Vooruit, de keuken in met die puber.

Wat is het toch zonde, vond de voormalige directeur Charlotte Borggreve van het kinderkookkafé in Amsterdam: jonge kinderen vinden koken meestal hartstikke leuk. In buurthuizen door het hele land en in het kafé in Amsterdam volgen kinderen tot een jaar of acht met veel enthousiasme kookcursussen. En daarna zou het opeens afgelopen zijn? Dan volgt een toekomst vol pubers die met een afhaalpizza op schoot voor de televisie zitten? Mede-auteur Gerda Hahn zocht samen met Charlotte Borggreve naar recepten die jongeren in de leeftijd dertien tot achttien jaar zouden aanspreken onder het motto: het tijdperk van de ouderlijke slavernij is voorbij, ga zelf ’ff koken’.

Borggreve schreef eerder kookboeken voor kinderen. Een kookboek voor pubers is anders. Borggreve: ,,Het moet niet te kinderachtig zijn, het is een beetje rommelig geworden met veel kleur. Maar de schoolfrik in mij kwam toch om de hoek kijken. Ze moeten er wel iets van leren dus er zitten stukjes tekst bij de recepten: Waarom zit er saffraan in de risotto? En het is multicultureel. Je kunt pompoensoep op z’n Nederlands maken maar als je er nog wat extra’s in doet heb je Indiase pompoensoep. Overal in de wereld wordt pompoensoep gegeten tenslotte, dus ga zelf maar uitvinden wat het lekkerst is.”

De recepten werden uitgetest door de pubers van de schrijfsters zelf. Die moesten het makkelijk te maken vinden, want aan iets te ingewikkelds hoef je niet te beginnen op die leeftijd. Borggreve: ,,Ze gaan toch op het laatste moment bedenken wat ze zullen gaan koken en net voor sluitingstijd boodschappen doen. Ingewikkeld hoeft het ook helemaal niet te zijn. Het is juist de bedoeling om op een onnadrukkelijke manier te laten zien, dat je zonder veel moeite ook iets gezonds kunt koken. Je moet kinderen leren zich bewust te worden van wat ze eten. Een afhaalmaaltijd is zo gekocht, maar de vetzucht ligt overal op de loer tegenwoordig. Als ouder heb je daar een verantwoordelijkheid in. Dus de keuken in met dat kind. Kleine kinderen vinden het vaak heel leuk om mee te helpen maar ouders vinden het vaak een heel gedoe. Stoeltje erbij voor het aanrecht. Ze worden vies, het gaat mis, maar toch is het goed. Het is gedoe, maar het hoort er wel bij. Leren koken is ook leren voor jezelf te zorgen. Het geeft eigenwaarde.”

Koken heeft echter, zacht uitgedrukt, geen prioriteit in de leeftijdsgroep. Maar voor pubers is een kookdag eens per week of twee weken een goed idee, vindt Borggreve. Dan moet je ze wel een beetje vrij laten in wat ze doen. ,,Waarom zou vader of moeder altijd moeten koken? Die zijn ook vaak moe als ze gewerkt hebben. Maar je moet jongeren stimuleren. Er heeft een tijd iets geheerst van ’laat die kinderen’, maar tegenwoordig zijn pedagogen en andere deskundigen het er wel over eens dat kinderen grenzen nodig hebben en ouders eisen moeten stellen. Veel ouders willen natuurlijk geen discussies met kinderen die geen zin hebben in koken, maar je kunt beginnen met speciale gelegenheden. Een kind dat zijn gasten op zijn of haar verjaardag zelfgemaakte sushi kan voorzetten, oogst bijzonder veel bewondering en vindt dat echt heel leuk. Dit boek moet je maar zien als hulpmiddel.’’

Er zit een apart hoofdstukje in met fastfoodrecepten. Dat is meer dan een patatje en hamburgers. In Indonesië kun je bij stalletjes op straat saté eten, in Hongarije maïskolven en in Pakistan chaat. Maar er staat wel degelijk een recept in met patat (ovenfriet die afgedept worden met keukenpapier, zodat ze niet zo vet zijn). Koken was van oudsher in Nederland nogal streng en saai. Menig kookboek schrijft nog tot op de gram voor wat je precies moet doen. Borggreve: ,,Natuurlijk, de doorgekookte andijvie van onze moeders staat nog in het geheugen gegrift. Die boeken waren geschreven alsof het niet anders mocht. Nederland heeft van zichzelf natuurlijk ook een hele saaie keuken: erwtensoep en andijvie als hoogtepunten. Het zijn vooral prakjes. Kijk dan eens naar Vietnam of Marokko, die keuken is veel spannender. Gelukkig zijn die invloeden hier naartoe gekomen.’’

Ook op televisie wordt tegenwoordig bijna dagelijks gekookt. Borggreve: ,,Iemand als Jamie Oliver heeft bijna de status van een popster. Hij heeft het koken losser gemaakt. Bij hem geen afgewogen hoeveelheden, Oliver werkt met ’handjes’. Handje van dit, handje van dat, en zie zelf maar wat je het lekkerst vindt. En hup weer op die scooter naar de markt. Dat spreekt jongeren aan. Die zitten er niet op te wachten om de groenteschotel van hun moeder precies na te maken. In ons boek zeggen we: experimenteer, pas de recepten aan en zoek uit wat je zelf het lekkerst vindt. Als ze die keuken maar ingaan, daar gaat het om.”

’ff koken’ door Charlotte Borggreve en Gerda Hahn 17,50 euro

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden