al jaren een bestuurlijk gevecht. De uitkomst daarvan kan vergaande consequenties hebben. Welke winkels mogen zich in de toekomst vestigen aan de stadsrand?

Het verhaal begint als de Franse sportzaakketen Decathlon plannen indient voor twee vestigingen in Zuid-Holland: megawinkels met grote en kleine artikelen voor 65 sporten. Van sportschoenen tot tenten, van batjes tot tafeltennistafels.

Bij de winkels komen veldjes waar mensen (onder meer) kunnen basketballen en hockeyen - 'Probeer uit en koop', is Decathlons motto. Er komt ruimte bij voor evenementen en voor parkeren, want de winkels moeten per auto goed bereikbaar zijn. In het buitenland heeft Decathlon zulke megawinkels al, in Nederland niet.

Schiedam en Den Haag, de door Decathlon uitverkoren gemeentes, voelen er voor. Grote winkels, bedrijvigheid, banen erbij, sport, beweging. Mooi! Den Haag heeft ruimte bij het stadion van ADO Den Haag. Schiedam heeft ruimte bij sportpark Harga dat bij de plek ligt waar een nieuw stuk A4 kruist met de A20, de ringweg rond Rotterdam. Beide gemeenteraden gaan in 2013 akkoord met de komst van de megawinkels.

Maar de provincie Zuid-Holland niet. Net als het rijk wil de provincie de leegloop van winkelcentra in de stad voorkomen. Natuurlijk hoeft niet alles het centrum in. Zaken die spullen verkopen die 'naar hun aard en omvang' ongeschikt zijn voor een stadshart, mogen naar de randen van een gemeente. Er is zelfs een lijst met die uitzonderingen. Grove bouwmaterialen staan daar bijvoorbeeld op, net zoals de handel in auto's, zwembaden en piano's. Maar grote sportzaken-met-veldjes-erbij staan er niet op. Het provinciebestuur wil de lijst niet uitbreiden. De Decathlonzaken horen, zo oordelen Provinciale Staten in 2014, gewoon in de stad. De meerderheid voor dat besluit is overigens krap: 27 tegen 25 stemmen.

Decathlon, Schiedam en Den Haag laten het er niet bij zitten. Ze melden zich bij de Raad van State, de hoogste rechter bij bestuurlijke onmin. Schendt de provincie het in Europa vastgelegde recht op vrije vestiging niet? Werkt ze concurrentie niet tegen?

De Raad van State piekert. Hij heeft zo'n geval al eerder bij de kop gehad - een kwestie in Appingedam. De Raad kwam er toen niet uit en heeft zich met een serie vragen tot het Europese Hof van Justitie gewend. De antwoorden van het Hof op die vragen kunnen ook relevant zijn voor de Decathon-kwestie. Dus schort de Raad de behandeling van die kwestie in het najaar van 2015 op. Op de antwoorden uit Luxemburg wordt nog altijd gewacht.

Decathlon klopt ook aan bij het Rijk. Strookt het besluit van de provincie wel met de bestaande wet- en regelgeving, wil het bedrijf weten. Eind november komt het langverwachte antwoord.

Er kunnen, schrijven de VVD-ministers Schultz van Haegen (ruimtelijke ordening) en Kamp (economische zaken) redenen zijn waarom een bedrijf zich niet mag vestigen waar het wil. Bijvoorbeeld als het algemeen belang wordt geschaad. Of als de ruimtelijke ordening er niet mee gediend is. Maar in de gevallen-Decathlon zijn die redenen er waarschijnlijk niet, stellen Schultz en Kamp. Anders geformuleerd: een grote sportzaak-met-sportveldjes-erbij is vergelijkbaar met een bouwmarkt, een autodealer en een pianohandel en mag dus naar de rand van stad.

Daar blijft het niet bij. Omdat de ministers denken dat het besluit van Zuid-Holland niet strookt met de wet gaan ze dat onderzoeken. Tot 1 april 2016 gaat een nieuwe, tijdelijke, regel in. Het lijstje met uitzonderingen (met de grove bouwmaterialen, auto's, zwembaden en piano's) wordt uitgebreid met 'detailhandel die zich daar uit oogpunt van ruimtelijke ordening niet van onderscheidt.'

Bij Decathlon maken ze een sprongetje en in Schiedam danst de jenever in de glazen - figuurlijk gesproken dan. Eindelijk lijken ze hun zin te krijgen. Als er in november in Breda een grote vestiging van Decathlon opengaat - hetzelfde concept maar kleiner dan de beoogde vestiging in Schiedam - kan de vlag wederom uit bij het Franse concern.

Maar de provincie geeft zich niet gewonnen. Eerst wacht Zuid-Holland op het onderzoek van het rijk. Als daarna blijkt dat het lijstje met uitzonderingen inderdaad groter wordt, zal de provincie voortaan uitgebreider moeten motiveren waarom ze bepaalde winkels niet aan de rand van de stad wil hebben. Dat zal de provincie ook gaan doen, zegt gedeputeerde Adri Bom-Lemstra beslist. En het Schiedam-plan? Dat kan rekenen op een 'reactieve aanwijzing'. Dat is bestuurlijke taal voor: 'nee'.

En dan? Dan stapt Schiedam waarschijnlijk opnieuw naar de Raad van State om die reactieve aanwijzing geschorst te krijgen. De Raad moet daar in principe binnen twee maanden een oordeel over vellen.

Dan zal eindelijk duidelijk worden of de megawinkels aan de rand van Schiedam en Den Haag mogen komen. En of die megawinkels beschouwd worden als detailhandel die zich uit oogpunt van ruimtelijke ordening niet onderscheidt van handelaren in grove bouwmaterialen en piano's.

Decathlon: Wij willen ook meer winkels in de binnensteden

Decathlon is een Frans concern, dat veertig jaar geleden werd opgericht. Het verkoopt sportartikelen die het grotendeels zelf ontwerpt, distribueert en verkoopt. De keten richt zich vooral op mensen met een bescheiden beurs en op beginnende sporters. Luxe sportkleding en dure spullen voor (semi-)professionals verkoopt het niet.

Decathlon heeft ruim 1000 winkels in 25 landen en hoopt over vijf jaar 2000 winkels in 50 landen te hebben. De omvang varieert. Van 'gewone' winkels tot megavestigingen à la de beoogde in Schiedam.

In Nederland heeft Decathlon zes winkels. In november ging in Breda een Schiedam-achtige versie open - maar dan een kleinere variant. In april komt er op de Rotterdamse Coolsingel een 'gewone' winkel van 5000 vierkante meter. Ook het centrum van Den Haag krijgt er een. Zijn die bedoeld als wisselgeld om zo de komst van de megawinkels mogelijk te maken? Rohan Uijlings, manager bij Decathlon Nederland: "Nederland is erg gericht op de detailhandel in de binnenstad. Dat is ook onze wens geworden, naast die winkels in het buitengebied."

De provincie: Wij willen geen Franse toestanden

Gedeputeerde Adri Bom-Lemstra (CDA): "Decathlon heeft mooie plannen. Fijn dat ze mensen aan het sporten willen krijgen. Ik begrijp dat ze graag aan de rand van de stad zitten, dat is goedkoper dan in het centrum. Toch moeten ze daar naar toe.

"Het klopt dat wij in Zuid-Holland de regels voor vestiging van winkels strikt hanteren. Daar is alle reden voor. Leegstand in winkelcentra is een groeiend probleem. In Schiedam ook. Als je uitgangspunt is dat je leegstand wilt tegengaan, dan moet je daar naar handelen. Wij zien winkels graag in de centra van steden en dorpen. Daar sturen we op. Wij willen geen weidewinkels en geen Franse toestanden.

"De winkel van Decathlon is groot, maar Den Haag heeft ruimte genoeg in het centrum en ook in Schiedam en Vlaardingen staat genoeg leeg. Trouwens, Decathlon opent een winkel op de Coolsingel in Rotterdam en dat is bepaald geen kleintje. Het kan dus wel.

"Het verbaast me dat minister Kamp ons terugfluit, hij heeft ons beleid meermalen geprezen. Kamp zet een buitenproportioneel zwaar middel in. Ik wacht nog altijd op zijn onderbouwing.

"De gevolgen van zijn interventie merk ik wel. Fietshandelaren en dierspeciaalzaken kloppen hier al aan: ze willen nu ook aan de rand van de stad. Uiteraard zullen we 'nee' verkopen. Net zo goed als we de plannen van Schiedam opnieuw zullen afwijzen."

De gemeente: Megastores zijn te groot voor binnenstad

Roeland Schmidt, projectmanager voor de gemeente Schiedam: "Het is goed dat de provincie binnensteden wil behoeden voor leegstand en verpaupering. Maar de vestiging die Decathlon in Schiedam wil openen, past niet in de binnenstad. Het complex is daar veel te groot voor: inclusief parkeerterrein 18.000 vierkante meter. Bovendien moet de winkel goed met de auto bereikbaar zijn.

"Natuurlijk kunnen sportzaken in de binnenstad klanten verliezen aan Decathlon. Maar dat leidt niet tot leegstand en verpaupering, blijkt uit onderzoek. Als er al sportzaken omvallen, dan kunnen er andere winkels in die panden komen. Ja, de binnenstad van Schiedam heeft problemen. Maar Decathlon verergert die niet.

"De provincie Zuid-Holland mag een vestiging weigeren als de ruimtelijke ordening daar bij gebaat is. Maar ze mag niet weigeren omdat bestaande bedrijven er dan een concurrent bij krijgen. Het is niet voor niets dat de provincie wordt gesteund door middenstandsverenigingen en vastgoedorganisaties. Die verdedigen de gevestigde belangen.

"Vergelijk de opstelling van Zuid-Holland met die van Provinciale Staten in Noord-Brabant. Die hebben de komst van Decathlon in Breda goedgekeurd. Terwijl ook zij de stadscentra willen beschermen. Zuid-Holland stelt zich te strak op. Daar staat die provincie trouwens ook bekend om."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden