Vrije jongen in het weer

Nog twee dagen, en dan is, na 22 jaar, Jan Visser niet meer in de weer voor Trouw. Haro Hielkema sprak met hem.

Voor Jan Visser begint de dag steevast met een wandelingetje naar de tuin. „Eerst even voelen hoe het buiten is. En kijken naar de lucht. Dat is voor een weerman toch het belangrijkste onderdeel van zijn werk.”

Op 31 januari komt er een einde aan het contract dat Jan Visser sinds 1 juni 1987 met Trouw verbindt. Om financiële redenen heeft de hoofdredactie besloten niet langer met de weerman uit Monnickendam verder te gaan. Vanaf 1 februari wordt de dagelijkse weerrubriek verzorgd door Weeronline. Het aanbod van dit bureau is volgens adjunct-hoofdredacteur Gerbert van Loenen zo gunstig dat de krant het in de economisch moeilijke tijden niet naast zich neer kon leggen.

Jan Visser (52) hoorde de beslissing van Trouw vorig jaar op 21 oktober. Het was een behoorlijke klap voor hem na bijna 22 jaar dienst als freelancer voor de krant. Hij toont begrip voor het besluit van Trouw: „Kranten hebben het heel moeilijk tegenwoordig. Ik snap dat ze op de centen moeten letten.” Hij wil niet natrappen, al verliest de weerman die zichzelf een van de laatsten der Mohikanen onder de ’vrije weermannen’ noemt, een belangrijke bron van inkomsten, Eerder is ook al zijn contract bij Radio 10 opgezegd.

Hij is wel hevig verbolgen dat de commerciële weerbureaus hun diensten aan de media aanbieden voor afbraakprijzen. „Je krijgt straks een eenheidsworst in de weersinformatie. En dan ook nog eens erg oppervlakkig, in jip-en-janneketaal. Zo van: ’het regent en de straat is nat’. Dat hebben we te danken aan Neelie Smit-Kroes, die als minister zei dat het weerbericht te moeilijk was voor een huisvrouw. Die was niet geïnteresseerd in ruimende en krimpende wind. Dat heeft invloed gehad op de manier waarop de weersverwachtingen gebracht worden. Toch willen mensen meer weten. Ik zie dat aan het aantal bezoekers op mijn website, dat in een paar jaar is gestegen van 10.000 naar 200.000. Dat is meer dan Trouw aan abonnees heeft.”

Visser volgde destijds Hans de Jong op als weerman bij Trouw. Hoewel begonnen als amateur genoot De Jong bij collega’s en het publiek veel aanzien. Jan Visser speelde vanaf Marken, waar hij opgroeide, al waarnemingen door aan De Jong en mocht zelfs voor de schoolmeester uit Gorredijk af en toe invallen. Toen Visser de weerrubriek bij Trouw overnam, draaiden de rollen om. Voortaan leverde Hans de Jong bij hem informatie aan. En hij doet dat nog steeds. Regelmatig hebben de twee contact met elkaar.

Zijn eerste schreden op het pad van de meteorologie zette Visser op Marken. De winter van 1962/’63, hij weet het als de dag van gisteren. Marken was nog een eiland. „Een dijk van een winter. De meest glorieuze winter die we gehad hebben. Toen is mijn interesse begonnen.”

Op weg naar de zondagse kerkdienst sneeuwde het. Van de dominee zal hij niet veel opgestoken hebben, de wereld buiten de kerk hield hem bezig. Alles wat met weer te maken had, knipte hij uit de krant. Van zijn zakgeld kocht hij een regenmeter. Op de mavo raakte zijn hobby wat op het tweede plan, maar dankzij een baan bij de PTT kon hij zijn eerste instrumenten aanschaffen. Al snel werd hij lid van een werkgroep van weeramateurs, schreef voor het blad Weerspiegel en bouwde contacten op met weerdiensten in Scandinavië en IJsland.

Die eerste dagen dat hij voor Trouw schreef, liepen de weerkaarten nog piepend en krakend uit het apparaat in het souterrain van zijn Marker woning, maar al gauw veranderde dat. „In 22 jaar is er gigantisch veel veranderd. Alles is tegenwoordig gedigitaliseerd, ook de metingen. Vroeger ging ik geregeld naar buiten om bij mijn weerstation de thermometer af te lezen. Daar hoef je nu geen stap meer voor buiten de deur te doen. Alleen de regenmeter moet elke dag worden afgetapt. Die gegevens kun je niet digitaal meten, omdat er altijd wat aan de strijkstok blijft hangen doordat er vuil in de weegschaal komt of door bomen in de buurt, die neerslagcijfers beïnvloeden.”

Vijfentwintig jaar geleden stuurde Jan Visser zijn regencijfers op een kaartje naar het KNMI, tegenwoordig wordt het meetresultaat dagelijks telefonisch doorgegeven. Het instituut in De Bilt ontvangt de gegevens van meer dan 300 vrijwilligers „onder wie ook Hans de Jong”, vertelt Visser bewonderend. „Nu zijn de cijfers dezelfde dag nog beschikbaar, terwijl je er vroeger een maand op moest wachten. De informatiestroom gaat zo veel sneller: een paar klikken met je muis en je weet wat er in de wereld met het weer aan de hand is.”

Toch blijft kijken naar de lucht minstens zo belangrijk. „De lucht verraadt de ontwikkeling van het weer. Gerrit Hiemstra, weerman bij het NOS-journaal, zegt wel eens dat de weerman niet meer naar buiten hoeft te kijken om aan zijn informatie te komen. Maar dat is onzin. Je kunt niet aanvoelen wat de temperatuur is, als je niet zelf over straat loopt of even in het bushokje gaat staan. Vanmorgen zag ik een grote dikke bromvlieg in de dakgoot. Die is ontwaakt door de warmte van de zon. Dat geeft aan dat het zonnetje sterker wordt.”, zegt Visser. En passant noemt hij Marco Verhoef en Marjon de Hond de beste ’weermannen’: „Daar staat iemand, hun taalgebruik is keurig, ze geven goede uitleg en ze doen niet zo overdreven als Erwin Kroll of Gerrit Hiemstra. Ik heb er een hekel aan als iemand zichzelf belangrijker vindt dan het weer.”

In zijn rubrieken (Visser werkt ook voor het Noord-Hollands Dagblad en Radio Noord-Holland) moet hij steeds laveren tussen wat de computers aangeven en zijn eigen interpretatie. Als weerman ben je net als een boer, zegt hij: altijd met je vak bezig. „Misschien zit daar het verschil tussen weerman en weerbureau: daar ga je na je dienst naar huis en zie je het de volgende dag wel. Wij gaan ermee naar bed en wij staan er weer mee op.”

Visser woont aan de Ooster Ee, met uitzicht op een prachtig Waterlands vogelweidegebied. Zijn huis staat te koop: „Al ver voordat mijn contract bij Trouw is opgezegd”, zegt hij met nadruk. De woning is te groot voor hem alleen, sinds zijn Spaanse vrouw Araceli en hun twee uit Ethiopië geadopteerde zoons naar een appartement in Barcelona zijn verhuisd. Visser zit regelmatig in Spanje (met je laptop kun je overal weergegevens ontvangen) en in de zomervakantie en als er ijs op de Ooster Ee ligt is de rest van het gezin in Monnickendam. De weerman heeft minder ruimte nodig. Hij gaat zijn aandacht verschuiven naar zijn website, heeft zich in nieuwe technieken verdiept en geeft steeds meer presentaties en lezingen in het land. „Ik vertel een beetje het verhaal dat Al Gore ook houdt. Over de situatie rond de polen waarschuw ik al jaren. Het tempo waarmee het ijs zich terugtrekt, is beangstigend. Dat moet echt serieus genomen worden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden