Voorhoeve: vals bericht over Srebrenica

Een begrafenis van 282 Bosnische moslimmannen in 2003. Dit jaar wordt de val van de moslimenclave Srebrenica en de daaropvolgende massamoord voor de twintigste keer herdacht. In 1995 werden meer dan 8000 mannen en jongens uit de belegerde enclave gedood na een invasie door Bosnisch-Servische troepen. Beeld EPA
Een begrafenis van 282 Bosnische moslimmannen in 2003. Dit jaar wordt de val van de moslimenclave Srebrenica en de daaropvolgende massamoord voor de twintigste keer herdacht. In 1995 werden meer dan 8000 mannen en jongens uit de belegerde enclave gedood na een invasie door Bosnisch-Servische troepen.Beeld EPA

Volgens oud-minister van defensie Joris Voorhoeve was al lang bekend dat hij op 11 juli 1995 heeft gebeld om een luchtaanval bij Srebrenica niet door te laten gaan. Hij reageert daarmee op het verhaal in De Telegraaf, waarin oud-luchtmachtofficier Bart Wagenaar vertelt hoe Voorhoeve opdracht gaf de aanvallen te stoppen.

Voorhoeve spreekt van "een vals bericht". Hij wijst erop dat zijn verzoek die dag ook geen effect heeft gehad, omdat de Verenigde Naties zelf de aanval op dat moment al hadden afgeblazen. De gebeurtenissen staan beschreven in het NIOD-rapport over de val van de door Nederlandse militairen beschermde moslimenclave Srebrenica.

Hij legt uit dat de aanval op Srebrenica op 6 juli begon en dat toenmalig Dutchbatcommandant Thom Karremans daarna vele malen luchtsteun aanvroeg. De VN reageerden steeds negatief op die verzoeken, aldus Voorhoeve.

Op 9 juli gaf Voorhoeve te kennen dat de VN dit niet konden maken. Op 10 juli zouden veertig vliegtuigen dan toch luchtaanvallen gaan uitvoeren. Maar dat gebeurde om volgens Voorhoeve nog altijd onduidelijke redenen niet.

Pas op de middag van 11 juli verschenen er vier gevechtsvliegtuigen. Volgens Voorhoeve was dit veel te laat, omdat de enclave toen al was gevallen. Een Nederlandse F-16-pilote schakelde nog wel een tank uit.

Oud-defensieminister Joris Voorhoeve. Beeld Jörgen Caris, Trouw
Oud-defensieminister Joris Voorhoeve.Beeld Jörgen Caris, Trouw

De Bosnisch-Servische generaal Mladic belde daarop met Dutchbat en dreigde gegijzelde militairen van Dutchbat te executeren en Srebrenica te beschieten met mortieren. "Dat zou een bloedbad worden", aldus Voorhoeve.

Volgens Voorhoeve waren hij en toenmalig minister van buitenlandse zaken Hans van Mierlo het toen eens dat de aanvallen gestaakt moesten worden.

Minister Jeanine Hennis van defensie beaamt dat er geen nieuws is. De conclusie in het NIOD-rapport is volgens Hennis ook dat het telefoontje van Voorhoeve onnodig was, omdat de VN al besloten hadden de luchtsteun te staken. Er is al heel veel gezegd en geschreven over dit onderwerp, aldus de bewindsvrouw. "Het blijft een gevoelig onderwerp."

Volgens Voorhoeve wordt binnenkort mogelijk meer duidelijk over waarom de VN de luchtmacht niet tijdig en adequaat inzetten. Op 1 juli wil hij daar schriftelijke bewijzen voor publiceren. Op 29 juni wordt hier een programma op tv van de VPRO en Human aan gewijd.

De Bosnisch-Servische legerleider Ratko Mladic (L) en de politiek leider van de Bosnische Serviërs Radovan Karadic (R) in april 1995. Beeld AP
De Bosnisch-Servische legerleider Ratko Mladic (L) en de politiek leider van de Bosnische Serviërs Radovan Karadic (R) in april 1995.Beeld AP
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden