Vrije keuze belazert vrouwen

Nederlandse meisjes denken dat ze hun leven in eigen handen hebben. De werkelijkheid is anders. De maatschappelijke omstandigheden beperken hun zogenaamde keuzevrijheid. De ongelijkheid tussen de seksen moet snel weer voorwerp van publiek debat worden.

Keuzevrijheid en bevoogding. Dat zijn de twee waarden die de discussie over de Staat van de vrouw in Trouw domineren en beperken. Keuzes zijn een privézaak, en dus geen object van publiek en politiek debat. Staatssecretaris van emancipatiezaken Verstand vindt stoppen met werken bijvoorbeeld dom, maar dat is haar privémening. Mocht dat een trend zijn, 'dan moeten vrouwen dat zelf weten. Dat is hun eigen keuze'.

Verstand wil keuzemogelijkheden creeren, niet bevoogden. Wat niet verhindert dat bijvoorbeeld de ChristenUnie haar toch bevoogding verwijt. Ook het CDA is in de ban van de keuzevrijheid. Verdedigden de christendemocraten het huisvrouwschap eerder in termen van de zorgzame samenleving, nu willen ze 'mensen keuzevrijheid bieden om tijdelijk afhankelijk te zijn van het inkomen van hun partner'.

De meisjes die Trouw interviewde, hebben de boodschap van keuzevrijheid goed begrepen. We leven in een wereld waarin je bijna alles kunt kiezen, hebben ze er uit opgemaakt. Ze willen allemaal werken, kinderen en een leuke man die wat in het huishouden doet én aan de kinderen.

Die keuzen zijn hun privézaak, leren we van Verstand. Maar welke van die keuzen eigenlijk? De geïnterviewde meisjes hebben immers een pakket onverenigbare keuzen. Je wordt geen art-director met kinderen en een man die hoogstens kookt, in een land met een groot gebrek aan kinderopvang. Ook een actrice met kinderen heeft een man nodig die veel meer doet dan strijken. En welke man die (al) het geld binnenbrengt zal ook nog eens 40 procent van het huishouden doen? Keuzevrijheid heeft bij deze meisjes vooral het idee ingeplant dat je alles kan kiezen. Feminisme is prehistorie, uit de tijd dat je nog niet kon kiezen.

Toegegeven, de keuzemogelijkheden van meisjes, en jongens, zijn enorm toegenomen. Meisjes kunnen chirurg worden, wereldreiziger, karatekampioen of computerhacker. Jongens mogen nu ook huilen en dansen, zich opmaken, en in deeltijd werken om een dag achter de buggie te lopen. Deze keuzevrijheid is te danken aan het feminisme, dat zich sterk heeft gemaakt voor opheffing van onrecht en daarmee vergroting van keuzevrijheid. Het feminisme is hierdoor bijna aan zijn eigen succes ten onder gegaan. Weliswaar zijn nog niet alle belemmeringen helemaal opgeheven -denk maar aan het tekort aan kinderopvang, seksuele intimidatie of de carrièrefuik van deeltijdwerk- maar dat zijn details. Voer voor beleidsmakers, niet voor een sociale beweging.

Liever dan naar onrecht, wijzen we tegenwoordig naar ieders eigen verantwoordelijkheid. Slachtofferschap is voor loosers. Wie mee wil tellen, presenteert zich als sterke, ondernemende, assertieve, self-made persoonlijkheid die wel tegen een stootje kan. Bij te hoge werkdruk in een typische vrouwensector als de zorg gaan vrouwen dus liever minder werken dan protesteren. De nadruk op verantwoordelijkheid maakt solidariteit ook moeizaam. Hoe kun je solidair zijn met iemand die zelf voor een rotbaan gekozen heeft? Eigen schuld, zelf oplossen dus.

In een situatie van keuzevrijheid zouden mannen en vrouwen gemiddeld dezelfde keuzen maken, zo hoopten feministen. Vrouwen zouden een gelijk aandeel krijgen in macht, inkomen en zelfvertrouwen, en mannen zouden een gelijke bijdrage leveren aan huishouden en zorg. Zo niet uit verlangen, dan ten minste uit rechtvaardigheidsgevoel.

Dat is niet gebeurd. Integendeel. Keuzevrijheid is eerder een excuus voor een sluipende restauratie van traditionele sekserollen. Bij de geïnterviewde meisjes kunnen we het beginstadium daarvan zien: zij denken dat alle keuzes voor hen openliggen en te combineren zijn. Jamila wil actrice worden, drie dagen werken en een man die voor het geld zorgt en bijna de helft van het huishouden doet. Wat er van haar verlanglijstje waar wordt, hangt vooral af van de maatschappelijke omstandigheden. In de huidige omstandigheden valt eenvoudig te voorspellen hoe het zal aflopen: Jamila gaat drie dagen werken en verricht alle zorgtaken want haar man brengt het geld al binnen en dat vindt hij op een afwasje na wel genoeg. Ze wordt dus geen actrice maar caissière. Jamila belandt dus in het typisch Hollanse kostwinnersplusmodel (ten onrechte anderhalfverdienersmodel genoemd): de vrouw heeft een klein baantje en de man doet ook wel eens de afwas.

Jamila behoort tegen die tijd tot de 40 procent mensen die door hun persoonlijke problemen meer belangstelling hebben gekregen voor het feminisme, zoals uit het Trouw-onderzoek bleek. Omdat de ideologie van keuzevrijheid hen belazerd heeft.

Maar de keuzes van anderen zijn hun eigen zaak, zo vindt ook Verstand. We respecteren die keuzes en bemoeien ons er liever niet mee. Welke moralistische betweter gaat daar vraagtekens bij plaatsen? Niemand. Geen wonder dat de feministische beweging een spartelende drenkeling op de rand van de dood is.

Toch heeft deze drenkeling nog veel te doen. Allereerst door te wijzen op een merkwaardige tegenstrijdigheid. Enerzijds gelden traditionele rollen tegenwoordig als persoonlijke, vrije keuze, maar anderzijds wijzen steeds meer mensen er graag op dat er niets te kiezen valt omdat de biologie die traditionele verdeling dicteert. De (socio) biologie is in korte tijd omgetoverd van onderdrukker tot bevrijder van vrouwen. We hoeven ons geen zorgen meer te maken dat onze keuzen traditioneel zijn, want de biologie leert ons dat we zo voorbestemd zijn. De biologie biedt dus een ontsnapping uit de verder zo bejubelde keuzevrijheid en eigen verantwoordelijkheid. De nadruk op keuzevrijheid en biologie hebben echter gemeen, dat ze beide elke publieke discussie over voorkeuren en keuzes blokkeren.

Maar het is geen reden om een discussie niet eens te beginnen. Wij stellen daarom voor om keuzes en voorkeuren wel weer object van publiek debat te maken. Neem de ongelijke taakverdeling. Waarom zeggen veel vrouwen wel dat ze een gelijke(re) taakverdeling willen, maar vechten ze er nauwelijks voor? Waarom zeggen de geïnterviewde meisjes dat je het moet accepteren als een man zich niets van hun wensen wil aantrekken? Waarom anticiperen vrouwen vaak al op de onbuigzaamheid van hun man?

Ook moeten we het hebben over de invloed van sociale druk bij de vorming van wensen. Voor vrouwen is het verlangen om veel tijd met kinderen door te brengen, meer geaccepteerd dan het verlangen om hard te werken. Bij mannen ligt dat omgekeerd. Onder die sociale druk is het kostwinnersplusmodel een logische keuze, maar daarmee hoeven we nog niet voor die sociale druk zelf te kiezen.

Ten slotte is het langetermijneffect van individuele keuzen relevant. Onze persoonlijke keuzen staan niet op zich, maar tellen allemaal op tot een maatschappij die we misschien nooit bewust zo gekozen zouden hebben. Er komt nooit een maatschappij waarin vrouwen ook macht en gezag hebben, als de meeste mensen individueel voor het kostwinnersplusmodel kiezen. En de keuze voor ongelijkheid wordt vaak gepresenteerd als een tijdelijk, klein verschil, terwijl de langetermijngevolgen voor inkomen en loopbaankansen veel groter blijken.

Het feminisme heeft altijd gesteld dat het persoonlijke politiek is. Tegenwoordig lijkt het persoonlijke weer persoonlijk. Wij pleiten ervoor om het weer politiek te maken, zij het op een opener manier dan in de jaren zeventig. Nu leven we in een vrijzinniger en democratischer maatschappij waarin wel plaats is voor publieke zoektochten naar het hoe, waarom en waartoe van onze voorkeuren en keuzen. Met deze vragen verklaren we de feministische zaak weer geopend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden