Vooral gehandicapte kwam in bedelaarskolonie terecht

Oord voor 'luilevende armen' in Ommerschans was gebaseerd op denkfout, blijkt uit boek

Bedelaarskolonie Ommerschans werd in 1822 opgericht om gezonde mannen die wel konden, maar niet wilden werken - 'luie buiken' - op te voeden. Uit archieven blijkt dat de inrichting uiteindelijk vooral bevolkt werd door gehandicapten en alleenstaande moeders die nergens anders heen konden.

Dat ontdekte schrijver Wil Schackmann die daarover onlangs het boek 'De bedelaarskolonie' publiceerde over de inrichting voor 'landlopers, luilevende armen, onbeschaamde deugnieten en zedelooze voorwerpen' die in 1822 in het Overijsselse Ommerschans werd gesticht door de Maatschappij van Weldadigheid.

Die club van weldoeners zag het levenslicht toen als gevolg van de zieltogende economie de armoede om zich heen greep. In sommige steden was de helft van de bevolking niet staat om in zijn onderhoud te voorzien. Bedelaars vormden een vast én ongewenst onderdeel van het straatbeeld. De oplossing zag men in het bieden van werk. "De kolonie was gebaseerd op de denkfout dat de werkgelegenheid afhankelijk was van de werkijver van werkzoekenden. Dat heeft nooit zo gewerkt, maar dat wilden zij toen niet inzien", aldus Schackmann.

De steden mochten vanaf 1822 gearresteerde bedelaars - het vragen om aalmoezen was toen verboden - naar Ommerschans sturen om die daar te laten heropvoeden. Na een jaar of vijf merkten de beheerders dat de steden ook invaliden binnensmokkelden. "Aanvankelijk werden die weer teruggestuurd", zegt Schackmann, "maar omdat die mensen nergens anders terecht konden, zijn zij gezwicht en accepteerden zij die mensen. Gemeenten moesten wel naar gelang de zwaarte van de handicap bijbetalen."

Een vergeten groep vormden de alleenstaande moeders - weduwen maar ook vaak ongehuwd zwanger geworden meisjes - die niet in hun onderhoud konden voorzien en aan het bedelen raakten. Maar ook bejaarden en mensen met geestelijke problemen konden in het buurtschap ten noorden van Ommen terecht.

Volgens Schackmann dekte de term 'onvrije kolonie' niet helemaal de lading. Zieken of stervenden of anderen die niet in eigen onderhoud konden voorzien, meldden zich na verloop van tijd ook vrijwillig aan. "Zij kregen daar minstens één warme maaltijd per dag. Dat was meer dan wat zij in vrije toestand kregen."

Schackmann concludeert dat de oprichters van de kolonie nooit de doelgroep heeft kunnen vinden waar ze voor bedoeld was. Als de gezonde landlopers al binnen waren, liepen ze binnen de kortste keren weer weg of namen zij dienst bij de overzeese troepen of bij de marine.

Toch bleef het bestuur van de kolonie Ommerschans vanaf begin tot eind schrijven over heropvoeding en het teruggeven aan de samenleving van mensen die hebben geleerd dat je moet werken voor de kost, die met harde hand is afgeleerd om te profiteren van het gegoede deel van Nederland.

Volgens Schackmann was de inrichting trots op de regel dat bewoners zich konden 'vrijwerken'. Het kostte 91 cent per week om iemand te onderhouden. De mannen konden werken op het land of in de spinnerij en alles wat zij in die week meer dan 91 cent verdienden werd opgeschreven. Als zij 25 gulden hadden verdiend, kwamen zij voor ontslag in aanmerking.

"Dan gingen zij 'lustig en verbeterd' de samenleving weer in, om daar te ontdekken dat er helemaal geen werk was. Binnen de kortste keren stonden zij weer bij Ommerschans op de stoep", zegt Schackmann. "Toch bleven bestuurders in hun werk geloven, dwars tegen de werkelijkheid van de bedelaarskolonie in. Blijkbaar was de manier van denken, in termen van profiteurs, voor veel mensen prettig en geruststellend."

Wil Schackmann, De bedelaarskolonie. De Ommerschans: het eerste landelijk gesticht voor luilevende armen. Van Gennep. 320 blz. euro 18,90

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden