Waar blijft het instituut voor mensenrechten?

’Op vele plaatsen in de wereld worden de rechten van de mens niet geëerbiedigd. Nederland zal zijn lidmaatschap van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties benutten om de bescherming van deze rechten te bevorderen.’ Dat zei koningin Beatrix in de Troonrede.

Ter ondersteuning van zijn kandidaatstelling voor de Raad in 2006 heeft Nederland de plechtige belofte gedaan een nationaal instituut voor de mensenrechten op te richten. Dat voornemen is door de Tweede Kamer uitdrukkelijk bevestigd. Nederland is dit jaar opnieuw als lid van de Raad gekozen en zal nu ernst moeten maken met zijn toezegging.

Minister van buitenlandse zaken Verhagen kondigde in april van dit jaar aan dat „het kabinet een besluit moet nemen over oprichting van het instituut”. Maar dat is tot op heden niet gebeurd.

Het instituut moet gaan werken op basis van de ’Paris Principles’, in 1993 opgesteld door de VN. De taken kunnen advisering, toezicht op naleving, onderwijs, onderzoek, voorlichting en opleiding omvatten. Daarnaast zou zo’n instituut zich kunnen bezighouden met steunverlening aan slachtoffers van mensenrechtenschendingen.

Negentien Europese landen, waaronder Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Noorwegen en Zweden, hebben een nationaal mensenrechteninstituut. Dat wij het niet hebben, is een beetje merkwaardig voor een land dat zegt de mensenrechten zo belangrijk te vinden.

Het wordt hoog tijd dat het kabinet zijn toezegging ten uitvoer brengt. Het nationale mensenrechteninstituut zal een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het in de Troonrede aangekondigde beleid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden