VU was geen bolwerk van anti-nazisme

Volgens de krantenkop was de Vrije Universiteit in de oorlog goed (Trouw, 6 november). Je vraagt je af of deze vlag de lading dekt vooral als ook gesteld wordt, dat de oorlogsgeschiedenis nu 'wetenschappelijk geboekstaafd' is.

Het eerste wat je dan verwacht is een heldere definitie wat onder Vrije Universiteit verstaan wordt. Is er onderzoek is gedaan naar álle studenten en álle hoogleraren? Of is er tenminste een wetenschappelijk verantwoorde steekproef gedaan? Je kunt natuurlijk nooit zeggen dat de VU goed was, omdat een aantal daarmee verbonden mensen de goede keuze deed.

De argwaan wordt groter omdat de redacteur schrijft over een afwijzende houding ten opzichte van de 'fascistische bezetters'. Nederland is nooit bezet geweest door fascisten. In de jaren dertig zijn ook studenten van de VU gecharmeerd geweest van het fascisme. Zij kenden echter het principiële onderscheid tussen fascisme en nationaal-socialisme. Als staatsleer was het fascisme per definitie niet racistisch. In het nationaal-socialisme staat niet de staat maar het ras centraal. Het is niet op een christelijke, maar op een heidense leer gebaseerd.

Wat de wetenschap betreft, inderdaad was het in bepaalde universitaire kringen een tijdlang gebruik om fascisme te gebruiken als overkoepelend begrip. Dat had echter niets te maken met wetenschap, en alles met emotie. Men vond het onverdraaglijk dat Hitler het woord socialisme had misbruikt als aanduiding van zijn beweging. Met name communisten gruwden van de mogelijkheid dat de socialistische heilsleer in verband werd gebracht met de gruwelen van het naziregime.

De echte aanvechting lag voor de gereformeerden niet in de keuze voor het fascisme of nationaal-socialisme. Maar generaties lang waren gereformeerden opgevoed in de geest van A. Kuyper. Door de Boerenoorlog in Zuid-Afrika was hij mordicus tegen de Britten en lag zijn sympathie bij het Duitse volk. Het heeft het gereformeerde volksdeel veel moeite gekost om vrij te komen van die 'Deutschfreundlichkeit'.

Het is merkwaardig hoe vergoelijkend de auteur Gjalt Zondergeld spreekt over het optreden van de hoogleraren Hepp en Kuyper. Zij beiden hadden een zoon, die met de bezetter samenwerkte. In de voorgeschiedenis van de Vrijmaking heeft dat een grote rol gespeeld. Kuyper en Hepp pleitten er met nadruk voor om zich aan te passen aan de eisen van de bezetter. Verontrust vroeg men zich af, of de vaders zich in hun voorlichting door hun zonen lieten leiden. Voor bepaalde groepen was de Vrijmaking de manier om los te komen van deze bedenkelijke voorlichting. Wie de strijd tegen de bezetter niet losmaakt van de intern-kerkelijke strijd begrijpt dat het voor mensen uit het verzet vanzelfsprekend was dat zij met de Vrijmaking meegingen. Zij braken met die voormannen, die bezetter én synode de hand boven het hoofd hielden.

De VU een bolwerk van anti-nazisme? Je zou haast zeggen, was dat maar waar. Tegelijkertijd besef je dat je daarmee de VU overvraagt. Want ook tijdens de bezetting ging de eerste zorg uit naar de continuïteit van het onderwijs en het onderzoek.

Met ere mogen die leden van de VU-gemeenschap worden genoemd die hun primaire taken verbonden met wat voor hen een 'Gebot der Stunde' was. Wat sommige theologen ook zeiden, zij wisten dat zij God meer moesten gehoorzamen dan mensen. Zij deden wat hun hart hen ingaf om te doen met soms de hoogste prijs.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden