Review

Vlaamse illustratoren in opmars

Gregie de Maeyer: 'Paarden, poezen en konijnen', 64 p, Averbode, ¿ 24,95, vanaf 5 jaar; Gregie de Maeyer: 'Fietsen', 37 p, Averbode, ¿ 21,85, vanaf 5 jaar; Ben Reynders (samenst.): 'Strikjes in de struiken', gedichten door kinderen, ill. Gerda Dendooven, 126 p, Infodok, ¿ 19,95, vanaf 6 jaar; Ludwien Veranneman: 'Eend, Kim en de man', ill. Gerda Dendooven, 28 p, Infodok, ¿ 29,90, vanaf 6 jaar; Lieve Baeten: 'Lotje is jarig', Clavis, ¿ 24,90, vanaf 3 jaar.

Op deze manier confronteert Gregie de Maeyer kinderlijke dierenliefde met de harde realiteit in een dorp waar de normen van boeren en jagers bepalend zijn. Het maakt de verhalen spannend: het is steeds even rillen om de wreedheid van grote mensen, maar samen met papa komt Sara toch tot diervriendelijke oplossingen. Daarbij knipoogt De Maeyer graag naar het absurdisme. Zo laat hij in het eerste verhaal de zes paarden op de bank in de kamer naar een cowboyfilm op televisie kijken, en geeft papa elk paard een glaasje limonade met een rietje, voordat hij ze het huis uit bonjourt.

Dubbeltalent Gregie de Maeyer illustreerde de verhalen zelf met geestige, pictogram-achtige prenten die met hun beheerste penseelvoering Japans aandoen. Ze hebben niet de gratie van Japanse prenten, maar wel het spontane.

Gregie de Maeyer is een echte duizendpoot, die behalve schrijver en illustrator ook vormgever en theaterman is. De laatste jaren maakte hij een interessante ontwikkeling door. Tekende hij aanvankelijk schreeuwerige, commerciële stripprentjes, zoals in 'Ze zijn er weer' uit 1991, later is hij met verschillende stijlen en technieken gaan experimenteren, waarin behalve Japanse penseelkunst ook de invloed van Wim Hofman waarneembaar is. 'In de put' (1993), 'Fietsen' (1993) en 'Mama?' (1994), voor beginnende lezers, zijn daar voorbeelden van. 'Fietsen', dat tekstueel het sterkst van die drie is, kreeg onlangs de driejaarlijkse Prijs van de Vlaamse Gemeenschap, de hoogste prijs voor een jeugdboek in Vlaanderen. In dat verhaal - inmiddels als theaterstuk opgevoerd door jeugdtheatergroep 'Het Gevolg' - leert een meisje fietsen, maar het fietsen staat hier voor alles wat een mens in zijn leven met vallen en opstaan moet leren. Een sterke tekst, waarin de Nederlandse lezer het vleugje Vlaams purisme (drinkbus voor bidon en koersfiets voor racefiets) maar als taaleigen moet waarderen.

Frisse wind

Gregie de Maeyer is een duidelijke exponent van de interessante ontwikkeling die de Vlaamse jeugdliteratuur al enige tijd doormaakt. Jarenlang werd er door Nederlandse critici afgegeven op Vlaamse kinder- en jeugdboeken. Vaak terecht: verhalen en illustraties waren oubollig, sentimenteel of ouderwets en de omslagen nodigden niet tot lezen uit.

De laatste jaren is daar verandering in gekomen. Jonge auteurs als Anne Provoost, Bart Moeyaert en Willy van Doorselaar blijken veelbelovende literaire talenten. Maar ook door de Vlaamse illustratiekunst waait een frisse wind. Sterker nog dan Gregie de Maeyer ontwikkelt zich Gerda Dendooven - voorgedragen voor de Hans Christian Andersenprijs - die allerlei invloeden, van Picasso en Chagall tot Wim Hofman, in haar illustraties verwerkt. Terecht kregen haar illustraties voor de bundel poëzie door kinderen 'Strikjes in de struiken' vorig jaar de Boekenpauw (de Vlaamse Gouden Penseel); opvallend aan de teksten is wel dat voor kinderen poëzie kennelijk per se moet rijmen, maar hun gedichten krijgen cachet door de prenten van Gerda Dendooven, en niet minder door de fraaie lay-out en vormgeving.

Ook het door Dendooven geïllustreerde 'Eend, Kim en de man' van Ludwien Veranneman, geschreven op basis van het waar gebeurde verhaal over een eend die dagenlang met een pijl in zijn rug bleef doorvliegen, is zo'n boekje dat meer aandacht verdient dan het in Nederland heeft gekregen.

Naast deze twee naam makende illustratoren zijn ook minder bekenden als Klaas Verplancke, Ton Schamp en Anne Westerduin het volgen waard, vooral ook vanwege hun onderlinge beïnvloeding, die mogelijk uitmondt in een nieuwe Vlaamse 'school', waarin spontaniteit, gestileerde vormen, warme kleuren en collagetechnieken worden verwerkt tot een krachtig, expressief en soms surrealistisch geheel.

De Vlaamse illustratrice Lieve Baeten behoort niet tot deze energiek experimenterende stroming; zij werkt veel traditioneler, maar met groot vakmanschap, vergelijkbaar met de realistische stijl van Dieter en Ingrid Schubert. Haar 'Lotje is jarig' kreeg onlangs de Prijs van de Nederlandse kinderboekwinkels. In die prijs spelen behalve artistieke ook emancipatorische en gebruikscriteria een rol. En inderdaad: 'Lotje is jarig' is evenals haar 'Nieuwgierige Lotje' (1992) een doorslaand succes bij kleuters. Lotje is een meisjesheks die toveren leert. Het eerste boek heeft halve pagina's, het tweede deurtjes die open kunnen, simpele trucs die Lieve Baeten zorgvuldig picturaal heeft uitgebuit. Er wordt naar hartelust getoverd en er valt enorm veel (grappigs) op de prenten te zien.

Dat vorig jaar twee Vlaamse jeugdboeken een Nederlandse prijs kregen - de tweede was 'Vallen' van Anne Provoost - wijst op een herwaardering van de Vlaamse jeugdliteratuur in Nederland. Een herwaardering die, zoals het zich nu laat aanzien, terecht is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden