Voor Nederlanders is zelfs het NK skien nog te hoog gegrepen

FLACHAU - De Super G is afgelopen. "De derde plaats" , roept de Oostenrijkse speaker, "is voor Are Torpe uit Noorwegen. Tweede is de Oostenrijker Patrick Wirth en eerste de Noor Mads Moerch." De drie skiers betreden het erepodium en ontvangen de gebruikelijke eretekenen. Ziezo, dat hebben we gehad, denkt de speaker, legt de microfoon neer en begeeft zich richting alcoholische versnaperingen.

Dan klinkt er plotseling een noodkreet vanuit het handjevol officials, genodigden en familieleden dat de huldiging bijwoont. "De Nederlanders nog! U vergeet de Nederlanders!" Geschrokken pakt de man de microfoon weer op. Zijn excuses schallen door het Salzburger berglandschap. Was-ie verdorie helemaal vergeten dat hier, in Flachau, de open Nederlandse alpinekampioenschappen zijn, waar behalve de drie snelste skiers uiteraard ook de drie snelste Nederlanders gehuldigd worden. Op dat idee kom je niet zo een-twee-drie, als je het blaadje van de uitslagenlijst moet omslaan alvorens de eerste Hollander tegen te komen.

De genante vertoning laat geen sporen na bij Bram van Es, Michiel Slootweg en Hayo Wareman. Skiers die zelfs in eigen land tegen hoog opgetrokken wenkbrauwen en meewarige glimlachjes op lopen, laten zich door de zoveelste miskenning niet van de wijs brengen. En bovendien, met 5,12 seconden achterstand op de winnaar vindt Bram van Es dat hij het zo slecht nog niet heeft gedaan. Zeker wanneer je in aanmerking neemt dat hij een paar poortjes voor de finish bijna de bocht uit vloog. "Het ging helemaal mis, ik moest verschrikkelijk afremmen en zat bijna bij de poortwachter op schoot" , grinnikt hij. "Als dat niet was gebeurd, ja dan . . ."

Ach quatsch, valt Peter Prodinger hem in de rede, als dat niet was gebeurd, was er vast wel wat anders gebeurd. De hoofdtrainer van het Holland Ski Team moet niets hebben van analyses die afwijken van zijn eigen standaardverhaal: "Het was te warm, de piste was te zacht, de poortjes stonden te dicht op elkaar, het was vervelend dat de wedstrijd door de mist uitgesteld moest worden, het deelnemersveld was bijzonder sterk en voor de rest hebben alle Nederlanders strijdlust getoond en boven verwachting gepresteerd. Dat geeft mij veel hoop voor de toekomst."

Opgedreund

Precies dezelfde zinnen had Prodinger de voorgaande dagen ook al opgedreund na de slalom, reuzenslalom en Super G voor de vrouwen, die, wat de Nederlandse inbreng betreft, alle drie werden gewonnen door de 16-jarige Esmee van Vught, op ruime afstand gevolgd door Nanda Haks (15). Over meer vrouwelijke kanshebbers beschikt Nederland niet. Alle hoop is gevestigd op Van Vught, die voor haar vertrek naar Flachau maar een doel voor ogen had: kwalificatie voor de Europese Jeugd Olympische Dagen, begin februari in Aosta. Pas met honderd of minder FIS-punten mag ze daar van het Nederlands Olympisch Comite naar toe.

Met een 36e plaats op de slalom gaat haar eerste poging jammerlijk de mist in. De herkansing op de reuzenslalom wordt evenmin een succes. Van de 140 deelneemsters bereikt weliswaar de helft de finish niet, maar zelfs dan nog is een 46e plaats in het eindklassement verre van indrukwekkend. Vlak voor de start had Prodinger zijn pupil genstrueerd dat ze hoe dan ook, al was het op handen en knieen, door de finish moest komen. "Want het zou een regelrechte blamage zijn geweest, als er op de Nederlandse kampioenschappen geen enkele Nederlandse was doorgekomen."

Ter meerdere glorie van het roodwit-blauw was Van Vught op haar sloffen naar beneden gegleden. "Maar op de Super G, ga ik voluit" , verklaart ze strijdlustig. "Dan wordt het alles of niets, want voor de Jeugdspelen wil ik me hoe dan ook kwalificeren."

Een dag later is het even zoeken naar haar naam in de uitslagenlijst. Veertig, vijftig, zestig, zeventig, tweeenzeventig: Esmee van Vught. De blonde skiester zit er niet mee. Ze heeft zojuist van haar ouders in Ridderkerk gehoord dat er die ochtend een brief van het NOC is gearriveerd. En laat daar nou in staan dat ze is geselecteerd voor Aosta! De officials van de Nederlandse Ski Vereniging kijken elkaar verwilderd aan: is het NOC nou helemaal gek geworden? Beloven wij onze sponsors dat we voortaan op een professionele manier met de limieten zullen omgaan, gaat het NOC een beetje lopen sjoemelen . . . Daar gaat onze geloofwaardigheid.

Enkele dagen en tientallen faxen later is de zaak opgelost. De brief, die het NOC aan Esmee van Vught heeft gestuurd, betrof een uitnodiging voor de presentatie van potentiele deelnemers aan de Olympische dagen. Jammer genoeg was het NOC het woord 'potentiele' vergeten te vermelden. Zodat Van Vught nog steeds verschrikkelijk potentieel is en zich alsnog moet kwalificeren.

De NSV heeft schoon genoeg van de meelijwekkende reputatie die het Nederlandse wedstrijdskien geniet. Na vijf jaar experimenteren met een ski-college op Papendal, een ski-internaat in Oostenrijk en een komen en gaan van part-time trainers moet het nou maar eens afgelopen zijn met het gerommel in de mondiale marge. "Wij willen volwaardig meedoen en niet langer beschouwd worden als exoten" , zo verwoordt topsportcoordinator Henk van Lint de nieuwe ambities van de skivereniging. Over twee jaar is Nederland een gerenommeerde skinatie en staat er minstens een Hollandse skier in de top honderd. Voor de komende twee jaar is Prodinger aangesteld als fulltime coach en krijgt hij steun van twee conditietrainers. Bram van Es (18), Michiel Slootweg (20) en Harald de Man (19) hebben hun schoolopleiding afgerond, richten zich voortaan uitsluitend op hun ski-carriere en staan zeven maanden per jaar op de ski's. Overigens strompelt Harald de Man in Flachau op krukken rond. Een knieblessure houdt hem de rest van het seizoen van de ski's af. "Een kostbaar topsportjaar naar de Filistijnen" , zegt Van Lint zorgelijk, met in zijn achterhoofd de een miljoen gulden die de Nederlandse skitop per jaar kost.

Door de afwezigheid van De Man is de selectie met een kwart uitgedund. Hoe kwetsbaar zo'n smalle basis is, wordt tijdens de reuzenslalom pijnlijk duidelijk. Van Es schiet dwars door een poortje heen, Slootweg gaat er onderdoor. En zo wint de B-skier Hayo Wareman zijn eerste seniorentitel en wordt hij, ondanks een schamele 44e plaats, Nederlands kampioen op de reuzenslalom. Het zilver is voor Marcel van Burik, die op de uitslagenlijst staat ingeklemd tussen een skier uit het tropische Australie en eentje uit het subtropische Israel.

Op de slotdag gaat het al evenmin naar wens. Met 41 buitenlandse deelnemers voor zich wordt Bram van Es Nederlands kampioen op de slalom. Michiel Slootweg gaat in de tweede manche onderuit. "Deze Nederlandse kampioenschappen zijn niet helemaal geworden wat ik me ervan had voorgesteld" , verzucht Peter Prodinger. Gelukkig liggen de excuses voor het oprapen: "De skiers stonden onder een zware psychische druk. Ze wilden het extra goed doen, nu alle blikken op hen waren gericht. Daar zijn ze niet aan gewend."

Overall Nederlands kampioen wordt de baanskier Marcel van Burik. Omdat hij als enige op alle drie de onderdelen weliswaar verschrikkelijk langzaam, maar zonder fouten doorgekomen is. De 19-jarige Brabander weet niet wat hem overkomt. "Ik ben hier gekomen om te kijken wat ik in de sneeuw kan" , stamelt hij verbaasd. Topsportcoordinator Van Lint denkt er hard over de 'overall' titel voortaan maar af te schaffen. Een borstelskier als nationaal kampioen. Voor zo'n blamage kan zelfs een Peter Prodinger geen excuses meer bedenken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden