VS en Israël weer harmonieus oneens

WASHINGTON - Vrede in het Midden-Oosten was een top-prioriteit van president Bill Clinton. Zijn regering heeft in geen ander internationaal vraagstuk zoveel geïnvesteerd. Dat sprak niet vanzelf.

In de periode na de koude oorlog is de Russische invloed in het Midden-Oosten, en daarmee de bedreiging van de strategisch belangrijke olielanden, aanzienlijk afgenomen. De vroegere vijanden van Amerika, met name Syrie en de Palestijne Bevrijdingsorganisatie PLO, eten nu uit de hand van Washington. Israël heeft als Amerikaans steunpunt tegen de Russen aan belang ingeboet. Toch heeft de president van meet af aan het Midden-Oosten bovenaan zijn buitenlandse agenda geplaatst. Want de kansen op succes waren nog nooit zo groot.

Al de jaren sinds 1967, dat Amerika en Israël strategische bondgenoten waren tegen de Sowjet Unie, waren zij het fundamenteel oneens over een uiteindelijke vredesregeling in het Midden-Oosten. Israël en Amerika hebben, ondanks hun nauwe betrekkingen, altijd verstoppertje gespeeld als het ging over de aard van de uiteindelijke vredesregeling, omdat Israël, zowel onder Likoed als de Arbeiderspartij, niet bereid was de Palestijnse dimensie van het conflict te erkennen en gebied voor vrede op te geven aan de Palestijnen en Syrië. Israël wist door de machtige pro-Israël lobby in Washington meestal Amerikaanse plannen die het opgeven van gebied met zich meebrachten te neutraliseren zonder daarmee de betrekkingen te schaden. Alleen president George Bush liet het in 1991 op een rechtstreekse confrontatie aankomen met de toenmalige Likoed regering van Jitschak Sjamir.

Met de komst van Jitschak Rabin, vier jaar geleden, ontstond voor het eerst een situatie dat Amerika en Israël ten aanzien van vrede een gemeenschappelijke strategie hadden. De spelregels waren niet langer dat Israël vredesinitiatieven die concessies met zich meebrachten saboteerde, nee hier was een regering die Amerika aanspoorde zijn invloed aan te wenden om tegen een redelijke prijs via onderhandelingen vredes-akkoorden tot stand te brengen.

Israël omarmde de PLO, overigens buiten de VS om, het sloot een vredesverdrag met Jordanië waarin de Amerikaanse rol ook marginaal was. Maar Amerika speelde een belangrijke rol in de onderhandelingen met Syrië. Geen Amerikaanse minister van buitenlandse zaken heeft de deur in Damascus zo platgelopen als Warren Christopher, omdat de deal vrede in ruil voor de hele Golan een dramatische breuk betekende met de traditionele Israëlische politiek en een unieke kans bood voor het opruimen van een van de laatste obstakels voor vrede tussen Israël en de Arabische staten. President Clinton wilde persoonlijk de onderhandelingen bekronen door naar Damascus en Jeruzalem te reizen om de laatste hand te leggen aan een vredesverdrag. Minister van buitenlandse zaken Christopher overwoog zelfs, in tegenstelling tot zijn aanvankelijke plannen, in een tweede ambtstermijn van Clinton aan te blijven als minister van buitenlandse zaken om de vredesonderhandelingen in het Midden-Oosten af te maken.

Kennismaking

Dat alles maakte de herverkiezing van Sjimon Peres zo belangrijk voor de president, dat hij openlijk partij koos en bijna campagne voerde voor Peres. Met de nederlaag van Peres raakt de Midden-Oosten politiek weer in meer traditioneel vaarwater, terug naar het tijdperk dat Washington en Jeruzalem weliswaar mooi weer speelden, maar het fundamenteel oneens waren over een uiteindelijke vredesregeling.

Clinton heeft de nieuwe Israëlische premier Benjamin Netanjahoe naar Washington uitgenodigd voor een kennismaking. De president zegt dat de nieuwe Israelische regering een lijn moet uitstippelen: “Dan zullen we zien hoe het verder gaat”. Minister van buitenlandse zaken Christopher heeft daar aan toegevoegd dat er met Netanjahoe een “goed en open” gesprek gevoerd zal worden over de de vraag wat wel en niet haalbaar is in het vredesproces. Dat zijn woorden die eerder passen bij de confrontatie-politiek van George Bush.

Zal Amerika zich blijven inzetten voor vrede in het Midden-Oosten als de Likoed-regering spijkers op de weg strooit zoals Netanjahoes voorganger Sjamir deed? Dat is gezien de Amerikaanse strategische belangen niet waarschijnlijk. Vrede in het Midden-Oosten is politiek belangrijk als er eer mee te behalen valt. Amerika kan in strategisch opzicht ook met de status quo leven, zolang het niet tot een grote oorlog komt. Zelfs een nieuwe intifada of een reeks van bloedige terreur-aanslagen hoeft niet tot een activitisch beleid in Washington te leiden. Er valt dus een geleidelijke de-escalatie van Amerikaanse betrokkenheid bij het vredesproces te verwachten.

Helemaal voorspelbaar is de Amerikaanse politiek echter niet. In de eerste plaats kan Amerika zich bij een eventuele oorlog tussen Israël en zijn Arabische buren niet afzijdig houden. Dat brengt de noodzaak voor een zekere mate van preventieve diplomatie en betrokkenheid met zich mee. En verder is de persoon van de president een onvoorspelbare factor.

George Bush

Een belangrijke reden dat de Sjamir regering in Madrid naar de onderhandelingstafel werd gesleurd was de vastbeslotenheid van George Bush om na de Golf oorlog in het kader van de 'nieuwe wereldorde' vrede tussen Israël en de Arabieren te bewerkstelligen. Clinton is persoonlijk emotioneel zeer betrokken bij Israël. Dat is duidelijk geworden bij de vredesceremonies op het Witte Huis met Rabin en Arafat, zijn bezoeken aan Israël en vooral bij de moord op Rabin toen hij zijn tranen nauwelijks de baas kon. Die emotionele betrokkenheid kan een rol spelen bij de vraag of en hoe hij de strijd voor vrede in het Midden-Oosten zal voortzetten, als hij herkozen wordt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden