Vragen we niet te veel van de politici?

Grote vragen over leven en dood, gezondheid en ziekte, moeten we eerst aan elkaar stellen. En dan aan de politiek.

Annemarieke van der Woude

Nu er nog steeds geen kabinet is geformeerd, en alle mogelijke combinaties van partijen nog openliggen, zijn de adviezen niet van de lucht. Over hypotheekrenteaftrek en de woningmarkt, over kenniswerkers en immigratiebeleid: goede raad lijkt in deze tijd van coalitiebesprekingen helemaal niet duur.

’Maak ouderen warm voor een tweede carrière in de zorg’, luidt een andere suggestie (L. Bovenberg e.a., Trouw, 8 juli). Zo vang je twee vliegen in één klap: een zinvolle tijdsbesteding voor de oudere werknemer en het tekort in de zorg opgelost. „Trek dan ook extra geld uit voor de sector, zodat het werk meer is dan productie draaien”, is een reactie (Y. den Brok, Trouw 21 juli). Weer anderen bepleiten de invoering van een nieuw zorgconcept als manier om te bezuinigen: „Aandacht voor kwaliteit van leven bespaart kosten” (J. Schuurmans e.a., Trouw 20 juli).

Nu zal ik de laatste zijn om te beweren dat wat er aan opvattingen leeft in de maatschappij, niet ook zijn weerslag zou moeten krijgen in politieke besluitvorming. Toch vraag ik me af of we niet te veel haast maken. Houden we onszelf niet voor de gek als we denken dat kwesties rond leven en dood en gezondheid en ziekte op te lossen zijn met een deugdelijk regeerakkoord en goede wetgeving? Overvragen we politici niet als we verwachten dat zij dat allemaal voor ons zullen regelen?

Wij zien inmiddels de dood na ons zeventigste als een redelijk alternatief voor verder leven, terwijl onze grootouders zichzelf als gezegende mensen beschouwden, mochten zij die leeftijd bereiken. We hollen van de ene specialist naar de andere, ondertussen op onze iPad surfend naar de laatste informatie over de ziekte waaraan we lijden. En als dan blijkt dat de arts niets meer voor ons kan betekenen, verlangen we dat hij ons de dood aanbiedt. Dat is de wereld waarin wij zijn terechtgekomen.

Het is altijd gemakkelijker om naar een ander te kijken dan naar jezelf. Als de verwarring steeds meer bezit neemt van onze hoogbejaarde moeder en opname in een verpleeghuis onvermijdelijk wordt, en zij daar bovendien te maken krijgt met een heer die zich, met tranen in de ogen, vastklampt aan iedere bezoeker, dan nog is er geen echtgenoot of dochter, geen vriendin of zoon, die aandringt: „Zet dit leven stop. Liever dood, dan in dit sterfhuis.” Een geliefde blijft een mens om van te houden, ook als zij niet meer is wie zij vroeger was.

De wetenschap dat moeder dit leven nooit gewild zou hebben, veroorzaakt wel een moreel dilemma. Het recht op zelfbeschikking botst hier met het goed dat iemand die wilsonbekwaam is geworden (juridische) bescherming verdient. Maar mij lijkt het de vraag te zijn of de politiek de plaats is waar een antwoord moet worden geformuleerd op deze ethische kwestie.

Als we dan, nadat we jarenlang hebben gestudeerd en een loopbaan hebben uitgestippeld die perspectief biedt, eindelijk zwanger raken en het kindje blijkt het syndroom van Down te hebben, is er verdriet rond het kraambed. Om jaren later vast te stellen dat deze vrolijke mongool kans ziet om mensen bij elkaar te brengen op een manier die gezonde volwassenen niet lukt.

Terwijl het ons wel lukt om anderen te beloven dat we hen niet in de steek zullen laten en voor hen zullen blijven zorgen, stellen we ons onze eigen laatste levensfase als eenzaam voor. Als we denken aan de mensen die om ons geven, is dat vooral in termen van de last waarmee we hen opzadelen als we hulpbehoevend worden.

Blijkbaar ervaren we dit als een tijd waarin we meer dan ooit op onszelf zijn teruggeworpen en daarom willen we alvast onze maatregelen treffen voor later. Maar voordat we de politici al mailend en twitterend bestoken met onze eisen en verlangens, moeten we elkaar bestoken met de vragen die ons bezighouden. En dan pas hen.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden