'Voor hetzelfde geld heb je een feelgood-banaan'

'Gewone' bananen en ananassen komen er bij supermarkt Plus niet meer in. Als manager verse producten gaf Arie van Doesburg eerlijke handel een plek in de schappen. Dat ging niet vanzelf. 'De supermarktwereld is hard en competitief.'

Recht praten wat krom is. Dat wil Arie van Doesburg niet. Daarom liggen in het schap bij supermarktketen Plus, waar hij verse producten inkoopt, alleen nog maar bananen en ananassen die zijn beplakt met het fairtradekeurmerk van Max Havelaar. Het is ingewikkeld om dat voor elkaar te krijgen. Van Doesburg heeft te maken met veel partijen, van de boeren in de tropen tot de importeurs en de consumenten. Toch is het hem gelukt.

"Dat is een bewuste keuze van Plus, maar er ging veel tijd overheen voordat het zover was. Bananen is het grootste versproduct in een supermarkt. Wil je zo'n product alleen maar fairtrade verkopen, dan moet je daar goed over nadenken. Je praat over behoorlijke volumes en 'nee' verkopen aan de klant kan niet. We zijn uiteindelijk wel een commerciële organisatie."

Van zijn vader, die groenteboer was, leerde Van Doesburg al dat de hele keten er last van heeft als één schakel, bijvoorbeeld de productie of het vervoer, niet klopt. Zeker waar het verse producten betreft gaat uiteindelijk de kwaliteit eronder lijden, zo ondervond Van Doesburg senior al. Eind jaren negentig maakte junior als inkoper bij Superunie (een inkoopcombinatie waarbij onder meer Plus, Dirk van den Broek, Deen en Spar zijn aangesloten) kennis met fairtrade-organisatie Max Havelaar. Als manager verse producten bij Plus lukte het hem uiteindelijk om de eerlijke handel een plek te geven.

Een fairtradeketen, zeker van verse tropische producten, moet speciaal worden opgebouwd. Dat doet supermarktketen Plus graag samen met partijen die daarin gespecialiseerd zijn, zoals Max Havelaar en importeurs als Fyffes. Van Doesburg: "Voor de overstap naar fairtradebananen hebben we onder andere gesproken met Agrofair. De eerste gesprekken met deze importeur gingen vooral over zekerheid over de aanvoer en stabiele kwaliteit. Toen ik merkte dat de dozen met bananen uit verschillende landen zouden worden aangevoerd heb ik geweigerd. Ik vond dat te riskant. Ik zag de lege schappen al voor me. Ik kan niet op maandag zeggen dat we pas woensdag weer bananen hebben. De supermarktwereld is een harde, competitieve wereld."

Van Doesburg doet als het even kan liever zaken met één producent. "Omdat je dan verantwoord ondernemen kunt combineren met een commercieel resultaat. We betrekken onze bananen van de coöperatie Uniban in het noorden van Colombia. Daarbij heeft Max Havelaar een belangrijke rol gespeeld. Wij zijn erg blij met die professionals. We hebben moeten kiezen tussen kleine boeren en een grote partij met meer professionaliteit in de keten. Uiteindelijk hebben we voor die laatste gekozen. Dat is wel sneu voor die kleintjes. Maar het is ook niks als je na een half jaar al weer afscheid van elkaar moet nemen omdat het niet werkt."

Om de kleine boeren toch aan bod te laten komen, stimuleert Max Havelaar hen om samen te werken in coöperaties. De kleinere sluiten zich aan bij de grotere, zegt Van Doesburg. "Je ziet bij fairtrade, dat het in eerste instantie gaat om een eerlijke prijs, maar de zorg om het milieu wordt ook steeds belangrijker. Een groter bedrijf kan dat beter managen. Max Havelaar heeft dat ingezien en daarna een proces in gang gezet waardoor er uiteindelijk professionele ketens zijn ontstaan waarmee wij zaken kunnen doen."

Door die professionalisering is fairtrade succesvoller en kan Plus ook reclame-acties organiseren, zegt Van Doesburg. "Acties met bananen betekent dat we drie maal het normale volume moeten opkopen. Dat gaat niet zomaar. Het fairtradevolume is nou eenmaal een stuk kleiner dan het gangbare. Je moet dus zeker weten dat je krijgt wat je bestelt. Dat is een samenspel met de importeur. Die kan zien of een andere grote supermarkt, bijvoorbeeld in Zwitserland, in dezelfde weken een actie heeft gepland. Of wellicht is er een orkaan over het productiegebied geraasd of is er om een andere reden minder groei geweest. Zo'n importeur heeft verder ook zicht op de productstromen en kan deze van bestemming laten veranderen. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat een Engelse supermarktketen bij nader inzien een paar duizend dozen minder kwijt kan. Die dozen kan Plus overnemen. Het is ons één keer overkomen dat er te weinig voorraad was. De telefoon stond hier roodgloeiend. Dat wil je echt niet."

De rol van de importeur is dus cruciaal. Er zijn maar een paar grote jongens, dus van partner veranderen als het tegenvalt kan niet zomaar. "Klopt, maar de fairtradeketens zijn gebouwd op partnerschap en transparantie. Je wil een bepaalde visie waarmaken. Daardoor werk je op een andere manier samen. Je vangt geen vliegen van elkaar af, vertrouwen is belangrijk. Je hebt elkaar nodig want anders ben je niet succesvol. Dat besef zit bij elke schakel in de keten."

Hoe de bananen worden geteeld laat de supermarkt over aan andere partijen zoals Max Havelaar en de importeur; Plus richt zich op de consument. "Ook intern moet je de overgang naar fair-trade goed voorbereiden. Mijn collega's zijn best te porren voor het fairtrade-verhaal, maar wij kijken ook naar de consument. Je kunt het wel willen, maar het moet ook kunnen. De consument wil constante smaak en kwaliteit. En als hij die krijgt maar de prijs is vervolgens een stuk hoger, dan is dat een lastig verhaal. Er is nou eenmaal een grote groep consumenten, ik schat 80 procent, die het een zorg zal zijn waar die bananen vandaan komen. Er is ook een grote groep die het wel belangrijk vindt waar het eten vandaan komt en onder welke omstandigheden het is geproduceerd. Die groep wordt steeds groter."

Die laatste constatering is terug te vinden in de cijfers, zegt Van Doesburg. "De keuze om vanaf 1 januari 2010 alleen maar fairtradebananen te verkopen heeft Plus geen windeieren gelegd. De verkopen stijgen bovengemiddeld. Eind juli dit jaar is de 100-miljoenste fairtradebanaan verkocht in een van onze supermarkten. Het lukt ons kennelijk goed om de juiste positie in de markt te kiezen."

Iedereen profiteert van dat succes, stelt Van Doesburg. "De consument krijgt voor dezelfde prijs een feelgood-banaan. Wij nemen genoegen met minder winst, want de fairtradepremie voor de boeren wordt niet doorberekend. Dat maken we echter goed door een hogere afzet. De boeren in Colombia krijgen naast een eerlijke prijs voor hun bananen - dat is minimaal de kostprijs, vaak iets meer - ook 1 dollar premie per doos. Vorig jaar hebben we zo'n 500.000 dozen omgezet. We hebben op de coöperatie Uniban dus een half miljoen dollar achtergelaten. Daar profiteren zo'n 1400 boeren en landarbeiders van. Dat geld investeren ze bijvoorbeeld in hun productiviteit, maar ook in de gemeenschap. Onderwijs, gezondheidzorg, infrastructuur, dat soort dingen. De keuzes die je hier maakt, hebben daar dus echt invloed."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden