Volgroeid is Damen nog lang niet

De ene na de andere werf neemt hij over. En het einde is nog lang niet in zicht, kondigt de Gorcumse scheepsbouwer Kommer Damen (57) aan in een gesprek met Trouw. ,,Er blijven maar een paar grote werven in de wereld over en ik hoop dat wij daarbij horen..'

De gedachten van Kommer Damen gaan nog regelmatig naar zijn overleden vader, die hem waarschuwde niet naast zijn schoenen te gaan lopen. ,,Hij heeft nooit gezegd dat hij trots op me was. Integendeel, hij vond dat het veel te hard ging met het bedrijf. Hij drukte me voortdurend op het hart goed te zijn voor de klanten en het personeel. Bescheidenheid, soberheid en eerlijkheid. Daar ben ik mee opgevoed. Die calvinistische waarden krijgen mijn kinderen ook weer mee.'

Volgend jaar is het 75 jaar geleden dat de broers Jan en Marinus Damen een scheepswerfje stichtten in Hardinxveld-Giessendam, dat zou uitgroeien tot het huidige Damen Shipyards in Gorinchem. Kommer Damen (de zoon van Jan) is al bezig met de voorbereidingen voor het jubileumjaar. Relaties, klanten en werknemers wil hij onder meer tracteren op een feestelijke avond met een optreden van het Nederlands Dans Theater, waarvan hij jarenlang bestuurslid was.

Twee avonden heeft hij het dansgezelschap inmiddels kunnen contracteren. Maar de derde avond is nog niet vastgelegd. ,,Ze doen daar moeilijk over. Ze moeten repeteren. Toen ik nog in het bestuur zat, heb ik wel eens gezegd dat ze de marketing beter aan Joop van den Ende konden overlaten. Dat was natuurlijk vloeken in de kerk. Maar als je tot de wereldtop behoort, of je nou schepen bouwt of mooi kunt dansen, moet je jezelf wel blijven verkopen. Ik blijf het jammer vinden dat dit dansgezelschap, dat met kop en schouders boven de rest uitsteekt, zichzelf zo slecht verkoopt.'

Hij komt uit een milieu waar nimmer een voet werd gezet in theater- en concertzalen. Ballet kwam al helemaal niet voor in de zware bonderskost waarmee hij thuis, in Hardinxveld-Giessendam, is grootgebracht. ,,Mijn vrouw nam me een keer mee naar een balletvoorstelling. Ik was er meteen aan verslingerd. Het geloof had ik toen al afgezworen. Een van de laatste discussies die ik nog heb meegemaakt, is of er in de kerk ook op halve noten gezongen mocht worden. De uitkomst was dat het hele noten moesten blijven. Op vrij jonge leeftijd zei het geloof me al niet veel meer. In mijn beleving ging het alleen maar over straf en zonde. Ik vond het een primitief geloof waar je niks aan had bij moderne levensvragen. Met zo'n godsdienst word je vanzelf atheïst. Het enige goede dat ik ervan overgehouden heb, is de zondagsheiliging. Het is goed om een dag in de week rust te houden en je te ontspannen. Ik woon nog steeds in de Alblasserwaard, in Noordeloos, tussen de boeren. De zondagsrust leeft daar nog sterk en ik voel me daar prettig bij.'

Niet alleen in religieus opzicht nam hij afstand van zijn ouderlijk milieu en familie. Ook in zakelijk opzicht scheidden hun wegen. Zijn vader en oom hadden in 1967 drie werfjes en een timmerfabriek, toen de jonge Kommer als bedrijfsleider werd aangesteld. ,,We leverden toen vooral vletten en hadden twee grote afnemers, rijkswaterstaat en baggerbedrijven. Ik wilde nieuwe klanten aantrekken door heel snel schepen te leveren. Dat wilde ik realiseren door rompen op voorraad te bouwen en die al naar gelang de behoefte van de klant op te tuigen met onderdelen, die ook op voorraad aanwezig moesten zijn. Maar dit idee werd door de hele familie afgeschoten. Ze vonden het veel te riskant. Mijn oom en een neef zijn toen verder gegaan met twee werven. Mijn vader hield de oudste werf en de timmerfabriek. Ik heb drie ton geleend bij de Rabobank om de werf van mijn vader te kunnen overnemen. Mijn vader stond borg. Met zes man personeel ben ik voor mezelf begonnen.'

In zijn eentje reisde hij onder dikwijls primitieve omstandigheden de wereld rond, op zoek naar klanten. Sliep bij gebrek aan een hotel soms op een bankje, z'n koffer met een ketting aan zijn been geklonken, of op een biljarttafel. Tijdens de oliecrisis bleek Damens formule een schot in de roos. Olie-exporterende landen gingen op grote schaal nieuwe havens bouwen, waarvoor allerlei werkschepen nodig waren. ,,Die kon ik dankzij mijn voorraad heel snel leveren. In die jaren heb ik mijn slag geslagen.'

Alle crises in de scheepsbouw heeft hij overleefd. Zijn bedrijf telt nu 32 werkmaatschappijen en 11000 werknemers wereldwijd. Dit jaar verwacht hij een groei in de omzet van 1,4 naar 1,8 miljard gulden bij een winst van 50 miljoen gulden. Daarmee behoort Damen Shipyards tot de grotere scheepsbouwconcerns van Europa. Maar volgroeid is het bedrijf nog lang niet: ,,Ik schat dat de omvang binnen vijftien jaar minimaal zal verdubbelen. Liever meer, want er zullen maar een paar grote werven overblijven in de wereld en daar willen wij bij horen.'

Zijn vader zou het een gruwel zijn om die woorden uit de mond van zijn zoon te horen. Maar zijn groeihonger heeft niets te maken met het najagen van geld, roem of macht. Geld is nooit een drijfveer geweest, zegt hij, terwijl hij een pijp opsteekt. Nee, ook niet in de beginjaren. ,,Het was vooral de angst om niet kapot te gaan, die me heel veel energie gaf. Tegenwoordig is het de drang om voort te borduren op het concept dat de basis is voor dit bedrijf. Ik heb dat concept bedacht en dat wil je voortzetten. Dat is een creatief proces dat nooit ophoudt.'

Zijn opvolging heeft hij geregeld, maar wie daarin moet(en) voorzien, is alleen bekend bij de commissarissen. ,,Er lopen hier zoveel goeie veelbelovende mensen rond, dat mijn opvolging in principe geen probleem is.' Zijn oudste zoon studeerde scheepsbouw, maar zag af van een carrière in het bedrijf van zijn vader. ,,Het is een goeie jongen, geen praatjesmaker. Ik denk dat hij bang was om voortijdig te stranden op het traject dat hij zou moeten afleggen in het bedrijf. Hij heeft nu een internetbedrijfje, waar ik niet veel van begrijp. Ik sluit niet uit dat hij alsnog in de zaak komt. Maar dat hangt helemaal van hemzelf af.' Zijn oudste dochter beheert de onroerend-goedpoot van het bedrijf. De twee jongsten zitten nog op de middelbare school.

Doorgaans schuwt hij de pubiciteit. De afspraak voor dit gesprek is al in juli gemaakt. Zijn agenda moet ver van te voren worden gepland, omdat hij gemiddeld vijf maanden per jaar in het buitenland verblijft. ,,Daar houd ik aan vast, omdat het ongelooflijk belangrijk is in deze branche om op de hoogte te blijven van de ontwikkelingen in de scheepsbouw. Vanuit Gorinchem kan ik onvoldoende inschatten hoe de stemming is bij de klanten. Cornelis Verolme (Nederlands grootste scheepsbouwer voor het tijdperk-Kommer Damen, red.) is eraan kapot gegaan dat hij nog een grote werf in de Botlek bouwde, toen de lage-lonenlanden de scheepsbouw al aan het overnemen waren. Als hij wat meer had gereisd, had hij dat kunnen zien.'

Damen is niet bang voor een economische crisis als gevolg van de terreuraanslagen in de VS en de aanval op Afghanistan. ,,De terugval is niet meer dan een oprisping. Economie is in veel opzichten psychologie. We kunnen elkaar van alles aanpraten, maar voor een economische crisis is meer nodig. Er zal even een hik zijn, maar daarna gaat de groei gewoon door. Ik vind het tekenend dat deze gebeurtenissen nauwelijks leven in het Verre Oosten. In China, waar ik na 11 september was, werd er weinig over gesproken.'

Als het gaat om de ontwikkeling van de wereldeconomie, zullen we sowieso veel scherper moeten letten op het Verre Oosten, meent Damen. ,,China wordt in toekomst een belangrijke motor voor de wereldeconomie. Het kan nog even duren, maar dat land gaat zich straks razendsnel ontwikkelen.' Tien jaar geleden deed Damen zijn eerste investeringen in China. Diep in het binnenland bezit hij twee werven. Voor de verbindingen had hij natuurlijk veel beter aan de kust kunnen gaan zitten. ,,Maar de arbeidskosten zijn daar hoger en zullen ook sneller stijgen. Dat is toch evident? In de scheepsbouw moet je daar gaan zitten waar de arbeidskosten het laagst zijn. In Nederland moet je dus geen schepen bouwen die ze ook in China kunnen produceren.' Maar China heeft nog een lange weg te gaan, relativeert hij. ,,Er is daar zo weinig, dat bijna alles ingevoerd moet worden, als je wilt vasthouden aan Europese kwaliteit.' Pas dit jaar komen de twee werven in China voor het eerst uit de kosten.

Japan en Korea, scheepsbouwlanden bij uitstek, heeft hij altijd links laten liggen. Niet alleen omdat de lonen er relatief hoog zijn, ook de beschermingsconstructies hielden overnames tegen. ,,Je ziet wel wat veranderingen optreden, bijvoorbeeld in de automobielindustrie, maar nu is het voor ons niet aantrekkelijk meer.'

Hij kleunt ook wel eens mis, geeft hij toe. ,,We hebben ooit een werf in Engeland gekocht, omdat de arbeidskosten daar maar 60 procent van die in Nederland waren. Maar we waren daar toch veel duurder uit door allerlei bepalingen van de vakbonden die niet bijdroegen aan de efficiëntie op de werkvloer. Die werf hebben we moeten sluiten. Dat heeft ons veel geld gekost.'

Ook in eigen land ging Damen in 1984 stevig onderuit. Hij dacht na de teloorgang van het Rijn-Schelde-Verolmeconcern de roemruchte werf Wilton-Fijenoord te kunnen overnemen, maar kreeg de directie niet achter het plan. Ook de werknemers van Wilton keerden zich tegen de 'polderjongen' uit de Alblasserwaard. ,,Dat is een grote fout geweest, die we ook nooit meer hebben gemaakt. Je moet altijd de zittende directie aan je kant zien te krijgen.'

Bij de recente overname van De Schelde in Vlissingen, eveneens uit het voormalige RSV-concern, werkte de directie ook niet mee. ,,Die had een andere agenda. Dat we De Schelde toch hebben kunnen kopen, kwam door de belabberde situatie. De werf was nagenoeg failliet. Dat heeft in ons voordeel gewerkt.'

De lijst van overnames is lang. Vorig jaar nam hij giga-werven over in de Oekraïne en Roemenië. ,,Vaak hebben dat soort werven nog een eigen hotel en bakkerij. Hele dorpsgemeenschappen leven daar van de werf. Je grijpt diep in in de lokale economie, als je zo'n bedrijf overneemt. Want alles wordt anders, de bakkerij wordt verzelfstandigd, het hotel verkocht, allerlei nevenactiviteiten uitbesteed en ga zo maar door. Maar het eind van het liedje is wel dat die werf veel beter gaat draaien, waardoor iedereen erop vooruitgaat.'

Damen is nu actief in alle sectoren van de scheepsbouwmarkt, van reparatie tot nieuwbouw, van de bouw van jachten tot vrachtschepen. Ook snelle catamarans voor passagiersvervoer kan hij leveren (via een werf die hij kocht in Singapore). ,,Het vervoer over water, van zowel goederen als mensen, zal sterk in omvang toenemen.' De marinemarkt bleef lang voor hem gesloten, omdat hij er niet in slaagde een marinewerf over te nemen. Die had hij nodig voor de noodzakelijke referenties. Met De Schelde is nu ook die markt ontsloten.

Aan stoppen denkt hij nog lang niet. Thuis heeft hij krachtstroom laten aanleggen, omdat hij ooit een houten bootje wil bouwen. Zijn ontspanning vindt hij vooral in het zeezeilen. Een keer per jaar gaat hij er met een paar vrienden een aantal weken tussenuit. Inmiddels zijn ze de hele wereld rond gezeild. Tijdens zijn reizen probeert hij naar het ballet of de opera te gaan. ,,Volgende week ga ik met de auto naar Polen, zodat ik in Berlijn een theatervoorstelling kan meepikken. Maar in de loop der jaren is er steeds minder tijd gekomen voor ontspanning tijdens het reizen.'

Hij gaat er niet onder gebukt. ,,Als je met een creatief proces bezig bent, wil je daarmee doorgaan. Ik denk dat het vergelijkbaar is met schilderen of schrijven. Dat proces eindigt pas als ik het niet meer kan opbrengen of als de commissarissen vinden dat ik niet meer functioneer. Ik bezit ook over veel gecumuleerde ervaring waardoor je het bedrijf beter richting kunt geven of voor fouten behoeden.'

'Natuurlijk' laat hij zich corrigeren. ,,Ik kan heel veel hebben. Behalve onredelijkheid en oneerlijkheid. Dan kan ik vreselijk driftig worden. Dan gaat er wel eens een rekenmachine of telefoon het raam uit. Thuis sneuvelt er ook wel eens een raam. Ik dacht dat die driftbuien wel zouden afnemen met het ouder worden, maar tot nu toe merk ik daar niks van. Ik vind het vreselijk dat ik mezelf dan niet onder controle heb. Ik ben ooit van de HTS gestuurd na een handgemeen met een leraar. Mijn vader is toen voor me gaan soebatten, met als resultaat dat ik na een jaar mocht terugkomen. In dat strafjaar heb ik bij Leen Smit als ijzerwerker gewerkt. Daar heb ik overigens meer geleerd dan op de HTS. Vooral wat je níet moet doen met je werknemers.'

,,Het is waar wat mijn vader altijd zei: wees goed voor je personeel en je klanten. Bij zijn dood had hij brieven achtergelaten voor zijn kinderen en kleinkinderen. Daarin schreef hij dat hij het zo jammer vond dat we het geloof hadden afgezworen. Zelfs na zijn dood bleef hij evangeliseren. Maar die brieven stonden ook vol wijsheden, waar ik nog regelmatig op terugval.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden