Vondel in nikab

Een onbekende vrouw in een nikab. (AP) Beeld
Een onbekende vrouw in een nikab. (AP)

Als finaliste in een dichtwedstrijd maakt de Saoedische Hissa Hilal kans op een miljoen euro. Maar haar belang is groter. Ze belichaamt de groeiende weerzin tegen haatimams in de Arabische wereld.

Hissa Hilal is een Saoedische moeder voor haar kinderen, maar sinds kort ook voor talloze volwassen Arabische mannen en vrouwen. Dankzij haar poëzie.

Ze zingt niet, maar als ze haar gedichten sober en helder voordraagt, doet ze toch denken aan de Franse zangeres Edith Piaff uit de jaren vijftig. Haar boodschap lijkt op die van John Lennon. Maar haar felle hekeldichten hadden van Joost van den Vondel kunnen zijn. Islamofoben zullen genieten van haar aanvallen op moslimgeestelijken, maar huiveren van haar gezichtssluier. Die draagt ze niet vanwege de islam, maar omdat het een oude gewoonte van haar stam is.

Moslimextremisten laten zich niet om de tuin leiden door die nikab. Immers, dat kledingstuk is bedoeld om erotiserende charmes te verbergen, maar wat is er voor een man gevaarlijker dan een vrouwenstem? Een nikab dragen en dan voor een groot publiek zo duidelijk je stem verheffen, het lijkt op een ontkurkte borrelfles in een moskee. Soms roepen fanatici op haar te vermoorden, soms bestrijden ze haar met haar eigen wapens, een tegengedicht.

Haar pleidooi voor liefde en vrede op de hele planeet is in flagrante strijd met hun leerstuk van de heilige oorlog. Maar wat de deur dicht doet is haar venijnige uithaal naar haatimams en hun moorddadige fatwa’s. Met haar hekeldicht ’De janboel van de fatwa’s’ spleet ze de Arabische natie. Het is ondoenlijk vast te stellen hoe de getalsverhoudingen tussen pro en contra liggen, zeker is dat ze met haar hartekreet bij vele miljoenen Arabieren een snaar heeft geraakt. Het enthousiasme voor deze aanval op de haatislam heeft verbazende vormen aangenomen.

Hilal kan vanavond een miljoen euro verdienen – de hoofdprijs in een poëziewedstrijd, georganiseerd en uitgezonden door de staatstelevisie van Aboe Dhabi. Of de finale doorgaat is nog niet helemaal zeker. Hij werd een week geleden nog uitgesteld, vanwege een dodelijk ongeluk van sjeik Ahmad Bin Zayed Al Nahyan, de jongere broer van het staatshoofd van de Verenigde Arabische Emiraten.

Het programma is opgezet als Idols of X-Factor. Alleen gaat het niet over zang, maar over poëzie. Een jury maakt de eerste schifting, in volgende rondes beslissen ook de tweeduizend toehoorders in de zaal en de tv-kijkers. Die laatsten komen niet alleen uit Aboe Dhabi, in de hele Arabische wereld zitten mensen gekluisterd aan de buis voor Hissa Hilal.

Haar belang stijgt uit boven alleen maar poëzie, hoe belangrijk dat medium in de Arabische wereld ook is. Ze is de belichaming van een tegenstroom, die zich al eerder uitte in reacties op Arabische nieuwssites. Met name Arabiya.net – populair bij Saoediërs – is een aardige graadmeter. De weerzin van bezoekers van die site tegen jihad, Al-Kaida, haatimams en aanverwante zaken lijkt gestaag te groeien.

Saoedi-Arabië geldt als de bakermat van de radicale, wahabitische islam, die het de afgelopen decennia met vrachten oliedollars heeft gestimuleerd in de wereld, ook in Nederland. Dat laatste maakt Hilal extra interessant. Want als Saoedi-Arabië van signatuur verandert en de liberale onderstromingen aan invloed winnen, dan heeft dat gevolgen voor alle landen waar moslims wonen, ook Nederland. De strijd tussen wereldbeelden is natuurlijk meer dan een platte centenkwestie, maar toch, als de ideologie van de Saoedische oliedollars verandert is dat slecht nieuws voor extremisten.

De eerste zin van ’De janboel van de fatwa’s’ heeft nu al geschiedenis gemaakt: „Ik zag het kwaad hunkeren vanuit de ogen van de fatwa’s”.

Kunnen gedichten de wereld veranderen? Zo ergens dan wel in de Arabische wereld. De bevlogenheid van Arabieren met poëzie is enorm. Iraakse immigranten bijvoorbeeld, schrijven verhandelingen over Nederlandse poëzie, vooralsnog in hun eigen taal. De Iraakse dichter Moezaffar Nawwab trok op de campus van de universiteit van Tunis eens twintigduizend toehoorders.

Dezelfde Nawwab schold vanaf een podium in Damascus alle Arabische leiders uit. Syrische leiders klapten hun handen stuk, want ze gingen ervan uit dat onmogelijk ook zij konden zijn bedoeld. „Ik maak voor niemand van jullie een uitzondering”, beet Nawwab hen toe, waarna hij uitweek naar zijn vluchtauto.

Er is nog onduidelijkheid over de identiteit van Hilal. Niet over haar individuele identiteit, maar over de vraag tot welke stam ze behoort. De Saoediërs hebben het zwervende bedoeïenenbestaan sinds lang ingeruild voor een stadsleven. Maar de vraag naar de afkomst, het stamverband, is nog altijd belangrijk.

De Saoedische stammen staan niet te dringen om Hilal tot een van de hunnen te rekenen. Eén stam, de Beni Anza (Zonen van de Geit), heeft zelfs op zijn website uitdrukkelijk afstand genomen de ’vrouw, genaamd Hissa Hilal’. De stam wijst erop dat de profeet Mohammed al de Beni Anza heeft geprezen vanwege hun godsvrucht. Volgens de site is Hilal lid van de Saradistam, die in het zuiden van Jordanië en het noorden van Saoedi-Arabië woont. De Beni Anza moeten hebben begrepen dat ze de Saradistam niet echt blij maakten met die mededeling, ze benadrukken opzichtig hun uitmuntende relaties met de Saradi’s, die ze wel opscheepten met de zwartepiet.

Kwaadsprekers zeggen dat Hissa Hilal een bidoen is, een statenloze. Ze zou pas door haar huwelijk de Saoedisch nationaliteit hebben gekregen. De uitverkorene was een journalist, die in een interview voor Hissa’s charmes bezweek.

Minstens zo belangrijk als tribale steun is voor Hilal de opstelling van het Saoedische koningshuis, van koning Abdoellah, die op de lijst van Forbes met machtigste personen ter wereld op plaats negen prijkt.

Hissa’s hekeldicht leek gericht tegen een geestelijke, die indirect de koning tot een geloofsafvallige had bestempeld. Sjeik Abd Al-Rahman Bin Nasir Al-Barrak verbood in een fatwa vermenging van de seksen in het maatschappelijke leven, en meende zelfs dat voorstanders daarvan, dus ook de koning, de dood verdienden. Aanleiding voor dat harde oordeel was de opening van een moderne, internationale universiteit bij de Rode Zee, een troetelkind van de koning, waar mannen en vrouwen in dezelfde laboratoria samenwerken.

De koning kan dus blij zijn met Hilal en haar ’janboel van de fatwa’s’. Maar Hilal is niet afhankelijk van hoge of lage steun. Haar ware kracht is de heldere toon waarop ze de waarheid spreekt. Een waarheid waarvoor de Arabische wereld, beu van in holle retoriek verpakte leugens, huichelarij en vleierij, rijp lijkt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden