VN waarschuwt voor genocide in de Centraal-Afrikaanse Republiek

Gewapende Seleka-rebellen rijden door de straten van hoofdstad Bangui.  Beeld REUTERS
Gewapende Seleka-rebellen rijden door de straten van hoofdstad Bangui.Beeld REUTERS

In de Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR) zijn de “eerste waarschuwingstekens voor genocide” zichtbaar. Dat zegt Stephen O’Brien, afgevaardigde van humanitaire zaken bij de Verenigde Naties, nadat hij een bezoek heeft gebracht aan het centraal gelegen land in Afrika.

Melanie Zierse

“Er is een vreselijke ontwikkeling gaande waarbij milities etnische of religieuze argumenten gebruiken om aan te vallen”, aldus O’Brien tegen persbureau AP. Hij bezocht het stadje Bangassou, in het zuidoosten van de Republiek. Daar zag hij tweeduizend moslims in een katholieke kerk opgesloten zitten. De gelovigen waren daarheen gevlucht, nadat hun huizen waren verbrand door voornamelijk christelijke anti-Balaka militairen. Volgens de afgevaardigde lagen de krijgsmannen voor de kerk te wachten om de moslims te vermoorden wanneer zij zouden proberen te ontsnappen.

Niet alleen in Bangassou laait het conflict op. In andere steden in het zuidoosten, zoals Obo en Bria, is ook sprake van veel geweld. “We maken ons zorgen dat er geen controle op is”, zegt O'Brien. Het land, twee keer zo groot als Frankrijk, heeft maar 1300 kilometer aan verharde wegen. In het gebied zijn 12 duizend blauwhelmen van de VN aanwezig om de burgers te beschermen.

Ook zij zijn volgens O’Brien doelwit van de christelijke milities, omdat de veiligheidstroepen de moslimgemeenschap proberen te beschermen. Maar, zegt de afgevaardigde, "wij proberen alle burgers te beschermen, ongeacht hun achtergrond".

(Tekst loopt door onder afbeelding)

Bewoners van de stad Bangassou. Beeld EPA
Bewoners van de stad Bangassou.Beeld EPA

Escalatie

De Centraal-Afrikaanse Republiek wordt sinds 2013 geteisterd door geweld tussen islamitische Seleka rebellen en christelijke anti-Balaka milities. Sinds de Seleka rebellen de christelijke, democratisch verkozen president François Bozizé in 2013 na een coup hebben afgezet, zijn er duizenden doden gevallen en honderdduizenden mensen gevlucht naar nabijgelegen landen.

Het geweld tussen de religieuze groeperingen verplaatst zich langzaam richting de centrale en zuidoostelijke regionen van het land. Sinds mei dit jaar zijn er meer dan driehonderd mensen gedood en ruim honderdduizend anderen op de vlucht geslagen.

“De escalatie is heel ernstig. Er is sprake van diepe etnische zuivering”, aldus O’Brien. De overheid heeft alleen controle over de hoofdstad Bangui en de daaromheen gelegen gebieden. Het is volgens de afgevaardigde van belang dat deze autoriteit in het hele land gaat gelden. De internationale gemeenschap moet ook helpen de milities hun wapens neer te laten leggen.

O’Brien is niet de eerste die waarschuwt over de situatie in de Centraal-Afrikaanse Republiek. De secretaris-generaal van de VN, Antonio Guterres, sprak eind juli al over toenemende gevechten en verhoogde etnische spanningen.

Anti-Balaka militie. 
 Beeld REUTERS
Anti-Balaka militie.Beeld REUTERS
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden