Voetbal is in Colombia hoop op leven

Colombia, vanavond tegenstander van Oranje, is klaar voor een nieuw imago: dat van voetballand. Het gele shirt van de nationale ploeg is het meest gedragen kledingstuk in het land van drugs, criminaliteit en de Farc.

GALAPA - Voor het eerst in de geschiedenis treft Oranje het Colombiaanse voetbalelftal, vanavond in de Amsterdam Arena. Een vriendschappelijk duel dat La selección bloedserieus zal nemen. Het land is klaar voor een nieuw imago: dat van voetballand. Colombia - nummer vier van de wereld inmiddels - heeft zich voor het eerst sinds 1998 gekwalificeerd voor het WK, met een 3-3 gelijkspel tegen Chili. Met dank aan twee strafschoppen en een rode kaart voor Chili, maar wie maalt daar om? Na de kwalificatie onstaat er een volksfeest, zo uitbundig dat het lijkt of de wereldtitel al binnen is.

Dagen later wordt er in Galapa, een arm dorpje in het Caribische noorden van Colombia, nog altijd gedanst, gezongen en vooral gedronken. Een kwart van de mensen draagt er al dagenlang een voetbalshirtje. Op straat wordt er over niets anders gepraat: Vamos a Brazil! - het buurland dat zo lang een onbereikbare droombestemming leek. De drie doelpunten tegen Chili hebben een jarenlang gekoesterde droom verwezenlijkt.

Nederland is een voetballand en wij houden van Oranje. Dat dacht ik tenminste altijd, dat wij de geksten waren, de fanatieksten. Nu weet ik beter: ik had de Colombianen nog niet gezien. In Nederland is voetbal volksvermaak, emotie, een spel. In Colombia behelst voetbal letterlijk de hoop op leven - en soms zelfs de enige manier van overleven. Wie die hoop om zeep helpt, moet dat duur bekopen. Op het WK van 1994 werd Colombia met 2-1 uitgeschakeld door de Verenigde Staten. Een van de tegendoelpunten was een eigen goal van Andrés Escobar, die na thuiskomst in zijn geboortestad Medellín werd doodgeschoten.

De moord op Escobar past in het plaatje: Colombia, land van drugs, criminaliteit en de Farc. Al jaren probeert het land dit imago van zich af te schudden. Het Colombiaanse toerismebureau heeft een nieuwe slogan: Colombia, el riesgo es que te quieras quedar. De Engelse versie: the only risk is wanting to stay. Het risico te willen blijven in dit prachtige, fascinerende land bestaat inderdaad, maar de kans op een gewelddadige beroving in hoofdstad Bogotá ook. Colombianen zelf zien dat overigens niet als een gevaar, het hoort bij het leven in de stad.

Wat niet betekent dat ze geen verandering willen. Het probleem is dat ze geen uitweg zien. Velen dromen van een leven zonder drugs, met voldoende voedsel, misschien zelfs stromend water, elektriciteit en een koelkast of televisie. Voor de meeste niños de la calle in Galapa, de straatjongens, is een carrière als profvoetballer de grootste droom. Net als voor Nederlandse jongens, maar in Colombia hebben kinderen vaak geen geld om zich aan te melden bij een voetbalclub.

Op een muur in Galapa prijkt een felgekleurde schildering: No a la droga, si a la deporte: nee tegen drugs, ja tegen sport. Met ernaast twee voetballende figuurtjes. Op een woensdagavond ontmoet ik Jairo, op een slecht verlicht, grasloos voetbalveld midden in het dorp. Overal om me heen vliegen ballen door de lucht, jongens tussen de vijf en zestien jaar rennen op en neer, vaak blootsvoets want geld voor schoenen hebben ze niet, laat staan voor voetbalschoenen. Jairo begon zelf als straatjongen een voetbalclubje met andere straatjongens. Inmiddels is hij 34 en dé jeugdtrainer van Galapa. Elke avond geeft hij trainingen, gevolgd door meer dan honderd jongens. Die jongens zijn z'n leven: Jairo heeft geen tijd voor een relatie en woont bij zijn moeder en oma. Een van de armste voetballertjes heeft hij praktisch in huis genomen.

Eerst betaalde Jairo alles uit zijn eigen zak, maar dat ging niet meer. Nu betalen de ouders 6000 pesos contributie per maand en 4000 pesos als verzekering, voor als een van de jongens bijvoorbeeld een arm breekt. De contributie gaat naar materiaalonderhoud en de huur van het veld. Niet iedereen kan die 10.000 pesos (ongeveer vier euro) missen. Maar ze moeten iets bijdragen, want wat gratis komt, wordt niet gewaardeerd. Jairo en zijn jongens krijgen sinds kort ook hulp van de gemeente: bij uitwedstrijden regelt die soms een bus.

Jairo: "In dit deel van Colombia vind je op elke straathoek marihuana, cocaïne, alcohol, zo goedkoop dat zelfs de allerarmsten het kunnen betalen. De kinderen gaan maar halve dagen naar school, daarna is er alleen maar verveling en honger. Drugs vormen dan een verleidelijke manier om even aan de werkelijkheid te ontsnappen."

Jairo biedt een broodnodig alternatief, en de voetbaltrainingen vormen een machtig wapen: "Als kinderen hier niet naar school willen, zeggen ouders vaak: 'Dan ga je toch niet'. De kinderen krijgen wat geld en brengen de dag op straat door, en je kunt wel raden wat er dan gebeurt. Ik zeg: 'Als je drie keer niet naar school bent geweest, ben je niet meer welkom op de voetbaltraining'. Dat werkt. Wat betreft voetbal zijn de kinderen ontzettend gemotiveerd. Uitwedstrijd in het volgende dorp? Daarvoor lopen ze zonder morren drie kwartier over onverharde weggetjes."

"Discipline, respect, samenwerken, afspraken nakomen; dat krijgen de kinderen thuis niet mee. Als jongens zich aanmelden bij de voetbalclub, praat ik eerst met de ouders - vaak alleenstaande moeders. Ik vertel dat iedereen welkom is, maar dat de normen van de club gelden, niet die van thuis. Ik leer de jongens dat ze iets kunnen bereiken als ze hun best doen: ik voed ze op, geef ze zelfvertrouwen. Soms komen er scouts kijken van Colombiaanse voetbalclubs, al een paar jongens uit mijn teams zijn eruit gepikt. Dan is er opeens een toekomst. En het belangrijkste: met echte voetbalschoenen en echte uniforms. Ergens bijhoren is van levensbelang."

In Medellín, na Bogotá de grootste stad, is er volgens Jairo een angstaanjagende ontwikkeling gaande. "Heel jonge straatjongens groeperen zich om overvallen te plegen om zo aan geld te komen voor drugs en eten voor hun families", zegt hij. "Criminelen betalen ze om te moorden, die kinderen doen dat. Wie honger heeft, geeft niets meer om waarden en normen. Ik doe er alles aan om dat in Galapa te voorkomen."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden