Vooral in Prokofjev en Liszt maakt Rus Luganski indruk

Nikolai Luganski in Concertgebouw Amsterdam op 24/1.

Al vanaf jonge leeftijd treedt de Russische pianist Nikolai Luganski met groot succes in Nederland op. Vanaf het begin maakte hij indruk doordat hij zijn stevige, Sovjet-geschoolde techniek wist te combineren met een sympathieke eerlijkheid ten opzichte van de muziek en het zoeken naar de muzikale inhoud. Die laat hij altijd prevaleren boven effectbejag. Excentriciteit is hem vreemd en daarin onderscheidt hij zich van veel van zijn land- en generatiegenoten.

De inmiddels 39-jarige Luganski heeft in bovengenoemde kwaliteiten alleen maar verdieping aangebracht. Daarbij is zijn muzikale kleurenpalet aanzienlijk rijker geworden, zo bleek tijdens het Meesterpianistenrecital in het Concertgebouw. De allure van zijn pianospel kwam vooral tot uitdrukking in de tweede programmahelft, waarin hij werken speelde die dicht bij zijn opvoeding en cultuur lagen, zoals de Vierde sonate van Sergei Prokofjev.

Dit tamelijk donkere stuk is geen muziek om het grote publiek mee te paaien, maar dankzij de grote muzikale intensiteit die Luganski in zijn vertolking legde, lukte dit wel. Imponerend waren vervolgens zijn vertolkingen van virtuoze stukken van Franz Liszt. Een schitterende tooncultuur en spannende opbouw realiseerde hij in diens ’Sposalizio’. Beeldend vertolkte hij vervolgens Liszts etude ’Chasse neige’ – lieflijke vlokjes, die spoedig tot een hevige sneeuwjacht leiden. Absoluut technisch meesterschap was ten slotte te horen in Liszts Etude in f-klein.

Terecht bejubelde het publiek hem na deze geweldige prestatie. Luganski beantwoordde de bijval met drie geraffineerde Rachmaninov-transcripties als toegiften: een Gavotte uit een vioolpartita van Bach en het duo ’Liebesleid’ en ’Liebesfreud’ naar de gelijknamige vioolstukken van Fritz Kreisler. In ’Liebesfreud’ was zijn vingertechniek duizelingwekkend, maar in ’Liebesleid’ was merkbaar dat Luganski een beetje te netjes is om in deze geavanceerde salonmuziek schmierend te kunnen spelen.

Durf en brutaliteit ontbraken voor de pauze ook in sommige van de delen uit Albéniz’ ’Iberia’ en Granados’ ’Goyescas’. De perfecte uitvoering was muzikaal en verhalend, maar schoot tekort in spontaniteit. Spanje ligt in muzikaal opzicht ver van Rusland. Dat gold ook voor Frankrijk. In de ’Suite bergamasque’ van Claude Debussy wist de Russische pianist geen raad met de bij deze stijl behorende helderheid. Luganski gaf de muziek een sausje van Russisch pathos waardoor zijn uitvoering soms dichter bij Rachmaninov dan Debussy kwam te staan. Deze in stilistische zin minder gelukkige start werd gelukkig vooral na de pauze ruimschoots goedgemaakt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden