VOC-bestuurder hangt met nichtje in Westfries Museum

Cees Straus

De collectie van het Westfries Museum in Hoorn is uitgebreid met twee portretten van Hoornse ingezetenen. Ze zijn van de hand van de 18de eeuwse schilder Nicolaas Verkolje (1673 tot 1747). In die tijd werd de kunst sterk gedomineerd door de Franse mode. Dat kwam tot uiting in een vormgeving die sterk werd beïnvloed door het (neo-) classicisme dat tegenwoordig in onze ogen koel en afstandelijk aandoet.

Adriaan van Bredehoff bekleedde in Hoorn diverse regentenfunctie, waar onder die van schout en bewindvoerder van de Verenigde Oost-Indische Compagnie. Als regent had hij de beschikking over een zwarte bediende die de naam Tabo Jansz. droeg. Wellicht is Jansz op een van de vele slaventransporten van de VOC (of WIC) mee gekomen. Feit is dat Van Bredehoff de man, kort nadat Verkolje hem en zijn nicht in 1727 heeft geportretteerd, een geldbedrag heeft doen toekomen. Met dat legaat kon Jansz een eigen tabakswinkel beginnen.

Het tweede portret laat het 17-jarige nichtje zien van de VOC-regent, Johanna Machteld van Bredehoff. Zij had geen functie binnen de Hoornse bestuurswereld. Het museum nam het schilderij op in de collectie omdat zij verbonden was aan een van de belangrijkste families in het Hoornse. Beide werken vielen het Westfries Museum toe na de dood van de verzamelaar John de Visser.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden