Vrij denken zonder stress

Hoe verhoog je het denkniveau van kinderen? De Sint Jozefschool in Nederwetten gebruikt moderne technieken zoals mindmapping. 'Wat als mieren zo groot waren als koeien?'

Als Tijn (8) zijn ogen dichtknijpt, kan je zien dat hij diep nadenkt. "In de winter kun je met sneeuwballen gooien", zegt hij bedachtzaam, "en in de zomer met waterballonnen". Zijn buurman Bram (8) knikt tevreden. Nu hebben ze er alweer een idee bij. De twee leerlingen uit groep 6 - zojuist door juf Anita de Bie als 'denkmaatjes' aangewezen - hebben de taak om na te denken over de verschillen en overeenkomsten tussen zomer en winter. Ze wijzen naar de cirkels die op een papier gegroepeerd staan rondom de termen zomer en winter. Dat is een denkbeeld, legt Bram uit.

Sinds drie jaar werkt basisschool Sint Jozef in het Brabantse kerkdorpje Nederwetten met de zogeheten DenkBeelden, een groep modellen die structuur geven aan de denkprocessen van kinderen. Naast het 'atoom' waar Tijn en Bram in werken, is er bijvoorbeeld de 'kapstok'. Daarmee verdelen de kinderen thema's in categorieën, zoals verkeersborden, of familieleden. Met een 'trein' zetten ze oorzaken en gevolgen op een rij. En ook de 'mindmap' is een denkbeeld, een model van een boom met uitstekende takken waar je ideeën bij kan schrijven. Deze gebruiken ze in het bedrijfsleven veel bij het brainstormen.

Sint Jozef wil met de DenkBeelden beter aansluiten bij de huidige tijd, waarin kinderen meer moeten samenwerken en grote hoeveelheden informatie te verstouwen krijgen. Ze hebben handvatten nodig om daarmee om te gaan. Daarnaast zocht de school naar nieuwe manieren om alle kinderen in de klas bij de les te betrekken. "Eerder leunden er altijd wel een paar achterover in hun stoel, nu zie ik ze actief bezig", zegt Carmen Latour, intern begeleider en leerkracht op de kleine dorpsschool. "Je daagt ze uit om een stapje verder te denken, en dat doen ze graag."

De leerkrachten op Sint Jozef gebruiken de leermodellen meerdere keren per dag. De DenkBeelden vervangen dan het werk uit andere lesboeken, ze worden op papier geprint, of geprojecteerd op het digitale bord. Ook zeventien andere scholen werken er inmiddels mee. Een oud-onderwijsadviseur van de scholenstichting Eenbes, waar ook Sint Jozef onder valt, bedacht de didactiek op basis van de nieuwste ideeën over hoe kinderen leren. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat kinderen zowel visueel als verbaal informatie opslaan. Als ze samenhang zien tussen die beide vormen, kunnen ze beter onthouden, maar vooral ook dieper nadenken.

Ander denkniveau

Kinderen aan het denken zetten, zijn scholen daar niet al sinds de oude Grieken mee bezig? In de praktijk is het niet zo eenvoudig. "Opdrachten in lesmaterialen stimuleren voor zo'n 80 tot 90 procent het lagere-orde-denken", zegt Resi Damhuis, lector aan de Utrechtse pabo Marnix Academie. Het draait dan om het onthouden, reproduceren, toepassen en begrijpen van feiten en theorieën.

In het basisonderwijs dringt volgens haar langzaam door dat hogere-orde-denken ook aandacht verdient. Analyseren, evalueren en creëren zijn net zo belangrijk. Her en der experimenteren scholen met nieuwe werkvormen die een ander denkniveau prikkelen.

Het was de Amerikaanse onderwijspsycholoog Benjamin Bloom die in 1956 een hiërarchische ordening maakte van verschillende denklagen. Hij ging ervan uit dat je dingen kunt begrijpen op verschillende niveaus. Zijn theorie staat volgens Damhuis weer 'vol in de schijnwerpers'. Waarom nu? De maatschappij vraagt erom, zegt Damhuis. De samenleving verlangt volgens haar dat kinderen actief denken en leren hun gedachten te verwoorden, zodat ze opgroeien tot kritische burgers.

Damhuis onderzoekt hoe je kinderen taalvaardiger maakt en ze tegelijkertijd uitdaagt om actief te denken. Ze is expert op het gebied van 'taaldenkgesprekken' op de basisschool. In de klas is de leerkracht vaak meer dan tweederde van de tijd aan het woord, zegt Damhuis. Als je kinderen de ruimte geeft om meer te praten, dan gaan ze ook op een ander niveau denken, is haar bevinding.

"Je moet ze in een soort disbalans brengen", zegt Damhuis, "door ze een boeiende en prikkelende vraag te stellen". Je kunt kinderen in een geschiedenisles vertellen hoe het feodale systeem in de Middeleeuwen werkte, en dan toetsen of ze het begrijpen. Maar in plaats daarvan is het effectiever om te vragen: 'Waarom zou je in de Middeleeuwen als boer bij zo'n kasteel gaan wonen en je graan inleveren?'

Uit onderzoek blijkt volgens Damhuis dat kinderen in zo'n gesprek meer leren, hun taalvaardigheid verbeteren en zich meer op hun gemak voelen in het leerproces.

Het voeren van een goed denkgesprek vergt een andere aanpak van een leerkracht, zegt Damhuis. "Je moet boven de stof staan, proberen verder te gaan dan de feiten."

Het onderwijs voor hoogbegaafde kinderen in Nederland besteedt al langer aandacht aan het hogere-orde-denken. Plusklassen werken bijvoorbeeld met denksleutels die zijn bedacht om een denkluikje in het hoofd mee te openen. Op een kleurige papieren sleutel staat dan een vraag: Wat als mieren zo groot waren als koeien? En koeien zo klein als mieren? Los het samen maar eens op, is dan de opdracht.

Onderwijshypes

Damhuis snapt wel dat de denksleutels in het hoogbegaafdheidsonderwijs terecht zijn gekomen, maar vindt het kwalijk dat dit materiaal alleen in het hoekje van de excellentie wordt gezet. "Alle kinderen hebben recht op uitdaging. Juist voor de minder begaafde kinderen is het nuttig om te praten over dingen die ze niet uit een boekje begrijpen."

Hogere-orde-denken is moeilijk te toetsen, zegt Damhuis, en dat zou een reden kunnen zijn dat scholen er nog weinig aandacht aan besteden. Volgens Damhuis hoeft het geen obstakel te zijn. "Een leerkracht kan goed observeren hoe een kind in zo'n gesprek meedoet."

Paul Kirschner, universiteitshoogleraar aan de Open Universiteit, is doorgaans beducht voor hypes in onderwijsvernieuwing. Te vaak worden er wilde theorieën losgelaten die niet op wetenschappelijke bevindingen zijn gestoeld, vindt hij. Hoe denkt hij over de nieuwe aandacht voor het hogere-orde-denken?

"Het is hartstikke belangrijk dat mensen op verschillende denkniveaus leren functioneren", zegt hij. "Je moet leren het kaf van het koren te scheiden, en leren evalueren en analyseren."

Maar hij voegt er nuchter aan toe: "Dat is iets van alle tijden. Het was twintig jaar geleden net zo belangrijk als nu." De 21ste-eeuwse vaardigheden - waar ook het hogere-orde-denken naar verwijst - daar heeft hij niets mee.

Kirschner, die ook als gastprofessor werkt aan de universiteit van Oulu in Finland, ziet grote verschillen tussen beide landen als het aankomt op hogere-orde-denkvaardigheden. "In Finland hebben alle docenten een universitaire masteropleiding. Ze zijn gewend om analytisch te denken. In Nederland ligt het niveau lager", zegt hij. "Dan is het moeilijker om meer analytische vragen te stellen aan kinderen, en hun manier van denken te ontleden."

Volgens Anita de Bie kunnen leraren in Nederland best aandacht besteden aan hogere-orde-denken, maar was er, in ieder geval tijdens haar opleiding, nog weinig aandacht voor. "Er ging een wereld voor me open door de DenkBeelden. Ik zie de gretigheid in het leren terugkomen, dat is genieten. Ik zou niet meer anders willen werken."

Dat geldt ook voor de kinderen in Nederwetten. Bram maakt graag mindmaps om zijn gedachten op een rij te zetten. "Want dan kun je allemaal takken maken en daar ideeën bij schrijven." Job (9) noemt nog een ander voordeel van brainstormen. "Het is nooit goed of fout", zegt hij. "Je kan gewoon gaan denken, dus dan heb je geen stress dat het verkeerd is."

tekst

Een mindmap heeft een boomstructuur. Bij de takken schrijven de kinderen hun ideeën op.

Scholieren werken samen als 'denkmaatjes'.

'Je moet kinderen in disbalans brengen door ze een boeiende en prikkelende vraag te stellen'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden