Vredesmissie Ethiopië een te grote gok

Als de Kamer vandaag besluit mariniers naar de grens van Ethiopië en Eritrea te zenden, is dat fout. Het motief is onjuist en de Nederlandse troepen zouden aan een niet ongevaarlijk avontuur beginnen. Er is geen vredesakkoord maar slechts een opgelegd staakt-het-vuren.

Habtom Yohannes

Zeer waarschijnlijk neemt het kabinet vandaag een besluit over het al dan niet uitzenden van 700 Nederlandse mariniers naar het grensgebied tussen Eritrea en Ethiopië. Dat is formaliteit. Informeel is het besluit al lang beklonken.

Minister Frank de Grave van defensie is de afgelopen week druk in de weer geweest om garanties uit Canada, van de Verenigde Naties en de Verenigde Staten, los te krijgen waarmee hij de Kamer volgende week hoopt te overtuigen dat de uitzending veilig en zinvol is.

Uit het bezoek aan Amerika mag zeker blijken dat de Nederlandse overheid al lang manschappen heeft aangeboden voor de United Nations Mission to Eritrea and Ethiopië (UNMEE). Want hoe kun je garanties eisen zonder iets aan te bieden? Als iemand van Eritrese afkomst, juich ik elke missie die vrede kan brengen aan de Eritrese en Ethiopische bevolkingen van harte toe. En wanneer die bijdrage van Nederland -mijn tweede land- komt verdiept dat alleen maar mijn sympathie met het voornemen. Toch, alles overwegend, kan ik me heel moeilijk aan de indruk ontrekken dat deze missie niets van doen heeft met de vrede en veiligheid in de regio en zeker niet met het belang van beide bevolkingen.

Het is inderdaad zo dat Nederlandse belangen eerder op de Molukken liggen dan in Eritrea en Ethiopië, maar op een ander vlak dient deze missie wel degelijk Nederlandse belangen. Op zaterdagochtend 16 september hoorde ik Adriaan Verheul werkzaam bij de VN-veiligheidsmissie (UN-Peace keeping division) voor het Radio-1 journaal verkondigen dat deze missie een uitgelezen kans is voor Nederland om het Srebrenica-syndroom van zich af te werpen.

Vanuit de Eritrese en Ethiopische bevolking geredeneerd is dit zuur en hypocriet. De oorlog tussen Eritrea en Ethiopië is ruim twee jaar bezig en heeft aan zeker honderdduizenden mensen het leven gekost. Het aantal ontheemden, vooral aan Eritrese kant, loopt tegen een miljoen mensen en de economie van beide landen ligt op zijn achterste. Maar het Nederlandse parlement heeft bij mijn weten nog niet een dagdeel gedebatteerd over dit onderwerp.

Parlementariërs geven openlijk toe dat zij geen kaas hebben gegeten van het onderwerp. En toch staan ze samen met het kabinet aan de vooravond van een zeer belangrijke beslissing. Indien de uitzending doorgaat zullen de mariniers deel uitmaken van in totaal 4200 blauwhelmen die daar een vrede gaan handhaven die er eigenlijk niet is.

Eritrea en Ethiopië bereikten op 18 juni van dit jaar, moe gestreden en onder internationale druk, een akkoord tot stopzetting van de vijandelijkheden, een cessation of hostilities en niet tot een ceasefire oftewel staakt-het-vuren. Het is daarom merkwaardig dat in Den Haag en in de meeste Nederlandse media over een 'klassiek geval van peacekeeping', vredeshandhaving, wordt gesproken. Er is nog geen bestand.

Er wordt daarom wel heel lichtvaardig gedaan over het gevaar dat de mariniers daar in de regio kunnen lopen. Zoals de marinier kolonel Hoogland gisteren vanuit de Eritrese hoofdstad Asmera voor de EO-radio meldde is het gebied bezaaid met mijnen en vinden er nog kleine incidenten tussen beide landen plaats.

Kolonel Hoogland is door Nederland aan de Verenigde Naties uitgeleend om voorbereidingen te treffen voor de komst van ongeveer 100 militaire waarnemers, die vervolgens de weg vrij zullen maken voor de komst van de ruim 4000 blauwhelmen. Hij is weliswaar optimistisch over de vredesmissie, maar hij is natuurlijk niet objectief in deze kwestie. Hij moet vanzelfsprekend rekening houden met zijn werkgevers in New York en Den Haag. De blauwhelmen komen op het Eritrese grondgebied en niet langs de grens tussen beide landen. Pas twee weken na de komst van de blauwhelmen is Ethiopië bereid zich terug te trekken tot aan de grens die door Eritrea niet wordt erkend. Indien dat allemaal zonder slag of stoot plaatsvindt begint de cartografische eenheid van de VN met het moeizame proces van het tekenen en het afbakenen van de grens.

Eritrea eist dat deze werkzaamheden gebeuren uitgaande van koloniale verdragen tussen voormalige Ethiopische keizer Menelik en met name de Italianen, die van 1889 tot 1941 over Eritrea heersten. Ethiopië daarentegen weigert de koloniale grenzen te accepteren.

De vredesonderhandelingen beginnen in oktober en de verwachting is dat deze zeer moeizaam zullen verlopen. Afgezien van de grens zijn er tal van kwesties die opgelost moeten worden. Binnen Ethiopië zijn er krachten actief die de havenstad Assab als Ethipisch grondgebied opeisen. Sinds de onafhankelijkheid van Eritrea in 1993 is Ethiopië afgesloten van de zee. De duizend kilometer lange kust met de twee belangrijke havens behoort geheel tot Eritrea. En dat steekt Ethiopië. Verder is de kwestie van de schadeclaims nog onopgelost. De twee landen hebben zich wederzijds schuldig gemaakt, Ethiopië meer dan Eritrea, aan deportaties en grootschalige vernielingen van dorpen.

De situatie is veel ingewikkelder dan het kabinet ons wil doen geloven.De Grave schijnt ook een garantie in zijn zak te hebben van de Amerikanen dat zij bij een nieuwe oorlog bereid zullen zijn de mariniers in veiligheid te brengen. De D66-er Hoekema riep onlangs ook dat de mariniers zich kunnen terugtrekken wanneer de twee landen de vijandelijkheden zouden hervatten.

Dat doet de vraag rijzen: en de Eritrese en Ethiopische bevolking dan? Een vredesmissie roept bepaalde verwachtingen op bij de bevolking, vooral hoopt zij dat zij zal worden beschermd. Dat hebben wij gezien in Srebrenica, Rwanda en Sierra Leone. De bevolking dacht veilig te zijn bij de blauwhelmen, maar die waren toen al vertrokken. Zo kan je niet met mensen omgaan.

Ik houd mijn hart vast, dat mijn Nederland straks mijn Eritrese volk in de steek zal laten, wanneer Ethiopië de aanval opent om de komende onderhandelingen meer onder druk te zetten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden