Voelen hoe warm wangen zijn

Jaap Robben heeft een melancholieke pen die ineens diep kan snijden

Stel, je zou je alle keren dat je in je leven gevallen bent nog kunnen herinneren. Die keer met de fiets, met tikkertje op het schoolplein of toen je struikelde over de hond.

De ergste valpartijen kun je je misschien nog voor de geest halen, maar heb je ooit stil gestaan bij wat er met de velletjes is gebeurd die tijdens de val van je lichaam schaafden? Jaap Robben schreef eens een haast ontroerend in memoriam voor zo'n onooglijk velletje: "Vanmiddag ben ik het verloren / op het stoepje om de hoek."

Dat gedicht 'Knievelletje vermist' is helaas niet opgenomen in het onlangs verschenen ''s Nachts verdwijnt de wereld', maar daar staan weer andere momenten tegenover: een verre reis naar de Sahara, bijvoorbeeld. Niet per vliegtuig of auto, maar gewoon in de verbeelding: door met een potje uit het raam hangen, een paar korrels Saharazand op te vangen en zo 'toch een beetje op vakantie' te zijn.

Robben maakte voor dit bundeltje een kleine selectie uit eerder verschenen poëzie. Die vulde hij aan met gedichten die hij schreef als stadsdichter van Nijmegen en enkele niet eerder gebundelde verzen.

Net als Joke van Leeuwen of Bart Moeyaert is Jaap Robben zo'n auteur voor alle leeftijden. Eentje die met ongebreidelde fantasie een eigenzinnige, geestige versie van de evolutieleer en het scheppingsverhaal weeft. De vragen die hij stelt aan de wereld zou je kinderlijk kunnen noemen, of argeloos. Maar juist die naïeve blik maakt grote, nauwelijks te bevatten verschijnselen als liefde, en het verlies daarvan, de onbegrijpelijke dood, bijna tastbaar: "Niemand graaft / om zand te vinden. / We zochten jou / nadat we je vergaten. // Alsof we op achtergelaten jassen klopten / op zoek naar wat nog niemand was verloren."

Toch zijn de gedichten in dit mooi verzorgde boekje net iets meer op volwassenen gericht. Zoals 'Schemerleven', waarin Robben eenvoudige woorden legt om sensaties die niet gevoeld werden. Woorden waarachter verdriet om een verloren kindje verstopt zit: "Je bleef te kort / om te kunnen voelen / hoe warm wangen zijn."

Bij dit fragiele gedicht tekende Merel Eyckerman een levensboom, in even fijne lijnen. Haar surreële illustraties geven de gedichten weer een andere draai dan de meer kolderieke, collageachtige tekeningen die Benjamin Leroy in eerdere publicaties van de gedichten maakte.

Robben, die met 'Birk' ook succesvol als romanschrijver debuteerde, schrijft nonchalant, zo lijkt het. Maar zijn ritmische regels worden door nauwelijks opvallend rijm losjes bijeengehouden. En die lichte, melancholische pen kan onverwacht diep snijden. Zie het hiernaast afgedrukte, filosofische gedichtje over grenzen. Hoe een lijntje van een buurman ineens 'de ander' maakt, dat zijn vragen die zowel volwassenen als kinderen bezighouden.

Jaap Robben : 's Nachts verdwijnt de wereld Ill. Merel Eyckerman. De Geus; 48 blz. euro 15

Tekst: Janita Monna illustratie: Merel eyckerman

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden