Vredesproces in Noord-Ierland onder zware druk

Het is wat al te pessimistisch en ook overdreven om te stellen dat het Noord-Ierse vredesproces op sterven na dood is, maar dat het kraakt in al zijn voegen, is duidelijk. En met de deadline voor ogen waarbinnen de nieuwe regering van Noord-Ierland moet zijn gevormd, 30 juni, volgende week woensdag, zetten de voornaamste kiftende partijen - de protestantse UUP en de republikeins-katholieke Sinn Fein - de hakken nog maar wat dieper in het zand.

UUP-leider David Trimble, vorig jaar nog samen met zijn katholieke tegenvoeter John Hume beloond met de Nobelprijs voor de vrede, weigert als Noord-Ierse First Minister categorisch Sinn Fein-leden in zijn nieuwe kabinet op te nemen, zolang de gewapende vleugel van die partij, de terreurbeweging Ira, niet een substantieel deel van de wapenen heeft ingeleverd. Sinn Fein op haar beurt hamert er steeds maar weer op dat ze het Ira niet aan een touwtje heeft, en dat ze de beweging dus niet kan dwingen wapens in te leveren. Een slappe smoes, het Ira is immers 'het leger' van Sinn Fein, en een symbolisch gebaar als het inleveren van een aantal vuurwapens of een paar kilo springstof zou het vredesproces al zeer ten goede komen. Het is bovendien een publiek geheim dat de twee belangrijkste Sinn Fein-voorlieden, partijleider Gerry Adams en tweede man Martin McGuinness, voorafgaand aan hun politieke leven hoge posities hadden binnen de army council, de militaire staf van de terreurgroep.

Een zinniger argument is het verweer van Adams en de zijnen dat nergens in het Goede-Vrijdagakkoord van vorig jaar staat dat wapens moeten zijn ingeleverd alvorens de nieuwe Noord-Ierse regering is aangetreden. Er staat alleen dat tegen de zomer van 2000 de wapens uit de roulatie moeten zijn, zowel die van het Ira, als van de loyalistische extremisten. ,,De inlevering van wapens is geen voorwaarde, het is een verplichting'', zei de woordvoerder van de Britse premier Blair gisteren ten overvloede.

De spanning binnen protestants-unionistische kring werd extra gevoed door de vrijlating van Ira-terrorist Patrick Magee. Deze 'bombardeur van Brighton', in 1984 verantwoordelijk voor de aanslag op de top van de regerende Conservatieve partij - in het bijzonder op premier Margaret Thatcher, die de aanslag overleefde - kon dinsdag de Maze-gevangenis verlaten dankzij het Goede-Vrijdagakkoord.

Het regende verwijten vanuit Conservatieve en unionistische hoek, dat de republikeinen wel profiteren van het akkoord zonder daar ook maar iets tegenover te stellen.

Om nog wat olie op het vuur te gooien, riep David Trimble premier Blair op om diens minister van Noord-Ierse zaken, Mo Mowlam, de laan maar uit te sturen. ,,Een van de grote moeilijkheden bij uitvoering van het akkoord is het gebrek aan vertrouwen binnen de protestantse gemeenschap, met name de Ulster Unionisten, in wat de minister doet'', zei Trimble, en bij de unionisten viel al de naam van een opvolger: Peter Mandelson, de vroegere minister van handel en industrie en grote goeroe achter Blair.

Nu is juli in Groot-Brittannië per traditie de maand waarin binnen de regering verschuivingen plaatsvinden: zwakke broeders en zusters degraderen, de sterken krijgen een voornamere positie. Maar zoals te verwachten was, viel Trimble's oproep bij Blair in slechte aarde. ,,Ministers voor Noord-Ierland raken gewend aan aanvallen van jan en alleman'', zei Blair, die waarschuwde voor het ineenstorten van het vredesproces.

,,We zijn maar aan het praten, praten en nog eens praten. Op een bepaald moment moeten mensen een beslissing nemen'', zei hij dinsdag voor de Noord-Ierse televisie, en hij verzekerde een ieder dat hij ,,geen plan-B'' op zak heeft, een alternatief voor het huidige vredesakkoord, mocht dat in duigen vallen. Het is dus dít akkoord of niets, en morgen in Londen - waar ze zijn bij de begrafenis van kardinaal Basil Hume, de Britse katholieke kerkleider - zullen Blair en zijn Ierse ambtgenoot Bertie Ahern bezien wat er nog te redden valt, en hoe ze in Noord-Ierland de zaak uit het slop kunnen halen.

Het zal een wanhoopsoffensief worden. De tijd dringt, en niet slechts vanwege die deadline. Begin juli valt immers in Noord-Ierland het startschot voor het marsseizoen, de traditionele optochten van de protestanse Oranjeordes, bij voorkeur langs of door katholiek gebied.

Met angst en beven zien de Britse autoriteiten die provocerende marsen opdoemen. Met name de Oranjemars bij Drumcree, in Portadown, kan de vonk zijn die het Noord-Ierse kruitvat doet ontploffen. Uit voorzorg heeft Londen al 1 300 extra manschappen naar Noord-Ierland gestuurd. Met nog eens de nodige duizenden achter de hand.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden