Vrijheid van scholen versus homorechten; het blijft balanceren

Een wetswijziging moet voor eens en altijd duidelijk maken dat homodiscriminatie niet wordt geduld. Maar verandert er werkelijk iets?

De Nederlandse wet biedt te veel ruimte aan kerken, religieuze scholen en organisaties om homoseksuelen en vrouwen te weren, oordeelde eurocommissaris Vladimir Spidla begin vorig jaar. Niet dat er klachten waren binnengekomen, maar de wet laat volgens haar opening voor discriminatie.

Enkele maanden later kwam minister Plasterk (onderwijs en emancipatie) in opstand tegen de visie van de Vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs. Die stelde dat leraren van aangesloten scholen moeten beloven ’naar Schrift en belijdenis’ te handelen. Daarbinnen is voor leraren met een homoseksuele relatie geen plaats.

Zo laaide de discussie over de zogeheten ’enkele feit’-constructie in de Wet Gelijke Behandeling weer op. Volgens deze constructie mag het enkele feit dat iemand homoseksueel is of een homoseksuele relatie heeft, geen grond zijn om hem of haar te ontslaan.’Bijkomende omstandigheden’ staan dit wel toe, maar wat daaronder valt is onduidelijk, een grijs gebied dat alleen de rechter kan afbakenen.

De ’enkele feit’-constructie is een gevoelig punt binnen de coalitie. Zowel PvdA als CDA en ChristenUnie zijn voor verbetering van de positie van homoseksuele leraren, maar voor de twee christelijke partijen geldt: niet ten koste van alles. En zeker niet te kosten van artikel 23, de vrijheid van onderwijs.

Dat het slechts om een klein aantal scholen gaat en dat op basis van de bestaande wet nooit iemand is geweigerd omdat hij homo is, sneeuwt in dit emotionele debat vaak onder, waardoor het veelal uitmondt in een principiële discussie met een hoge mate van symboliek.

Volgens de Raad van State is het best mogelijk om de ’enkele feit’-constructie uit de wet te schrappen. In plaats daarvan kan een confessionele school van personeel vragen loyaal te zijn aan haar grondslag. De school kan eisen stellen aan de manier waarop medewerkers hun werk doen, met het oog op hun voorbeeldfunctie en geloofwaardigheid. Maar het mag geen discriminatie worden, benadrukt de Raad.

Het kabinet kan zich daar wel in vinden, al is een nieuwe formulering nog niet voor handen, liet minister Ter Horst (binnenlandse zaken) deze week aan de Kamer weten. Wel benadrukte de bewindsvrouw dat er in de praktijk niets verandert. Waarom dan toch een wettekst vervangen? Simpel, omdat de huidige tekst voor veel verwarring heeft gezorgd en daar wil het kabinet van af.

Of die verwarring nu als sneeuw voor de zon verdwijnt, valt te betwijfelen. Het grijze gebied dat de ’enkele feit’-constructie heeft gecreëerd wordt met een nieuwe formulering niet zwart of wit.

Toch geeft het kabinet wel een signaal af. Scholen moeten voortaan consistent zijn en in hun grondslag geen onduidelijkheid laten bestaan over het personeelsbeleid. Leraren moeten loyaal zijn, te goeder trouw en vooral geen grondslag onderschrijven waaraan ze zich niet gaan houden. Het kabinet construeert zo een nieuwe evenwichtsbalk, zij het een heel brede. Het uiteindelijke oordeel blijft aan de rechter.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden