Vreetbeestjes te lijf

Vijfduizend verschillende insecten vreten van landbouwgewassen. Kennis over hun gedrag helpt bij een natuurlijke bestrijding.

Een koolwitje gaat niet zomaar op een koolplant zitten om haar eitjes af te zetten. Het vlindervrouwtje kijkt, snuffelt, voelt, proeft. De kleur van het blad is van belang. De geur ook. En van de bloemen. Tot wel twaalf keer landt ze op de plant en roffelt met de voorpootjes op het beoogde blad. De plant laat geuren vrij die het koolwitje zorgvuldig met de voelsprieten registreert en smaakstoffen worden met zintuigen op de poten geproefd. Pas dan besluit ze om wel of niet haar nageslacht op de plant achter te laten.

Entomoloog Joop van Loon bestudeert al jaren insectenzintuigen. Die kennis is noodzakelijk om ons voedsel duurzamer te produceren. "Hoe meer we weten van insecten, hun zintuigen en gedrag in wisselwerking met hun voorkeursplanten, des te beter kunnen alternatieven voor chemische bestrijding van insecten ontworpen worden", zegt de hoogleraar aan Wageningen Universiteit.

Een schadelijk insect is het koolwitje wel degelijk, zegt Van Loon, althans voor de koolplant, wereldwijd een belangrijk groentegewas. "Als de rups eenmaal uit het eitje is gekropen, begint hij de kool aan te vreten. Daarop reageert de plant met een serie moleculaire reacties waarbij honderden genen zijn betrokken. Het begrijpen van de wisselwerking tussen ei, rups en plant is van groot belang als je kijkt naar de schade die deze rups kan veroorzaken. Hij groeit in twee weken tijd van 0,2 milligram naar 0,5 gram. Dat is 2500 maal zo veel. Rupsen zijn de snelst groeiende dieren op aarde."

De planten zelf laten zich ook niet onbetuigd. Zodra de eitjes op het blad zijn gelegd, schakelt de plant defensiemechanismen in. Zoekend naar dit soort afweermiddelen ontdekten Van Loon en zijn medewerkers bij de zwarte-mosterdplant een nieuw mechanisme. Deze plant laat na de registratie van vlindereitjes zijn zaadjes sneller rijpen, zodat de rupsen te laat uit het ei kruipen om de bloemen weg te vreten voor deze zaad kunnen zetten.

Het bestrijden van insecten lijkt een onmogelijke klus. Er zijn zo'n miljoen soorten, waarvan zeker de helft planteneter is. Van Loon: "En dan kennen we nog maar een kwart van alle insectensoorten. Zo'n 80 procent van alle plantenetende insecten heeft een evolutie doorgemaakt tot specialist op een klein aantal verwante plantensoorten. Het aantal plaagsoorten dat op landbouwgewassen actief is bedraagt 5000. Dat is 1 procent van de nu bekende planteneters. Daarvan zijn twintig soorten echt belangrijk, omdat die schadelijk zijn voor de basisvoeding, zoals granen, rijst en aardappels. Op die soorten concentreert zich het onderzoek."

Van Loon heeft op zijn laboratorium een hele dierentuin: drie fulltimers kweken 25 insectensoorten. Voor Nederland tellen vooral kasgewassen, zoals tomaten, komkommers en paprika's. Van Loon: "Bij veredeling houd je niet alleen de planteneters maar ook hun natuurlijke vijanden in het oog. Zo is bij komkommers gelet op beharing als mechanisch afweermechanisme, die bepaalt de beloopbaarheid van het blad. Je kunt die beharing maximaal maken, maar dan maak je het ook de natuurlijke bestrijders lastig. Je moet dan een compromis sluiten."

Zo is de grootste vijand van de komkommerplant, witte vlieg (geen vlieg, maar een zuigend insect), inmiddels goed te bestrijden. Maar, zegt Van Loon, door de toenemende handel en toerisme over de wereld, komen er exoten naar ons land die hier geen natuurlijke vijand hebben. "Bij komkommers en tomaten is dat nu een witte vliegsoort uit Azië, die uiterst lastig te bestrijden is. Tijdens de Balkanoorlog brachten de Amerikanen de zeer schadelijke maïswortelkever mee. Hij is inmiddels al in Noord-Frankrijk gesignaleerd. Nederland houdt deze kever goed in de gaten."

Dat laatste voorbeeld komt uit de akkerbouw op open veld. Daar zijn actieve beestjes veel lastiger aan te pakken met natuurlijke middelen. En niet alleen door gebrek aan kennis, zegt Van Loon. "Van de coloradokever is al heel lang bekend dat hij erg van de aardappelplant houdt. Deze kever zat aanvankelijk op wilde nachtschade-soorten, in Mexico vooral. Eind 19de eeuw maakte de kever de overstap naar een gecultiveerde nachtschade in de VS, de aardappel. Daarvoor is nooit een goede verklaring gevonden. De aardappelteelt is voor Nederland van groot commercieel belang. De signaalstoffen van de plant die de kever aantrekken, zijn bekend. Door ze als mengsel in vallen te stoppen worden veel kevers weggevangen. Maar goed, dat bleek een te dure oplossing voor de vele grote aardappelvelden."

Van Loon vindt dat die uitgestrekte velden met één soort gewas - de monoculturen - problemen veroorzaken. "Het zijn de snackbars voor insecten. Wat je nu ziet is dat de landbouw steeds meer moet produceren. De klassieke chemische bestrijdingsmiddelen worden in toenemend tempo verboden en genetische verandering van planten stuit op weerstand bij consumenten. Wij entomologen hebben niet op stel en sprong een natuurlijke oplossing voorhanden. Fundamenteel onderzoek kost jaren."

"Neem de koolwortelvlieg. Het klassieke onderzoek is gericht geweest op de volwassen vlieg. Het vrouwtje meet de stengeldikte van de koolplant door er een paar keer omheen te rennen. Die stengelomvang is een betrouwbare maat voor de grootte van het wortelgestel: hoe groter en gezonder, des te meer voedsel voor haar larven, 'weet ze'. Ze past daarom het aantal eitjes dat ze legt aan op de omvang van de stengel. Maar het zijn juist die larven die de schade aan het wortelgestel veroorzaken, en over hun gedrag is zo goed als niets bekend. Dat is een uitdaging voor de komende jaren. En dit is nog maar onderzoek naar één soort. Willen we echt iets van de natuur leren, dan moeten we kijken naar meer insectensoorten die tegelijk op dezelfde plant voorkomen. De koolplant kent wel vijf gespecialiseerde insecten die samen met hun natuurlijke bestrijders een klein ecosysteempje vormen. Naar dit soort onderzoek komt steeds meer vraag. Het kan duurzame landbouw ook een grote oppepper geven."

Twee ongewenste groente-eters: de larve van een koolvlieg (links) en een coloradokever

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden