Voltooid leven moeilijk te bepalen

Bepalen of je leven 'klaar' is, is geen kwestie van een knop omzetten. Het is een kluwen van willen en niet willen, van willen maar niet kunnen, reageert Els van Wijngaarden.

Mensen hebben verschillende redenen om hun leven als voltooid te zien. Dat moet worden erkend, menen Christa Compas en Boris van der Ham, directeur en voorzitter van het Humanistisch Verbond (Opinie, 3 december). Zij plaatsten in hun artikel - naast enkele lovende woorden - een aantal kritische kanttekeningen bij mijn onderzoek naar voltooid leven. Hun betoog behoeft enige nuancering.

Allereerst stellen Compas en Van der Ham dat het niet behulpzaam is dat tegenstanders van een 'laatste-wil-pil' wijzen op maatschappelijke, sociale en culturele problemen achter de doodswens. Volgens hen zou hierdoor namelijk een onwenselijke wie-zorgt-het-beste-voor-onze-ouderen-strijd losbarsten waar ouderen niets aan hebben. Nu schaar ik mijzelf onder voor- noch tegenstanders van zo'n pil. Toch denk ik dat deze discussie wel degelijk gevoerd moet worden.

Uit mijn promotie-onderzoek naar voltooid leven komt onmiskenbaar naar voren dat de stervenswens niet louter individueel is bepaald. De doodswens ontstaat niet in een vacuüm, maar wordt versterkt door sociaal-maatschappelijke omstandigheden. En angst voor slechte zorg maakt er deel van uit.

Hoe ongemakkelijk dit verband misschien ook is. Als we de thematiek van het voltooide leven recht willen doen, zullen alle betrokken partijen dit moeten onderkennen.

Worstelen

Daarnaast beweren Compas en Van der Ham dat ik in mijn boek suggereer dat ouderen die hun leven voltooid achten existentiële gevoeligheid missen. Ze zouden niet in staat zijn om hun leven betekenisvol onder ogen te zien. Maar deze bewering klopt niet en doet geen recht aan de verhalen die ik heb op-getekend.

Wat ik schrijf, is dat deze ouderen op een existentieel niveau worstelen met het leven. Vaak al vele jaren. Wat daarnaast ook blijkt, is dat hun directe omgeving het over het algemeen erg moeilijk vindt om oordeelloos over deze worsteling te praten, terwijl de ouderen daar wel behoefte aan hebben.

Niet omdat deze ouderen op een oplossing of oppepper zitten te wachten, maar omdat ze hun verhaal willen delen. Ze verlangen naar weerklank, maar stuiten bij hun omgeving op verlegenheid. Daarom ben ik het volledig eens met Compas en Van der Ham als zij in het slot van hun betoog stellen dat het juist het aandachtige gesprek is dat wij aan onze ouderen verschuldigd zijn.

Kern van het betoog van Compas en Van der Ham is dat een oudere zelf bepaalt wat een voltooid leven is. En uiteraard, het is aan een persoon zelf om de balans van zijn leven op te maken. Wat ik echter uit de gesprekken heb geleerd, is de ontoereikendheid van een begrip als 'zelfbepaling' als het gaat om zo'n delicate keuze als dood willen.

Bepalen of je leven 'klaar' is, blijkt geen kwestie van de knop omzetten. Het is een gecompliceerd proces van willen en niet willen. Van willen, maar nog niet kunnen. Er ligt een kluwen van veelal ambivalente beweegredenen aan ten grondslag.

Leren uithouden

Wat ik in mijn boek probeer te laten zien, is dat we het bij die ambivalenties moeten leren uithouden, die niet te snel oplossen en wegmaken. Ieder mens heeft een meerstemmig zelf en leeft met tegenstrijdige gedachten, die gelijktijdig waar kunnen zijn.

Wat ik bepleit op basis van mijn onderzoek, is het belang - voor ouderen zelf, maar ook voor hun omgeving - om die ambivalenties te herkennen en te dulden dat die tegenstrijdige verlangens nu eenmaal naast elkaar bestaan.

Bij een fixatie op een eenduidig, helder en ondubbelzinnig oordeel is niemand gebaat.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden