Voor Midden-Delfland geldt traagheid als kwaliteit van leven

In het Zuid-Hollandse Midden-Delfland staat niet snelheid maar de kwaliteit van leven voorop. De streek is de eerste Nederlandse slow city.

Het blauw, wit en groen van de vlag van Midden-Delfland rimpelt in de avondwind. Burgemeester Arnoud Rodenburg staat aan het roer. De CDA’er neemt geregeld bezoekers mee voor een boottochtje over de Gaag. „Jozias van Aartsen is hier laatst geweest en hij vond het hier práchtig!”

De omliggende veelvraten zoals Den Haag, Rotterdam en Delft wierpen tientallen jaren lang begerige blikken op het landelijk gebied tussen de stedendriehoek. Maar inmiddels zijn ze blij met de groene oase in de dichtstbevolkte provincie van Nederland. Den Haag bijvoorbeeld, waar Van Aartsen burgemeester is, heeft in haar nieuwste promotiemateriaal foto’s opgenomen van Midden-Delfland als buitengebied.

Voor die liefde een feit was, moest de oprukkende stad wel met harde hand een halt worden toegeroepen. In 1977 werden bij wet groene grenzen vastgesteld voor Midden-Delfland (50 vierkante kilometer met dorpskernen Schipluiden, Den Hoorn en Maasland). Het resultaat is een mini-Groene Hart, een oer-Hollands polderlandschap met sloten, vaarten en grazende koeien en het onaangetaste laagveengebied De Vlietlanden.

Ook voor het gebied zelf had de aanwijzing gevolgen. Via ruilverkaveling werden de versnipperde veeteeltbedrijven samengevoegd.

Maar de stad is vlakbij. Dobberend op de Foppenplas, een recent onder water gezette polder, zijn de rokende fabriekspijpen in havendorp Pernis zichtbaar en de gele treinen die heen en weer zoeven tussen Delft en Rotterdam. ’s Nachts is er in de verte het licht van de kassen van het Westland.

Vier jaar geleden gingen de 63 organisaties die wat met Midden-Delfland van doen hebben drie dagen in een boerenstal zitten om te praten over de toekomst van het gebied. Er kwamen de gebruikelijke dingen uit als recreatie voor de gestresste Randstedeling en de koe in de wei om het authentieke polderplaatje compleet te maken. „En iemand riep Cittaslow”, herinnert Rodenburg zich.

Op het gemeentehuis in Schipluiden hadden ze er nog nooit van gehoord. Onder aanvoering van de burgemeester reisde een kleine delegatie af naar de bakermat van de wereldwijde Cittaslow-beweging, het middeleeuwse stadje Orvieto in het Italiaanse Umbrië, om zich uit te laten leggen wat langzaam leven inhoudt. Midden-Delfland bleek een slow city zonder het zelf te weten.

„Een boom staat hier niet zomaar”, zegt Arnoud Rodenburg en hij wijst op de knotwilgen op de dijk. „Wij planten bomen die in het polderlandschap horen, zoals wilgen en essen. Een ploeg vrijwilligers knot ze.”

Eer ze vorig jaar werd uitgeroepen tot eerste Cittaslow in Nederland had Midden-Delfland het internationale bestuur nog wel wat uit te leggen: Waarom had ze toegestemd in het doortrekken van de A4? Wel, de dorpskernen worden nu geteisterd door sluipverkeer. En het gemeentebestuur heeft z’n huid duur verkocht. De rijksweg wordt in een tunnelbak weggestopt.

De gemeente krijgt een miljoenencompensatie waarmee kleine glastuinders (3000 hectare glas) zullen worden uitgekocht. Ervoor in de plaats verrijst authentieke Hollandse polder. De burgemeester: „Dit landschap is een streekproduct op zich.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden