Vlaamse wrevel over 'solidariteit' via Brussel

Bart de Wever stevent af op een verkiezingsoverwinningBeeld REUTERS

In bijna twee eeuwen is het niet gelukt om van België één land te maken. Dat voorspelt weinig goeds voor het ontstaan van een Europees gemeenschapsgevoel, schrijft Patrick van Schie.

Met de tv-serie 'In Vlaamse velden' begonnen onze zuiderburen onlangs de herdenking van het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, nu een eeuw geleden. Waar in Nederland met 'de oorlog' altijd de Tweede Wereldoorlog wordt bedoeld, is voor België de Eerste Wereldoorlog de 'Grote Oorlog'. De vijf personen uit het Gentse gezin die in de TV-serie werden gevolgd kwamen geen van allen ongeschonden uit die oorlog. Twee lieten het leven, de drie overlevers kregen elk hun eigen decepties op het gebied van liefde, bedrog, dood en verderf te verduren.

'Take up our quarrel with the foe', luidt een van de regels in het beroemde gedicht uit 1915 'In Flanders fields' van John McCrae, waaraan de TV-serie haar titel ontleende. Maar wat de serie nogal waarheidsgetrouw duidelijk maakte was dat het begrip 'vijand' voor Vlamingen indertijd tamelijk dubbel was. Natuurlijk, de Duitse overweldiger van hun land was een vijand. Maar waren hun Waalse landgenoten die als officieren louter in hun eigen taal commando's gaven aan de Vlaamse rekruten, en die deze Vlaamse soldaten keihard straften als zij die Franstalige commando's niet bleken te begrijpen, eigenlijk veel beter?

Tweederangsburgers
Honderd jaar geleden heersten de Walen nog volop in België. Zij behandelden de Vlamingen, zeker als die Nederlands spraken, als tweederangsburgers. Inmiddels zijn de rollen in sociaal-economisch opzicht allang volledig omgedraaid. De voorheen rijke Walen zijn nu massaal aan de bedeling, de arme Vlamingen van vroeger vormen tegenwoordig de economische motor van het land.

Toch worden de Vlamingen in zeker opzicht nog altijd door hun landgenoten uitgezogen. Elk jaar vindt er een overdracht van ongeveer acht miljard euro plaats van Vlaamse belastingbetalers naar Waalse uitkeringstrekkers. De grootste partij in Wallonië, de socialisten van premier Di Rupo, waakt als een leeuwin over de belangen van haar clientèle.

Naar verwachting zal het ongenoegen hierover in Vlaanderen bij de Kamerverkiezingen die over vier weken in België worden gehouden, gelijktijdig met de verkiezingen voor het Europees Parlement, uitstulpen in de vorm van een klinkende overwinning voor de N-VA van Bart de Wever. In de peilingen staat de partij meestal tussen 30% en 35%, soms tot aan 40% van de stemmen in Vlaanderen. Het ziet ernaar uit dat de N-VA in Vlaanderen meer stemmen gaat halen dan de nummers twee en drie tezamen.

Extreem?
Van de N-VA kun je van alles vinden, maar redelijkerwijs niet dat het een extreme partij zou zijn. Indien de partij inderdaad zo groot wordt als momenteel wordt voorspeld, is het ongezond als zij opnieuw buitenspel komt te staan. De oude 'gevestigde' partijen in Vlaanderen zullen de wens van de N-VA tot omvorming van België in een confederatie wel als 'extreem' ervaren, maar die wens is eigenlijk niet meer dan een politieke vertaling van de werkelijkheid in het land. Vlamingen en Walen leven steeds meer langs elkaar heen, twee afzonderlijke volken binnen de grenzen van één land.

Wat hen nog bindt is het - erg op de Franstalige gemeenschap gerichte - koningshuis en de geldstroom die van noord naar zuid vloeit. Logisch dat velen in het noorden van die laatste eenzijdige 'solidariteit' af willen. Een confederatie zou betekenen dat Vlamingen en Walen voortaan elk hun eigen boontjes moeten doppen.

Minder logisch is dat bijna alle Belgen, ook de N-VA van De Wever, welhaast onverminderd eurofiel blijven. Je zou toch zeggen dat in België op kleine schaal is te zien wat er in het grotere verband van de huidige EU loos is. Toch lijken de Belgen zich aan de Europese Unie en de overdracht daaraan van steeds meer bevoegdheden vast te klampen als oplossing voor hun eigen ontbrekende nationale identiteit.

Bijna twee eeuwen leven in één land van twee gemeenschappen heeft niet tot de vorming van één Belgisch volk geleid; integendeel, het heeft beide gemeenschappen alleen maar verder uit elkaar gedreven. Hoe waarschijnlijk is het dan dat het forceren van steeds meer Europees bestuur ooit wel tot het ontstaan van een Europees gemeenschapsgevoel zal leiden? Minder Brussels centralisme in België zelf, zou juist de voorbode van een nieuwe trend in de EU behoren te zijn.

Patrick van Schie is historicus en directeur van de Teldersstichting, het onafhankelijk wetenschappelijk bureau ten behoeve van het liberalisme gelieerd aan de VVD. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden