Vliegangst is onzin, alleen in de lift reis je veiliger. Waarom zijn veel mensen dan toch zo bang in de lucht?

Door het metalen lijf loopt meer dan 217 kilometer elektrische bedrading, als bloedvaten. De reus, hoog als een flatgebouw van zes verdiepingen, kan een gewicht meetorsen van 400000 kilo. De vleugels, log en stijf, zijn zo breed als een voetbalveld. En dan, wanneer deze vogel opstijgt, klopt het hart van de machine steeds harder, de motor bereikt een temperatuur van 1200 graden Celsius. Wie zou het niet benauwd krijgen wanneer hij beseft dat dit monster door de lucht raast, met 216000 liter kerosine in zijn lijf, als een vliegende bom?

In gedachten zien we het vliegtuig ontploffen, veranderen in een vuurbal en neerstorten in zee of op het land, de foto's van wrakstukken kennen we uit de krant. De laatste seconden van de reizigers, gevangen in donker blik, de verzengende hitte: een levendige fantasie is niet nodig om dergelijke taferelen te kunnen bedenken. Want vliegen roept veelal een gevoel van angst op. Toch is het vliegtuig, op de lift na, het veiligste transportmiddel. Wereldwijd sneuvelen 900 mensen per jaar door een vliegtuigongeluk, een klein aantal vergeleken met de 1300 verkeersdoden die Nederland jaarlijks telt.

Maar Nederlanders zijn een bang volkje, constateerde Trendbox onlangs in een onderzoek over angst. We zijn welvarend, dat wel, maar ondertussen vrezen we dat we kanker krijgen, een hartaanval, onze partner zullen verliezen of een dierbare vriend. We verafschuwen inbraak, en zijn bang voor verkeersongelukken en een onderzoek bij de huisarts. Zo is ook de kans groot dat u niet van vliegen houdt, hoewel het verwaarloosbaar is dat u ooit getuige dan wel slachtoffer zult zijn van een crash. Van de honderd mensen hebben zeker 35 min of meer last van vliegangst en nog eens tien hikken er telkens weer tegenaan als ze op vakantie of zakenreis moeten. We proberen ons steeds meer tegen ellende in te dekken, tegelijkertijd wordt de angst om te verliezen -leven, welvaart, geluk?- steeds groter. Ziektes bestrijden we met zelfmedicatie en als we ons beschermd willen voelen, roepen we om meer blauw op straat, vliegreizen proberen we te omzeilen, om maar niet ons lot in handen van een machine en een aantal onbekende piloten te hoeven leggen.

Zijn er dan zoveel ziektes en ongelukken om ons heen: kortom gevaar? ,,Het brein is zo geconstrueerd dat het niet gemakkelijk onderscheid kan maken tussen voorstellingen die door prikkels van buiten worden opgeroepen en voorstellingen die louter het product van onze verbeeldingskracht zijn'', schrijft Lucas van Gerwen, piloot en psycholoog, in het boekje 'Help, ik moet vliegen'. De wortel van dit kwaad is angst, zegt hij. ,,Je loopt voortdurend het risico angst te ervaren louter en alleen op grond van een gevaar dat je je ingebeeld hebt (...).''

Met onze perceptie is het mis, zegt Van Gerwen. ,,Hoeveel mensen zijn gestorven aan de ziekte van Jakob Creutzfeldt? Het waren er 107, precies het aantal mensen dat dood is gegaan door het drinken van parfum, maar daar hoor je niets over.'' In de Verenigde Staten zijn soortgelijke resultaten bekend: de kans om kanker te krijgen wordt daar sterk overschat en de kans aan astma te overlijden sterk onderschat. Dat gaat ook op voor de angst voor vliegen, meent Van Gerwen, die als directeur en met een team psychologen bij stichting VALK (Vlieg Angstbestrijding Leidse Universiteit en KLM) jaarlijks vierhonderd mensen van hun vliegangst afhelpt. Vorige week promoveerde hij aan de Universiteit van Leiden op het onderwerp 'vliegen en angst'.

De mogelijkheid tot vliegen heeft altijd gemengde gevoelens opgeroepen. De verbeelding: waren het niet de vleugels van Icarus, dan wel de pentekeningen van Leonardo Da Vinci. De zee werd bevaren, het land bereisd, maar de lucht bleef eeuwenlang onbeheersbaar terrein. Daarnaast het ongeloof én ongemak die mensen nog steeds voelen als ze een vliegtuig instappen: hoe is het in vredesnaam mogelijk dat een bakbeest van duizenden kilo's zich een weg weet te banen door het wolkendek?

Als honderd mensen een turbulentieschok voelen, is de helft het snel weer vergeten, een vierde praat er nog even over door, een vijfde vertelt het 's avonds thuis en drie personen ontwikkelen vliegangst. Waarom juist die drie mensen? ,,Deze angst wordt onder andere veroorzaakt door stress, als iemand overvraagd wordt in zijn relatie of op zijn werk, als iemand een overlijden moet verwerken, een verkrachting of een ongeluk.'' Een reis door de lucht is dan net de druppel die de emmer vol angst en stress doet overlopen. De luchthaven wordt voorgoed gemeden.

Volgens Van Gerwen, die het boek 'Help, ik moet vliegen!' samen met psycholoog René Diekstra schreef, wordt angst een probleem als hij ontstaat zonder dat er een reëel gevaar is, of als de grootte van het gevaar wordt onderschat. Problematisch is het ook als het gevaar geweken is en de angst blijft bestaan of als er geen mogelijkheid is om te vluchten of te vechten. ,,Het lichaam past zich aan aan een gevaarlijke situatie. De spieren spannen zich in de benen, mensen gaan sneller adem halen, ze transpireren en er worden stoffen aangemaakt om snel te kunnen reageren. De ongerustheid over de lichamelijke reactie veroorzaakt een nog grotere angst en dus stress, zegt Van Gerwen: het is als een vicieuze cirkel.

Vliegangst is een 'overkoepelende angst'. Er gaan talloze andere angsten achter schuil. Want in een vliegtuig kun je last krijgen van claustrofobie, de angst voor controleverlies, het kampen met controledwang, de angst voor ongeluk, voor donker, voor water, zelfs doodsangst is niet onwaarschijnlijk in het metalen lijf van een vliegtuig. Mensen hebben last van een hyperwaakzaamheid en proberen voortdurend op te letten zodat er niets ergs zal gebeuren, of vechten met sociale angst -terwijl ze schouder aan schouder tussen onbekenden in te krappe stoelen zitten. ,,Sommige mensen hebben last van hoogtevrees. Het is niet altijd een kwestie van 'hoog vliegen', maar een dieper gevoel van 'los van de aarde zijn', de verontruste vraag 'of je ooit nog wel naar moeder aarde zult terugkeren'', vertelt Van Gerwen, terwijl hij door zijn kantoor loopt. In de hoek staan twee echte passagiersstoelen uit een vliegtuig. Een andere kamer heeft zelfs meerdere stoelen klaarstaan, specifiek voor groepen 'vliegangstigen'. Na een diagnostisch gesprek volgt een traject van enkele maanden tot een half jaar, waarin stressmanagementtechnieken worden geleerd en een bezoekje aan een KLM hangar én een vlucht in een cabinesimulator op het programma staan. ,,Het kan veel emoties opleveren. Er wordt gehuild, maar vaak zijn het tranen omdat ze hun angsten weten te overwinnen.''

Wie vliegangst weet aan te pakken, lost daardoor ook vaak andere problemen op. ,,Als je angst niet overwint, kan het zich gaan uitbreiden. Zeker als je situaties gaat vermijden'', zegt Van Gerwen.

Ook mensen die wél slachtoffer zijn geweest van een vliegtuigramp, zoals bij Faro in 1992, komen bij Valk voor therapie. Een groep die moeilijker te behandelen is dan mensen die kampen met een angst voor vliegen, zonder dat daar een werkelijke reden toe is. ,,Als psycholoog kun je met cliënten die geen negatieve ervaringen hebben opgedaan, sneller door de bocht. Mensen die een luchtvaartramp hebben meegemaakt, leer je 'geschiedenis schrijven'. Ze moeten beseffen dat elk moment uniek is, dat ze niet het nu moeten laten bepalen door wat er vroeger is gebeurd.'' Van Gerwen: ,,Maar de angst is voor beide partijen even reëel.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden