'Voel het'

De vorig jaar overleden Rudi van Dantzig creëerde met zijn versie van 'Romeo en Julia' in 1967 bij Het Nationale Ballet een ontroerende balletvertelling. Wat is het geheim van deze klassieker?

Nee, de dansers stonden eigenlijk niet te juichen toen Rudi van Dantzig in 1967 gevraagd werd om een Nederlandse versie van 'Romeo en Julia' te maken. "Hmm, we willen liever het echte werk", vat Simon André (1942), destijds Romeo, de teleurstelling samen die toen bij Het Nationale Ballet heerste.

Het echte werk, dat was de versie die de oude Russische balletmeester Leonid Lavrovski in 1940 voor het Bolsjoi Theater had gemaakt.

Maar achteraf gezien is Van Dantzigs 'Romeo en Julia' een van de beste versies aller tijden, vindt André. Beter zelfs dan die van de Russische balletster Rudolf Nureyev en die van Kenneth MacMillan voor het Engelse Royal Ballet. André: "Van Dantzigs versie, die gebaseerd is op die van Lavrovski, staat als een huis."

Het is nu ruim een jaar geleden dat Rudi van Dantzig overleed, en Het Nationale Ballet danst zijn 'Romeo en Julia' de komende weken als eerbetoon. In de geschiedenis van het Nederlandse ballet is dit ballet een mijlpaal: de eerste grootschalige Nederlandse productie. Vraag een liefhebber naar zijn lievelingsballetten, en Van Dantzigs 'Romeo en Julia' staat in de top-3. De meeslepende karakterschetsen van de geliefden Romeo en Julia en de strijd tussen de Montecchi's en de Capoletti's die hun liefde onmogelijk maakt: het ballet weet het publiek al ruim 45 jaar te ontroeren.

Het 'geheim' van deze succesproductie stoelt volgens de huidige directeur van Het Nationale Ballet Ted Brandsen op de artistieke aanpak; die was gedurfd voor die tijd, meent hij. "De versie van Van Dantzig is veel levendiger dan andere versies. En hij gaat dieper. Zijn ballet focust op de psychologische geloofwaardigheid van de personages, hij heeft de handeling meer naar Shakespeares origineel geplooid. Rudi volgde zijn hart, hij had lak aan de conventies van een hiërarchisch balletgezelschap. Voorop stond dat hij iets spannends wilde laten zien."

Dat resulteerde in 1967 in een relletje toen Van Dantzig besloot niet stersoliste Olga de Haas als 'eerste' Julia te casten, maar de destijds onbekende en onervaren jonge danseres Yvonne Vendrig. "Hij zag potentie in mij," vertelt de inmiddels in Berlijn woonachtige ex-ballerina. "Ik had geen enkele ervaring met solistische rollen. Maar ik had in mijn leven wel al een en ander meegemaakt, de vroege dood van mijn vader bijvoorbeeld. Op een of andere manier kon Rudi, met die staalblauwe ogen van hem, diep in mijn ziel kijken. Hij zag gewoon dat er meer in mij zat. Olga de Haas, een fantastische danseres, voelde zich gepasseerd en verdween zelfs enige tijd van het toneel, zonder dat iemand wist waar ze was."

Dat Vendrig Van Dantzigs gedroomde Julia was, en hijzelf Romeo nummer één, verbaasde Simon André niet. "Rudi is in zijn oeuvre een groot verhalenverteller gebleken. En dat verhaal moest bovenal éérlijk zijn. Yvonne was nog niet eens coryfee, een lagere balletrang, maar bezat wel grote dramatische kwaliteiten. Ik had als solist de nodige ervaring, en stond bekend als danspartner die danseressen kon laten stralen. En Yvonne was een mooie meid op het toneel. Rudi dacht: als ik die twee nou eens aan elkaar koppel, ontstaat er vast iets moois."

Wat volgde was een bezielde repetitieperiode, die zich afspeelde in gehuurde repetitielokalen van de Nederlandse Comedie in de Amsterdamse Stadsschouwburg. André: "Vanwege de grootschaligheid van de productie moesten we daar naar uitwijken. Maar er waren geen spiegels in die huurstudio's, dus we hebben onszelf tot op de dag van de première niet kunnen zien dansen. Dat is raar als je afhankelijk bent van je fysiek. Door jezelf in de spiegel te zien bewegen, heb je controle; dat dit nu niet het geval was, werkte voor wat Rudi van ons wilde, heel bevrijdend."

Yvonne Vendrig: "Simon en ik gingen er vol in. En zonder Simon had ik het nooit gered. Alles kwam van binnenuit; voor mij heel belangrijk om de ontwikkeling te doorvoelen van een jong meisje op weg naar volwassenheid - hartverscheurend tot in de dood. "Laat gaan", zei Rudi dan. "Maakt niet uit hoe het eruitziet, vóel het." Dan was het alsof de muren van de studio wegvielen en ik ging zweven."

"Ik vond dat vaak nogal hysterisch," zegt Simon André. "Alles moest altijd zo duidelijk mogelijk. Té, wat mij betreft. Tijdens een try-out in Heerlen was ik bewust als versteend naar Julia aan het kijken tijdens haar opkomst in de balscène. Roept Rudi keihard, in een volle zaal, dwars door alles heen: 'Hé Romeo, zit niet te slapen!' Rudi kon me woedend maken."

Die laatste jaren van de bewogen jaren zestig waren een tijd van pionieren en avant-garde, blikt André terug. "Er hing een sfeer van 'wij zijn familie'. En samen gaan we ervoor. Er werd verschrikkelijk veel gelachen, óók met balletleidster Sonia Gaskell van wie later een onterecht beeld van een draak van een vrouw is geschetst. Dansers van toen hadden niet de opleiding die nu gangbaar is. Gaskell nodigde docenten van Bosjoi en Kirov uit om ons ballettechniek bij te brengen. Dan kwamen 'de Russen' en bleek dat we basale balletoefeningen simpelweg niet machtig waren. Moet je de dansers van nu zien: ze kunnen zowat alles."

Daarom is de destijds op díe groepsstandaard gecreëerde 'Romeo en Julia' effectief, maar eenvoudig, weet Ted Brandsen. "Dat geldt met name voor de groepsdansen. Voor de dansers van nu is dat minder uitdagend om te doen. Aan de andere kant is het groepsacteren tegenwoordig minder vanzelfsprekend. Dansers zijn tegenwoordig technisch beter, maar niet noodzakelijkerwijs artistiek van hoger niveau. Rudi van Dantzig pushte dansers over hun grenzen heen. Hij dwong ze níet netjes te zijn. De huidige dansers hebben soms gêne om zichzelf te laten zien."

Voor Vendrig en André was 'Romeo en Julia' een hoogtepunt in hun carrière. De band die ze toen ontwikkelden, houdt stand. Heel regelmatig zien André en Vendrig elkaar niet, maar rond Kerst bellen ze elkaar om nieuwtjes uit te wisselen. Simon André stopte vier jaar na zijn Romeo-interpretatie bij Het Nationale Ballet en ging lesgeven aan de balletacademie van Tilburg, wat hij 23 jaar zou blijven doen. Yvonne Vendrig vertrok naar Duitsland om als solist te dansen, totdat zij door een ongeluk gedwongen werd haar professionele danscarrière te beëindigen. Ze werd balletmeester, en momenteel geeft ze les aan een balletschool in Berlijn.

Als zij 'Romeo en Julia' in een reprise terugzien, is er natuurlijk altijd een punt van vergelijken. André: "Dat meeslepende uit onze tijd, dat is tegenwoordig minder." Vendrig: "Rudi heeft me weleens verteld dat waar ter wereld hij 'Romeo en Julia' ook instudeerde, ík de Julia was die hem tot tranen wist te roeren. Ik ben trots dat hij zijn Julia op mij heeft gecreëerd. En andersom: deze rol heeft mij gemaakt tot wie ik ben."

De huidige artistiek leider Ted Brandsen vindt 'Romeo en Julia' nog altijd een grote uitdaging. "Dat immense gevoel, in de geest van Rudi van Dantzig, moeten wij als gezelschap tot leven zien te wekken."

'Romeo en Julia' van Het Nationale Ballet. T/m 1/4, Het Muziektheater Amsterdam, daarna tournee. www.hetballet.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden