Voor nu en voor de toekomst

Binnenkort begint bij het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag het proces tegen de Joegosla vische ex-president Slobodan Milosevic. Een van de ruim twintig rechters van het hof is Alphons Orie, sinds november de eerste Nederlandse rechter bij het tribunaal.

Nicole Lucas en Gertie Schouten

De boekenkasten zijn halfvol. Echt ingeburgerd in het 'bedrijf met 1200 mensen' is de 54-jarige Alphons Martinus Maria Orie na twee maanden nog niet. Maar de visitekaartjes zijn sinds een week binnen, zegt hij grijnzend in zijn kantoor in een vleugel van het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag.

Waarom juist hij de eerste Nederlandse rechter bij het tribunaal is geworden? Orie zet de vingers van zijn handen tegen elkaar en laat een stilte vallen. ,,Ik denk dat je bij een kandidaat een wensenlijstje hebt waaraan niet iedereen voldoet'', zegt hij dan. ,,Binnen het tribunaal is kennis nodig van internationaal recht, strafrecht en bij voorkeur ook de combinatie van die twee. Er moet binnen het tribunaal rechterlijke ervaring zijn, en verder denk ik dat in het tribunaal aanwezig moet zijn kennis van de grote strafvorderlijke systemen, heel kort gezegd de Angelsaksische traditie van common law en het continentale civil law. En dat alles natuurlijk het liefst meer dan gemiddeld.''

Orie zegt het niet met zoveel woorden, maar hij voldoet ruimschoots aan dat profiel. Internationaal strafrecht is al bijna 25 jaar ,,het terrein waarmee ik mij bij voorkeur bezighoud''. Hij verdedigde tijdens zijn lange carrière als advocaat onder meer Dusko Tadic in het eerste proces bij het tribunaal, is een pleitbezorger van het permanent internationaal strafhof, en van 1997 tot eind vorig jaar was hij rechter bij de Hoge Raad. ,,Ik denk dat het een combinatie van die kennis en ervaring is die ertoe heeft geleid dat ik bij de Verenigde Naties kandidaat ben gesteld door Nederland'', zegt Orie bescheiden.

Gêne lijkt hem te bekruipen bij een vraag naar de dagen die hij vorig jaar bij de Verenigde Naties in New York is geweest om voor zijn kandidatuur te lobbyen, m t een eigen folder. Het gaat hem niet om het carrièrepad, het gaat hem om het vak. ,,Campagnevoeren, tja, dat heeft iemand zo opgepikt, vreselijk. Ik vind het een heel groot woord. Mensen willen je live leren kennen, die gelegenheid bied je. Maar dat is met praktisch al dit soort verkiezingen. De Nederlandse VN-vertegenwoordiging vraagt vooraf aandacht voor de kandidatuur en benadert andere landen. Je voert heel veel gesprekken.''

In het verleden is er wel kritiek geweest op de wisselende kwaliteit van het internationale gezelschap van rechters in Den Haag. Alphons Orie erkent het: de balans tussen rechters met een brede academische achtergrond en degenen die ervaring hebben met de praktijk van de rechtszaal is delicaat. Zelf heeft hij voor zijn eerste optreden bij het tribunaal, als advocaat in de zaak-Tadic (samen met, destijds, zijn kantoorgenoot Michaïl Wladimiroff) een week een cursus gevolgd om zich te scholen in het Angelsaksische common law systeem, waarop de regels van het tribunaal min of meer gebaseerd zijn. Terwijl in een 'continentaal' land als Nederland de rechter een zeer actieve rol heeft - hij is bijvoorbeeld degene die in het algemeen de getuigen ondervraagt, hebben bij het Joegoslavië-tribunaal aanklager en verdediging de hoofdrol. Zij roepen elk hun eigen getuigen op, die ze zelf ondervragen en die de andere partij aan een kruisverhoor kan onderwerpen. De rechter fungeert veel meer als scheidsrechter. ,,Je hoeft die regels van de common law niet allemaal precies zo toe te passen, maar het is heel goed om te weten uit welke achtergrond partijen komen, vanuit welke ervaring en vanuit welke kennis ze hun standpunt innemen'', zegt Orie. ,,Zo probeer je partijen in de manier waarop ze procederen te begrijpen, dat is heel boeiend.''

Opmerkelijk gevolg van de cursus was dat een van de docenten, de Brit Steven Kay, besloot om zich aan te sluiten bij de verdediging van Tadic. Orie maakte kort na de cursus enige faam door een betoog van de Britse Joegoslavië-deskundige James Gow, die voor de aanklagers twee dagen lang een zelfverzekerd verhaal had gehouden, met enkele kritische vragen als een ballonnetje door te prikken. Orie kan er nu wel om glimlachen. ,,Bij het verhoor van Gow door de aanklager was Kay ziek geweest. Tijdens de cursus had niemand me verteld dat je niet geacht wordt een kruisverhoor te doen, als je niet zelf bij de eerdere ondervraging bent geweest. Dus moest ik invallen.''

Als we Orie spreken heeft hij net de ochtendzitting achter de rug in de zaak van de Bosnisch-Servische generaal Stanislav Galic. Die is aangeklaagd wegens misdaden tegen de menselijkheid en schendingen van het oorlogsrecht bij de belegering van Sarajevo tussen 1992 en 1994. Orie is inmiddels betrokken bij vijf zaken. Alleen in de zaak-Galic, die hij voorzit, is het proces al begonnen. ,,Ik zit een goed deel van de dag in de rechtszaal voor de zaak-Galic, zo'n vijf uur per dag, in principe dag in dag uit. Daarnaast neem ik beslissingen in andere zaken waarvoor ik verantwoordelijk ben, over uitwisseling van informatie, geheimhouding, voorlopige vrijlating, al dan niet na overleg met collega's en betrokkenen. In twee samenhangende zaken ben ik pre-trial judge, dat betekent vooral zorgen dat partijen vorderen met de voorbereiding van hun zaak. Ook ben ik rond de kerst de duty judge geweest voor een week, dan heb je piket.''

,,We zijn daarnaast als rechters wat betreft het procesrecht onze eigen wetgever. Ik heb nu één zo'n seance meegemaakt, een voltallige vergadering van de rechters, waarin we onderling overleggen of er aanpassingen nodig zijn. In de procedureregels herken je de veranderingen meestal aan de bis- en ter-artikelen. Die zijn er later bij gekomen. Het recht is in ontwikkeling.''

Soms gaan de wijzigingen over heel praktische kwesties, zoals de instelling van de bovengenoemde duty judge. Maar veranderingen kunnen ook zeer wezenlijke zaken betreffen zoals deals die de aanklagers met de verdachten sluiten. De rechters van het tribunaal moeten daarover geïnformeerd worden. De Joe goslavische pers speculeert al weken over onderhandelingen van de aanklagers met Milan Milutinovic, president van Servië en medeverdachte van de Joegoslavische oud-president Milosevic, wiens proces 12 februari begint. Milutinovic zou willen getuigen tegen Milosevic in ruil voor een minder zware aanklacht en strafeis tegen hemzelf.

De veranderingen zijn ook bedoeld om de traagheid van de procedures, een van de belangrijke kritiekpunten op het tribunaal, te verminderen. ,,Ik weet niet of er heel erg goed over is nagedacht toen men begon met dat hele tribunaal, wat dit type procesvoering allemaal betekent'', zegt Orie. ,,Als je één zaak hebt is dat nog wel te overzien, maar het is iets anders tegen de tijd dat het er vijftig zijn, waaronder uiterst ingewikkelde zaken. Zowel de voorbereiding als de behandeling in zitting vergen uitzonderlijk veel tijd. Je moet bewijs verifiëren op een afstand van 2000 kilometer, een probleem dat ook verdediger en aanklager hebben. Behalve dat zit je met een beperkte capaciteit. We hebben drie rechtszalen en werken echt in ochtend- en avondploegen, dat wil zeggen dat je soms zitting hebt tot zeven uur 's avonds. Ruim een jaar geleden zijn speciale zaaksrechters benoemd, die extra procedures kunnen doen, maar ook zij moeten natuurlijk hun eigen plek en ondersteuning hebben. Het probleem geldt voor iedereen, de vertaalcapaciteit is ook niet ruim bijvoorbeeld, daarom stagneert het soms.''

Wat is voor Orie, die bekendstaat als een zeer gedreven vakman, de waarde en betekenis van het tribunaal? ,,Een van de grote thema's op de achtergrond van het Joegoslavië-tribunaal is dat je het idee doorbreekt dat mensen straffeloos wegkomen met dit soort ernstige misdrijven. Als dat op zekere schaal en binnen redelijke tijd bereikt wordt denk ik dat we dit tribunaal succesvol mogen noemen. Ten tweede hoop je natuurlijk ook dat het een effect in de toekomst heeft. Laten we dat niet vergeten, dat het tribunaal ook een wegbereidersfunctie voor het internationale strafhof heeft vervuld. Niemand had gedacht dat dat er zo snel (waarschijnlijk nog dit jaar, red.) zou komen.

Het strafhof is iets waarbij Orie zich al jaren betrokken voelt. Ziet hij zichzelf nog een keertje folderen bij de VN voor een plaats als rechter bij dat hof? Hij schrikt opnieuw terug voor het beeld dat het hem om de mooie baantjes gaat. "Ik heb niet met folders gelopen hoor. En ik ben in ieder geval tot 2005 verbonden aan het Joegoslaviëv-tribunaal. Als het ooit al aan de orde zou komen dan zou ik me serieus afvragen of ik tot mijn pensioen wil wachten bij een hof dat nog geen zaken heeft, of dat ik me wil bezig houden met de ontwikkeling van het internationale strafrecht hier".

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden