Waar je wordt beroofd en gebeukt

Een liefdesverhaal, maar dan van het meest onsentimentele, weerbarstige, wanhopige soort

De Grote Amerikaanse Roman, deftig uitgesproken, met hoorbare hoofdletters, je kunt het predicaat niet meer zonder ironie gebruiken. Sinds Melville's Moby Dick, via Mark Twain, Scott Fitzgerald, Faulkner, Steinbeck, Roth, Updike tot aan 'the one and only' Jonathan Franzen trekt het idee dat de Amerikaanse ziel en cultuur in een enkele roman te vatten is een spoor door de literatuur.

Kan het eigenlijk wel, zo'n roman schrijven? Een terechte vraag. Maar om zo'n roman te wíllen schrijven moet je in ieder geval lef hebben. Gelukkig zijn ze er nog, schrijvers met lef. Naast 'Zuiverheid' van Franzen verschijnen dit najaar minstens nog twee boeken die een gooi doen naar de titel. Het eerste boek is van de Californische schrijver T.C. Boyle, die met zijn vijftiende roman komt, het tweede van een ambitieuze debutant, Atticus Lish.

In 'Voorbereiding op het volgende leven', het romandebuut van Atticus Lish, maken we kennis met twee beschadigde jonge mensen, die in een verpauperd deel van de New Yorkse wijk Queens proberen te overleven. Skinner is een introverte soldaat, een Irakveteraan die met grote psychische problemen uit de oorlog is gekomen. Zou Lei is een Oeigoers-Chinese illegale immigrante die vastbesloten is in Amerika een bestaan op te bouwen, maar ook gebukt gaat onder de dreiging van uitzetting.

Lish laat prachtig zien hoe de twee jonge mensen ondanks taalproblemen (Zou spreekt nauwelijks Engels) tot elkaar komen omdat ze iets in elkaar herkennen: op oppervlakkig niveau een liefde voor sport en fitness, op dieper niveau een drang naar vrijheid en onafhankelijkheid.

'Voorbereiding op het volgende leven' is een liefdesverhaal, maar dan van het meest onsentimentele, weerbarstige, wanhopige soort. Zou Lei woont in een huis vol illegalen, Skinner huurt een bloedhete kelder in het huis van een verknipte familie. Zou werkt dag en nacht, Skinner loopt depressief door de wijk met een pistool op zak (dat volgens de wetten van de roman vroeg of laat af zal gaan). Elkaar ontmoeten is al een hele toer. Bij het vrijen worden ze begluurd door de psychopathische zoon van Skinners hospita. Dit gaat fout, op de eerste pagina's voel je de ondergang al aan die mensen trekken; langzaam drukt Lish alle lucht uit je longen. Dit krachtige boek wegleggen, je wil het soms wel, maar het lukt niet, in ademnood moet je verder lezen.

De grootste kracht van het boek zit trouwens niet eens in dit verbijsterende liefdesverhaal maar in de beschrijvingen van de stad en haar verdwaasde bewoners. Het groezelige Queens, de grote smeltkroes van nationaliteiten, leefwijzen, viezigheden en krankzinnigheden, wordt schitterend tot leven gewekt. De stad is een personage. Dit boek gaat immers over Amerika, het is een politiek boek over de aardedonkere kant van het Amerika van nu. Lish excelleert in staccato geschreven beelden van de stad:

"Gezinnen die voor hun avondje uit in Dunkin Donuts gingen zitten vanwege de airco. Vloeren vol rotzooi, eigenaardige eenzame mannen die de krant lazen. Spaanse meisjes met indiaans bloed, slavenbloed, dweilden de vloeren aan om drie uur 's nachts. Mensen van de Caribische eilanden zeiden dat ze als slaven uit India waren gehaald. We hebben ons aangesloten bij de zwarten en de Britten eruit geknikkerd. Nu luisteren we naar dubstep. Ik kan je zeggen waar het hels heet is. Waar gefeest wordt. Waar je kan worden beroofd, neergestoken, geschopt, gebeukt, geneukt aan de rand van Far Rockaway. Waar niemand met je meeleeft als je in de nesten zit."

Wat een muziek zit er in deze zinnen! Ook vertaler Anne Jongeling verdient hier een groot compliment. Atticus Lish' beheersing van de details komt niet uit het niets. Hij werkte in fabrieken en fastfoodketens, als bouwvakker, bewaker, en wat al niet. Hij studeerde sinologie en zat bij de mariniers.

Saillant: Atticus is de zoon van schrijver/redacteur Gordon Lish (vermaard en enigszins omstreden vanwege zijn straffe redactie op de verhalen van Raymond Carver), maar heeft zich gedurende het werk aan dit boek (twaalf jaar!) van zijn vader verwijderd, om onafhankelijk beoordeeld te kunnen worden. 'Voorbereiding op het volgende leven' oogstte alle soorten van lof in de Amerikaanse kranten.

Lish' roman heeft een klassieke opzet, in drie delen - expositie, ontwikkeling en catastrofe. Toch is dit geen boek dat drijft op de plot. Het heeft een heel eigen dynamiek dankzij de rijkdom aan details, kleur en geur. Nog een fraai voorbeeld van dat wonderlijke, hoekige staccato. In deze scène rent Zou door de stad, ze rent voor haar leven, ze zoekt haar lief:

"Iemand had BLOEMSTUKKEN VOOR GRAFKISTEN op een bord geschreven. Bij Food Mart werden High Grade Cigars verkocht, Steve's Coffee Shop. Pizzeria Fratelli.

De 787 Deli Supermarket. HIER KUNT U PINNEN. Boven in de woningen lagen mensen te slapen met de ramen open, duiven tippelden over de zonneschermen. Bier, frisdrank, lotto, Soda. Melk van de boerderij. Zuivel. Telefoonkaarten. Metrokaartjes. Een verschoten reclameposter voor Bear's Head, fijne vleeswaren. Auto's van de plantsoenendienst. Een reeks verlaten uitgebrande puien. Iemand had een sweater over een parkeermeter getrokken."

T.C. Boyle gaf zijn nieuwe roman 'The Harder They Come' een motto van D.H. Lawrence: "In wezen is de Amerikaanse ziel hard, gesloten, stoïcijns, dodelijk". Ook dit boek gaat over Amerika, daar kan geen misverstand over bestaan. In de vertaling van (wederom) Anne Jongeling luidt de titel 'Wie storm zaait'. Mooi gevonden, dat zaaien van storm, het laat zich raden wat er geoogst zal worden. Typische Boyle-thema's keren terug in deze roman: geweld, ontsporend 'heldendom' en de schade die de mens toebrengt aan de natuur, opgediend met een flinke dosis zwarte humor.

Boyle is een schrijver die ondanks zijn statuur van gevestigd auteur knokt om aandacht van de lezer, want hij weet dat je die aandacht nooit cadeau krijgt. Dat zie je direct terug in de openingsscènes. Soepel en beeldend beschrijft Boyle een beroving van een stel bejaarde Amerikaanse toeristen in de hete jungle van Costa Rica. Schooldirecteur en Vietnamveteraan Sten grijpt een van de rovers vast en knijpt hem dood. "Hij handelde op de automatische piloot. Er was geen weg terug, hij moest door."

In de volgende scène maken we kennis met Sara, een veertigjarige hoefsmid en salon-anarchiste, die zichzelf 'soeverein burger' noemt en geen enkele autoriteit erkent. Ze wordt aangehouden omdat ze geen gordel draagt. Omdat ze vervolgens tegensputtert ("jullie hebben geen enkele zeggenschap over mij") moet ze mee naar het bureau en wordt haar hond naar het asiel gebracht. Ze pikt later een vreemde jonge lifter op, Adam. Hij blijkt de ontspoorde zoon van Sten te zijn. Samen met Adam redt ze haar hond uit het asiel. Dit zet alle verdere gebeurtenissen in gang. Sara en Adam krijgen een relatie. Zij is gecharmeerd van zijn onaangepastheid, en vindt zijn radicale denkbeelden nogal amusant. Hij valt, simpel gesteld, voor haar 'dikke tieten'.

Adam vereenzelvigt zich met ene John Colter, een pelsjager en overlevingskunstenaar uit de tijd van de kolonisten. Hij haat 'Dorito's vretende padvinders', speknekken en Chinezen. Boyle lijkt veel plezier te hebben in de beschrijving van Adams gestoorde gedachtewereld, waarin de All-American spirit van 'don't tread on me' totaal is ontaard:

"Hij streefde naar vrede, dat was zijn doelstelling, maar de Chinezen waren aliens en aliens waren de nieuwe vijanden die het als een oorlogsverklaring beschouwden. Helaas. Want als ze op je schieten, moet je terugschieten nietwaar? Dat kan de grootste idioot je nog vertellen. Oog om oog, zwaaiend met geweren, moge de beste winnen."

Aliens, tsja...Het is altijd lastig meeleven met een hoofdpersoon die mesjogge is. Zeker als we niet weten waar zijn waanzin nu eigenlijk vandaan komt. Dat Sten als vader tekort is geschoten is helder, maar hoe? Te vaak overgewerkt, te weinig thuis, zo wordt gesuggereerd. Nogmaals tsja... Ook Sara overtuigt niet als personage, hoe sympathiek ze ook is. Je vraagt je steeds af hoe iemand in vredesnaam geheel zelfstandig veertig is geworden met zulk kinderachtig gedrag en naïeve denkbeelden over 'het systeem'.

Adam trekt zich terug in het bos, waar hij leeft als zijn held Colter. Hij wórdt Colter, en schiet lukraak een man neer die hem aanspreekt: 'Zeg, wat moet dat daar?' Daarna vliegt de roman lelijk uit de bocht, met sluipschutters, helikopters en SWAT-teams. Het dramatische einde is - net als bij Lish - ook hier onvermijdelijk, alleen raakt het de lezer niet meer, Boyles pakkende stijl ten spijt.

Lish en Boyle schreven allebei een heel Amerikaanse roman. Beide schrijvers hebben iets te vertellen over de donkere kant van Amerika, maar ze schrijven niet allebei even dwingend. Als een van de twee romans doordringt tot de canon van Grote Amerikaanse Romans, dan zal het de roman van Atticus Lish zijn.

T.C. Boyle: Wie storm zaait (The Harder They Come) Vert. Anne Jongeling. Meridiaan; 352 blz. euro 19,99

Atticus Lish: Ter voorbereiding op het volgende leven (Preparation For the Next Life) Vert. Anne Jongeling. Hollands Diep; 496 blz. euro 19,99

(Het boek van Lish ligt maandag in de winkel)

Daken in Queens, New York.

Tom Coraghessan Boyle (1948), geboren als Thomas John Boyle, publiceerde sinds de jaren zeventig zo'n 14 romans en honderden verhalen, de meeste over lust, vreugde en verslavingen van de babyboom-generatie. Boyle won in 1988 voor zijn derde roman de PEN/Faulkner Award. Hij doceert Engels aan de universiteit van Zuid-Californië.

Atticus Lish (1972), zoon van invloedrijk literair agent Gordon Lish, dankt zijn voornaam vermoedelijk aan Harper Lee's 'To Kill a Mockingbird'. Lish studeerde twee jaar aan Harvard, viel uit, had tal van rare baantjes. In 1995 trouwde hij met Beth, een Koreaanse onderwijzeres met wie hij een jaar in China woonde om daar Engels te geven. Later keerde Lish terug naar Harvard waar hij ook een cursus fictieschrijven volgde. Voor zijn romandebuut won Lish de PEN/Faulkner Award.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden