Voorzichtige opleving van huizenmarkt

Verkoop stijgt, prijzen dalen minder snel

Het diepste dal op de woningmarkt lijkt gepasseerd. Er zijn in de laatste drie maanden van 2013 meer woningen verkocht en de prijzen dalen minder snel. De opleving is volgens makelaarsorganisatie NVM, die gisteren de cijfers over vorig jaar bekendmaakte, te danken aan het toegenomen consumentenvertrouwen, relatieve politieke rust en de lage rente.

In het laatste kwartaal wisselden 7 procent meer huizen van eigenaar dan in dezelfde periode vorig jaar. Vergeleken met een kwartaal eerder was de toename 20 procent. Het is het beste kwartaal sinds de crisis uitbrak in 2008, stelt de NVM. Over heel 2013 zijn er naar schatting ruim 2 procent meer woningen verkocht. Dat is iets meer dan het als dramatisch gekenschetste 2012, toen er 117.000 transacties waren, ook niet-NVM woningen meegeteld.

De prijzen daalden gemiddeld met 1,1 procent, vergeleken met een jaar eerder. Een koophuis kost nu gemiddeld 207.000 euro. Afgezet tegen het derde kwartaal werden huizen de afgelopen drie maanden duurder, met 1,5 procent.

De NVM waakt voor te veel euforie. Het herstel van de woningmarkt duurt nog jaren, denkt voorzitter Ger Hukker. Het aantal transacties ligt nog ver af van de top in 2008, constateerde hij gisteren. De bij de NVM aangesloten makelaars verkochten afgelopen jaar ruim 87.000 woningen. Vlak voor het begin van de crisis waren dat er 150.000, rond 2000 wisselden 110.000 NVM-huizen van eigenaar. Hij hoopt dat 2014 'een meer bestendig' herstel laat zien en gaat uit van een toename van de verkopen met 5 procent.

De organisatie signaleert opmerkelijke verschillen tussen oud en nieuw aanbod. De grotere dynamiek op de woningmarkt komt vooral van huizen die vers op de markt komen. Die zijn reëler geprijsd en worden daardoor snel verkocht. Prijzen van woningen die al langer te koop staan, zijn in veel gevallen nog te hoog.

Volgens de NVM waren woningcorporaties in een aantal steden verantwoordelijk voor een aanzienlijk deel van de verkopen afgelopen jaar. In Amsterdam en Rotterdam maakten ex-huurwoningen een derde deel uit van de totale verkopen. In Zoetermeer was dat 24 procent, in Delft 42 procent. Het verschilt nogal per stad in hoeverre deze huurhuizen aan de zittende huurders worden toebedeeld. In Amsterdam en Rotterdam is dat 10 procent, in Zoetermeer 42 procent.

Niet alle soorten woningen deden het even goed. Vooral tussenwoningen en appartementen gingen het afgelopen kwartaal van de hand. Hoekwoningen en twee-onder-een-kappers bleven achter bij het gemiddelde. Huizen staan gemiddeld 154 dagen te koop. Een jaar geleden was dat nog 171 dagen. Het totale aanbod aan koopwoningen is in een jaar tijd flink gedaald, met 7,8 procent.

Verhuizer merkt weinig
Nederlandse verhuisbedrijven hebben het afgelopen jaar nauwelijks geprofiteerd van het beginnende herstel op de woningmarkt. Dat komt vooral doordat er veel goedkopere huizen werden verkocht. Kopers daarvan maken bijna geen gebruik van professionele verhuisbedrijven. Dat zei Peter Overvliet, directeur van Branchevereniging Erkende Verhuizers, gisteren. In 2013 waren er volgens hem 10 procent minder verhuizingen vergeleken met het jaar daarvoor. "Traditioneel zitten onze klanten in het duurdere segment." De verhuismarkt trekt sinds de tweede helft van vorig jaar wel 'heel voorzichtig' aan, met 1 à 2 procent.

Verschillen regio groot
Minister Stef Blok (wonen) is tevreden met de gestegen verkoop van woningen. Het vertrouwen komt terug, constateerde Blok. Hij wijst er wel op dat de huizenmarkt nog een weg te gaan heeft, met name omdat er grote regionale verschillen in de cijfers zitten. Volgens Blok worden die groter, doordat er meer behoefte is om in de stad te wonen. In de provincie Groningen is sprake van een duidelijke trek van platteland naar stad. Blok heeft met de woningcorporaties afspraken gemaakt om verrommeling in krimpgebieden te voorkomen. Als corporaties huizen waar geen animo meer voor is slopen, krijgen ze een vermindering op de verhuurderheffing.

In Noordoost-Friesland leefde de gedachte: dit gaat niet lang duren
De regionale verschillen in de ontwikkeling van de prijzen van koopwoningen het afgelopen jaar zijn groot. Neem Noordoost-Friesland. Daar zijn de prijzen vergeleken met een jaar geleden flink gestegen. Meer dan in de populaire stedelijke gebieden.

Hoe kan dat? Albrecht van Tol, voorzitter van NVM Friesland, verklaart dat uit een 'inhaalslag'. "Het is een krimpgebied en deed het altijd minder dan het zuiden van Friesland terwijl midden-Friesland enigszins stabiel is. Maar in het noordoosten van de provincie is het het afgelopen jaar opvallend goed gegaan. Mensen hebben heel lang hun koop uitgesteld. Op een gegeven moment wordt de betaalbaarheid van de huizen zo goed dat mensen denken: dit gaat vast niet lang duren. Er is goed aanbod, een goede rente, we gaan ervoor. Zo komen er meer transacties en zakken verkopers minder met hun vraagprijs. Als je dat treintje eenmaal in beweging krijgt, dan volgen er meer. Je ziet ook in Friesland dat de doorstroming op gang komt. Lange tijd gingen vooral de goedkope woningen van de hand, tot 150.000 euro. Nu komen er meer huizen bij tussen de 200.000 en 275.000 euro."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden