‘Vroeger was Ton ook gewoon links’

Portret van Kortenay (L) en Elias (R). Beeld Patrick Post

In de serie Tegenpolen belichten we opmerkelijke vriendschappen. Mensen die je niet bij elkaar had bedacht, omdat ze ogenschijnlijk van elkaar verschillen. Een rubriek tegen het hokjesdenken. Vandaag aflevering 7: Ton Elias en Johan Kortenray.

Hoe lang kennen jullie elkaar?

Johan Kortenray: “Ik heb Ton als eindredacteur aangenomen in 1977 op de redactie van het Amsterdamse universiteitsblad Folia. Onze vriendschap dateert van die tijd, veertig jaar dus.”

Ton Elias: “De strekking van mijn sollicitatiebrief was dat ze dom waren, en ernstig naar de afgrond zouden gaan, als ze mij niet zouden aannemen.”

Kortenray: “Maar de reden waarom we jou moesten kiezen, stond er niet in.”

Elias: “Haha, nee? Het waren mooie tijden. Ik was student politicologie, jij had een goed betaalde baan bij het blad. Jij was een fenomeen op de redactie omdat je heel burgerlijk was, je ging op een gegeven moment elke dag met de trein van Heemstede naar Amsterdam en terug. Je was getrouwd, je kreeg een kind, en je kocht zelfs een gele Lada. Maar achteraf gezien was jij de enige van ons die normaal was.”

Kortenray: “We hebben samen heel veel serieuze artikelen over hoger onderwijs geschreven, veel interviews gedaan met ministers en Kamerleden, die trouwens geregeld nieuws naar ons lekten.

Hadden jullie in die tijd al links-recht- discussies?

Kortenray: “Toen nog niet, nee. Niemand kan het zich voorstellen, maar vroeger was Ton ook gewoon links. Ik ben zelf altijd overtuigd sociaal-democraat geweest, ik was een tijd geen lid, maar afgelopen januari heb ik me opnieuw aangemeld bij de PvdA. En ik wil nu zelfs, ook na onze nederlaag van 15 maart, op lokaal niveau actief worden in de partij.”

Elias: “Ik kom uit een keurig katholiek sociaal-democratisch nest, mijn vader - die ook Ton Elias heette - was onderwijsjournalist bij De Tijd en later bij NRC. Geheel in de traditie werd ik op mijn achttiende lid van de PvdA, wat toen als student bijna een daad van verzet was. Want mijn studentenflat was vergeven van CPN’ers, het was een totale marxistische gekte. Trotskisten liepen na een bezetting van de Franse ambassade blij rond en zeiden: ‘Het is begonnen.’ Ik vroeg: ‘Wat dan?’ ‘Nou gewoon, de revolutie.’ Ik heb mijn lidmaatschap van de PvdA opgezegd toen de Amsterdamse PvdA schrijver Willem Frederik Hermans verbood te komen spreken omdat hij in Zuid-Afrika was geweest. Belachelijk.”

Kortenray: “In de jaren tachtig werd ik gevraagd de Open Universiteit mee op te richten. Ik verhuisde van Heemstede naar Heerlen. We begonnen met vijftien mensen, er was niks. Bij de kantoorboekwinkel kochten we pennen en prullenbakken. Het was pionieren.”

Elias: “In 1990 ging jij naar het AMC. Toen heb je een paar maanden bij mij gewoond, omdat je nog geen huis had in Amsterdam. Toen lagen we inmiddels flink uit elkaar qua politieke overtuiging. Ik had er inmiddels verstand van. Haha. Ik was verslaggever bij Den Haag Vandaag geweest, had net een commercieel TV10-avontuur achter de rug. Dat ik trouwens met Joop van den Ende had gepraat, werd mij in die tijd diep kwalijk genomen door collega’s van de publieke omroep. Ik kreeg intussen groot respect voor VVD-leider Frits Bolkestein, die immigratieproblemen aan de orde stelde en werd in 1994 lid van de VVD. Jij hebt in die tijd ook gesproken op mijn eerste huwelijk.”

Kortenray: “O ja, mijn toespraak ging erover dat jouw vrouw tot de linkervleugel van de VVD en jij tot de rechtervleugel behoorde, en of dat wel goed zou gaan.”

Elias: “De alimentatie duurde in elk geval langer dan het huwelijk van veertien jaar…”

Wat was jullie heftigste aanvaring?

Elias: “Die hadden we bij Johan thuis, dat moet in 2010 zijn geweest. Ik was Kamerlid geworden en we clashten over die gedoogsteun door de PVV. Dat speelde toen in veel vriendschappen en relaties, herinner ik me. Inmiddels is Wilders verder geradicaliseerd en bezigt hij termen waar ik van walg, maar ik vond toen als rechtgeaarde liberaal dat hij het recht had op zijn opvattingen en dat die gedoogsteun kon. Jij was principieel tegen, dat vond ik kortzichtig.

In een vriendschap moet je een minimum aan gedeelde waarden hebben, wil je in discussie blijven zonder dat je elkaar verkettert. Die gedeelde waarden hebben wij. Ik ben nu met tegenzin bij de VVD vertrokken (Elias was niet op de VVD-kandidatenlijst gezet, AS) maar ik moet er niet aan denken dat ik mijn halve leven met alleen VVD’ers was opgetrokken.”

Kortenray: “Ik heb ook vrienden van verschillende pluimage. En mijn kinderen stemmen D66. Dat vind ik oké.”

Elias: “Ik denk trouwens dat ik de beginselen van de PvdA nog steeds kan onderschrijven, maar de partij vertolkt die ideeën niet meer. En ze heeft misbruik van sociale voorzieningen niet bestreden. Problemen door immigratie moet je reëel benoemen en er iets aan doen. Je ziet dat minderheden en mensen met een uitkering nog steeds gepamperd worden en dat is niet goed. Bovendien is de PvdA een baantjesmachine geworden, waar andere partijen zoals de VVD ook voor moeten waken. Overal in het land zitten PvdA’ers die er vooral mee bezig zijn hoe het nu met henzelf moet. Ik neem aan Johan, dat jij partijgenoten tot de orde roept, en als je daar tips bij nodig hebt, dan bel je me maar. Met genoegen.”

Kortenray: “Ton heeft het Kamerwerk met passie gedaan, weliswaar bij de verkeerde partij, met de verkeerde uitgangspunten. Maar wat hem is overkomen is rot voor een vriend.”

Elias: “Mij is niet gegund wat partijgenoot Theo Joekes wel was gegund in 1986, om vanuit een rotplek op de lijst me via voorkeurstemmen naar boven te knokken. Ik had geen politiek probleem met de VVD. En ik had zeker geen zin om op zo’n bankje naast die opportunistische sukkels als Monasch en die Denk-vlegels te zitten, als eenmansfractie. Dan had ik het kabinet in grote problemen gebracht en veel publiciteit gekregen, maar dat is niet mijn stijl. Ik zie wel wat ik ga doen.”

Jullie blijven in elk geval vrienden.

Kortenray: “Zeker, weet je wat ons bindt? We zijn allebei bourgondisch, houden van het goede leven - hoewel ik de enige ben die nog steeds rookt. En we zijn het eens over wat journalistiek moet zijn. Hoe een krant eruit moet zien. Doe gewoon verslag van wat er gebeurt. Niet steeds berichten over wat Sylvana hupseflups nu weer heeft gezegd, of dat mannetje Roos.”

Elias: “En we houden allebei van harde grappen. Morgen introduceer ik op mijn verjaarsetentje een paar nieuwe vrienden, omdat er inmiddels twee dood zijn.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden