Review

’Vrede handhaven? We zorgen wel dat het oorlog wordt’

Rende van de Kamp is één van de weinige Nederlandse huurlingen. Vechten wilde hij, het maakte niet uit waar of voor wie. Unifil en Defensie waren hem te tam. Alleen het vreemdelingenlegioen bood genoeg actie. En later de politiek.

Na de 25.000 Nederlanders die in de Tweede Wereldoorlog vrijwillig dienst namen in Hitlers Waffen-SS zijn er nog maar weinig Nederlanders in vreemde krijgsdienst getreden, hoewel het aan oorlogen niet ontbroken heeft.

De 46-jarige Rende van de Kamp is een van de weinige naoorlogse huurlingen geweest. Hij ging in 1978 van school om zijn dienstplicht vervroegd te vervullen. Nog in dienst meldde hij zich bij het leger van het racistische blanke minderheidsregime in Rhodesië, het huidige Zimbabwe. Hij kon er terecht, maar eerst wilde Van de Kamp zijn tijd uitdienen. In 1979 ging hij met het Unifil-detachement naar Libanon als deel van een buffermacht tussen Israël en de Palestijnen.

Zijn beschrijving van de aankomst in Libanon is veelzeggend: ,,Het vliegtuig landde en taxiede langs een paar uitgebrande vliegtuigwrakken. Overal kogelgaten. Prachtig! Precies wat we gehoopt hadden.” Van de Kamp wilde graag de oorlog in ,,Vrede handhaven? We zorgen wel dat het oorlog wordt!”, citeert hij enkele medestrijders. ’Mannen naar mijn hart’, voegt hij eraan toe.

Terug uit Libanon probeert Van de Kamp commando te worden in het Nederlandse leger. Dat lukt hem niet. Rhodesië was geen optie meer want dat heette intussen Zimbabwe. Het Zuid-Afrikaanse leger staat Van de Kamp ook wel aan. Het apartheidsregime kan in Nederland echter geen recruten aannemen en hij wil niet zonder contract afreizen naar Zuid-Afrika.

Van de Kamp besluit om dienst te nemen in de christelijke milities van majoor Haddad, een van de partijen in de burgeroorlog die Libanon begin jaren tachtig teisterde. Na zijn afzwaaien uit Haddads ongeregelde legertje, gaat hij in 1982 als lid van een multinationale vredesmacht naar de Sinaï (nadat de Egyptische president Sadat en de Israëlische premier Begin een vredesakkoord hadden bereikt). Van de Kamp was al na een paar maanden terug. Hij raakte in dronkenschap betrokken bij een vechtpartij en werd door defensie ontslagen.

Nieuw avontuur wachtte. Van de Kamp ging een staatsgreep voorbereiden tegen Desi Bouterse die op 25 februari 1980 de macht had gegrepen in Suriname. De Raad voor de Bevrijding van Suriname van ex-president Henk Chin A. Sen zat achter de plannen. Van de Kamp charterde wat Duitse huurlingenvriendjes die vast naar Amsterdam kwamen. Daar huisden ze op verschillende adressen en maakten alle mogelijke plannen. Daar bleef het bij.

Na deze episode nam Van de Kamp dienst in het Vreemdelingenlegioen. Hij zat in een compagnie van scherpschutters en saboteurs, maar de meeste actie lijkt hij beleefd te hebben in de soldatenbordelen van Djibouti. In het Vreemdelingenlegioen ontmoette hij nogal wat Kroatische, Servische en Bosnische legionairs die het later tot hoge rangen zouden brengen in de oorlogen die volgden op het uiteenvallen van Joegoslavië. Na vijf jaar liep Van de Kamps contract af, hij vertrok naar Parijs, maar al snel ging hij terug naar het Vreemdelingenlegioen. De Golfoorlog bood een nieuwe kans om eindelijk eens gevechtsactie mee te maken. Ook deze keer kwam het er niet van. Sergeant Van de Kamp zwaaide begin 1992 af en vertrok naar Joegoslavië.

Hij nam dienst bij de HOS, de militie van de HSP (Kroatische Partij van het Recht) die streefde naar een Groot-Kroatië (Kroatië, Bosnië-Herzegovina en delen van Italië). Eindelijk maakte hij de echte oorlog mee waarnaar hij zo verlangd had. In Kroatische dienst vochten veel meer huurlingen, ex-legionairs maar bijvoorbeeld ook een groepje Nederlandse vrijwilligers dat door de Nederlandse Kroatische Werkgemeenschap geronseld was. Die NKW was nauw verbonden met de in november 1998 verboden CP’86. In de herfst van 1992 keerde Van de Kamp uit Kroatië terug naar Nederland. Daar stopt zijn boek.

Niet lang na zijn terugkeer werd hij actief in de extreem-rechtse CP’86. Hij was vooral druk met het verzamelen van inlichtingen over politieke tegenstanders. In 1996 maakte Van de Kamp zich schuldig aan ernstige bedreigingen tegen de Rotterdamse PvdA-politicus Hans Simons en zijn gezin. In 1997 was hij betrokken bij een clubje neo-nazi’s , de Nationale Revolutionaire Actie. Tegenwoordig werkt hij in de horeca.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden