Naschrift

Voor Tine Boeke (1919-2018) was niets doen geen optie

Beeld Dana Ploeger

Ze deed graag iets goeds. Zoals tientallen Joodse kinderen redden, door ze persoonlijk naar hun onderduikadressen te brengen. 

Tine Boeke liet zich door niets en niemand uit het veld slaan. Ze was een aartsoptimist met een enorme drang tot handelen. Op haar zachtaardige, welbespraakte manier kreeg ze ongelooflijk veel voor elkaar. Niets doen was geen optie voor haar. Zo regelde zij in de Tweede Wereldoorlog onderduikadressen voor talloze Joodse kinderen en bracht ze hen er kloekmoedig zelf naartoe. Ze wist haarfijn wie ze wel en niet kon vertrouwen.

Die antenne had ze ontwikkeld in haar jeugd. Ze had veel moeite met haar vader, Pieter Kramer, die veel geld verkwistte, dronk en haar moeder sloeg, op wie ze erg dol was. In haar zag Tine de krachtige, zelfstandige vrouw die ze later zelf zou worden. Het gezin verhuisde kriskras door Nederland, wat Tine geen goed deed. En het lukte niet met haar zeven jaar oudere zus Lida een innige band te krijgen.

Na de scheiding van haar ouders in 1927 zag ze haar vader nooit meer. Ze ging met haar moeder en zus bij haar grootouders in Alkmaar wonen: vreselijk vond ze dat huis met die oude mensen. Ze zocht houvast in de muziek. Tine speelde begenadigd piano - Grieg, Chopin, Bach - en zong graag. Op de hbs maakte ze er furore mee en trad veel op.

Gelegenheidshuwelijk

Op haar 19de begon ze aan de verpleegkundeopleiding in Zaandam. In het ziekenhuis verpleegde ze in 1939 twee Duits-Joodse gevluchte mannen en ze begreep uit hun verhalen dat de oorlog dichterbij kwam. Eerst kon ze nog prima haar werk doen, maar de felle Tine had steeds vaker woorden met de ziekenhuisdirecteur, een NSB'er. Ze werd op tijd gewaarschuwd dat ze opgepakt zou worden en vluchtte midden in de nacht met haar vriend Herman Waage naar Amsterdam.

De volgende dag trouwden ze, zodat zij een andere achternaam kreeg. Zelf noemde Tine het een gelegenheidshuwelijk. Vanaf dat moment werd ze actief in een kleine verzetsgroep, samen met kunstenares Riete Gompertz, die vakkundig persoonsbewijzen vervalste. Tine was dag in dag uit bezig met onderduikadressen zoeken voor Joodse kinderen. Ze bracht ze zelf weg, door heel Nederland. Zoals Herman Polak, die achttien keer naar een ander, veiliger adres moest.

"Mijn onderduikkindjes" noemde ze hen, ook toen zij haar als volwassenen nog vaak bezochten. In 1984 kreeg Tine de Yad Vashem onderscheiding uitgereikt in Israël. Met Riete bleef ze altijd bevriend, tot op hoge leeftijd dronken ze wekelijks samen een oude jenever. "Zo'n vanzelfsprekende, warme vriendschap tref je niet vaak."

Tine Boeke samen met haar vriendin Riete Gompertz met wie ze samen in het verzet zat. Beeld Dana Ploeger

Overtuigd vegetariër

Op 1 augustus 1943 werd Tine opgepakt toen ze net bij de oudeheer Heineken duizend gulden had opgehaald voor hun verzetswerk. "Zo jammer, vooral vanwege dat geld." Tine zat een tijd gevangen aan de Amstelveenseweg en werd naar Kamp Vught overgeplaatst. Ze maakte zich daar nuttig als verpleegster en had genoeg te eten. Hoewel ze ook eten weigerde: als overtuigd vegetariër at ze geen soep met vlees.

In Vught bleef Tine zich verzetten, ze smokkelde berichten naar buiten als ze in het Bossche ziekenhuis assisteerde bij operaties. Dat kwam uit en samen met 73 andere vrouwen werd ze plots opgesloten in een krappe bunker. Tien vrouwen stierven die koude januarinacht in 1944, die de geschiedenis zou ingaan als het 'bunkerdrama'.

Dat najaar werd Tine op transport gezet naar kamp Ravensbrück. 'Hierbij vergeleken was Vught een eldorado', schreef ze in een boekje dat ze later voor haar kleinkinderen schreef. Daarna zat ze nog gevangen in Köpenick en Sachsenhausen. Ze overleefde door bezig te blijven, haar inzet als verpleegkundige hielp daarbij. En ze bleef altijd zingen. "Ik heb in mijn leven niet zoveel gezongen. Dat zorgde voor rust in de groep."

Pleegkinderen

April 1945 werd Tine bevrijd, onder anderen door de Poolse chirurg Karl Sjain, op wie ze hevig verliefd werd. Met hem bekeek ze vanaf de trappen van de kapotte Reichstag de puinhopen in Berlijn. Ze zag tastende mensen op zoek naar voedsel en dacht: ach, dit zijn toch ook maar mensen. Ze werd nooit haatdragend, dat paste niet bij haar.

Twee maanden later keerde Tine terug bij haar moeder in Alkmaar. Ze ontdekte dat ze zwanger was en schaamde zich zo, dat ze een abortus onderging. Een jongetje. Wat vond ze het akelig om dat geheim alleen te dragen. Ze scheidde in goed overleg van Herman Waage en maakte zich klaar om naar Karl in Warschau te reizen. Maar op de dag van vertrek werd haar moeder plotseling ziek. Ze durfde haar niet alleen te laten en schreef Karl dat ze niet kon komen.

Korte tijd later kwam ze Pieter Boeke tegen bij een concert, ze kende hem nog van de middelbare school. Ze trouwden in 1946 en kregen twee kinderen, Joan en Saskia. Ze verhuisden naar Haren, zodat Pieter kon werken bij de universiteit in Groningen, waar hij later hoogleraar klinische en medische psychologie werd. Al gauw kwamen er twee pleegkinderen bij: Bob en Emmy. Ze hield van het moederschap, ze was altijd in de weer met de kinderen.

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Tine Boeke met haar man Pieter. Beeld Dana Ploeger

Als Tine met haar ruimhartige acties doordraafde, zorgde de erudiete, wat verlegen Pieter voor de nodige balans. Ze hadden een fijn huwelijk. Al maakte ze ook mee dat er op een Sinterklaasavond ineens een onbekend pakje was voor Pieter - van zijn minnares. Het huis was te klein, Tine stelde hem direct een ultimatum. Zij liet niets rustig over zich heen komen.

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Tine Boeke met haar kinderen Joan en Saskia. Beeld Dana Ploeger

Op haar 47ste begon ze nog aan een studie psychologie, ze wilde haar sensitiviteit naar anderen professioneel inzetten. Ze werkte als psycholoog onder meer in het Rooms-Katholieke Ziekenhuis in Groningen.

Ze was een betrokken psycholoog, die als vanzelfsprekend een baan of huis regelde voor haar patiënten. Later zou ze die kwaliteiten inzetten in het asielzoekerscentrum en menig vluchteling op weg helpen. Ook nam ze een enkeling in huis.

De Drie van Breda

Tine kreeg op haar innemende manier veel voor elkaar. Mensen luchtten graag hun hart bij haar, maar haar eigen emoties uitte ze nauwelijks. Het grote verdriet in haar leven, de dood van haar man Pieter in 1995 en die van haar dochter Saskia aan multiple sclerose in 2008, verwerkte ze in haar eentje. Dan rookte ze 's avonds stilletjes haar Bond Street sigaret en kwamen de tranen.

Ze deelde met niemand haar diepere gevoelens. Toch ging ze ook door, want kort na de dood van Saskia wilde ze toch haar 90ste verjaardag vieren. Zonder de dood geen leven, wist ze.

Over de gevolgen van de oorlog hoorde je haar niet. Behalve rond 4 en 5 mei, dan was ze uit haar doen. Op die momenten kon ze weleens verzuchten: "Die verdomde oorlog". En ze klom geregeld in de pen als ze onrecht bemerkte, zoals bij de 'Drie van Breda', dan schreef ze gerust een brief aan oud-premier Van Agt. Die mannen hadden toch genoeg geleden, vond ze.

Vrijheid

Ze had een enorme drang naar vrijheid; ze moest altijd weg kunnen. Haar auto betekende alles voor haar. Ze reed gerust in haar eentje 1200 kilometer naar haar geliefde tweede huis in de Franse Alpen. Tot ze op haar 91ste een auto-ongeluk kreeg en haar zoon haar verbood nog langer te rijden. Daarover bleef ze lang mopperen.

Toen haar geheugen haar in de steek liet, kon ze dat moeilijk verkroppen. Ze kon haar dementie lang verbloemen door haar intellect en interesse in de ander.

De laatste zeven jaar van haar leven werd ze verzorgd door enkele bevriende verpleegkundigen, mantelzorgers en haar zoon Joan. Ze geneerde zich, vond die zorg totaal niet nodig. Maar zij zorgden ervoor dat Tine op 16 februari thuis kon sterven, ze werd 99 jaar. Ze liet hen een kostbare morele erfenis na.

Catharina Greta (Tine) Boeke-Kramer werd geboren op 24 januari 1919 in Oterleek en overleed op 16 februari 2018 in Haren.

In Naschrift beschrijft Trouw het leven van onlangs overleden bekende of heel gewone mensen. Lees hier meer naschriften.

Een tip voor Naschrift? Mail naar naschrift@trouw.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden