VS neuzen ook in versleutelde e-mails

Inlichtingendienst kan bij nummers en medische gegevens burgers

MICHAEL RAMAKER

Ook het versleutelen van privé-informatie op internet blijkt niet bestand tegen afluisterpraktijken. De Amerikaanse inlichtingendienst NSA heeft in samenwerking met zijn Britse tegenhanger GCHQ een programma ontwikkeld dat versleuteld internetverkeer kan kraken. Dit melden The New York Times, The Guardian en nieuwswebsite ProPublica op basis van stukken die naar buiten gebracht zijn door klokkeluider Edward Snowden.

De overheid verzocht de nieuwsorganisaties hun bevindingen niet naar buiten te brengen. Dat zou vijanden in het buitenland ertoe brengen om op nieuwe communicatiemiddelen over te stappen die moeilijker zijn te kraken voor de veiligheidsdiensten.

Hoewel bepaalde gevoelige informatie achtergehouden is, hebben de drie organisaties het verhaal alsnog gepubliceerd. Volgens hen dragen de nieuwe feiten bij aan het publieke debat over de vraag hoe ver overheden mogen gaan in het ontwikkelen van middelen die de privacy schenden van internetgebruikers over de hele wereld.

De NSA probeerde met name toegang te krijgen tot zogenaamde Secure Socket Layers (SSL), een soort versleuteling die webwinkels en bedrijven gebruiken om hun internetverkeer te beschermen. Hierdoor kan de veiligheidsdienst alsnog bij beveiligde e-mails, telefoonnummers en medische gegevens van burgers. Verder blijkt uit de documenten dat GCHQ al jaren probeert het internetverkeer te filteren van bedrijven als Google, Microsoft en Facebook.

De laatste reeks onthullingen rondom de afluisterpraktijken van de Amerikaanse overheid lijkt niet veel los te maken in de Verenigde Staten. Volgens een recent onderzoek vermoedde 85 procent van de Amerikanen al dat de overheid hun communicatie kon volgen. Wil Verhoeven, hoogleraar American Studies and Cultural Theory aan de Rijksuniversiteit Groningen, zegt dat dit een fundamenteel onderdeel is van de Amerikaanse identiteit: "Amerikanen hebben sinds het ontstaan van hun natie een dubbele houding tegenover de staat gehad. Ze zullen als het moet achter de overheid staan, maar houden er tegelijkertijd een bepaald wantrouwen op na."

Voor Amerika is spioneren op eigen burgers niks nieuws. Al in 1920 probeerde de Black Chamber, de voorloper van de NSA, illegaal telegrams te onderscheppen om informatie in te winnen. Eind jaren zeventig kwam er een wet die dit soort praktijken aan banden moest leggen. Maar na de aanslagen van 11 september 2001 veranderde alles. Verhoeven: "Toen werd de Patriot Act ondertekend. Deze wet zorgde ervoor dat de inlichtingendiensten onbeperkte macht kregen. Ze hoefden dus niet eerst naar een rechter te stappen om data te verzamelen. Wat je nu allemaal ziet is een illegale uitwas daarvan."

Het past volgens Verhoeven dan ook bij de mentaliteit van de Amerikaanse overheid. "De regering van de Verenigde Staten zal altijd het idee van vrijheid blijven verkondigen. Maar tegelijkertijd zijn ze ook bang voor inmenging van buitenaf. Dat willen ze kunnen beheersen."

Een duidelijke politieke tegenbeweging om de inlichtingendiensten terug te fluiten heeft Verhoeven tot nu toe niet gezien. "Opvallend vond ik juist hoe president Obama na het nieuws de handelingen van de NSA probeerde goed te praten. Het leek erop alsof hij zei dat je de rechten van burgers soms moet schenden om ze te beschermen." Ook denkt Verhoeven dat een aanpassing van de wet niet veel zal helpen: "De komst van een nieuw beschermingsmechanisme verandert niets aan het feit dat organisaties zoals de NSA allang een eigen leven zijn gaan leiden."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden