Vitali Sjentalinski verzet zich tegen het Russische vergeten

AMSTERDAM - Al jaren is Vitali Sjentalinski bezig met het uitpluizen en vastleggen van het lot van schrijvers in de Sovjet-Unie onder Stalin. Formeel doet Sjentalinski dit werk in opdracht van de Russische schrijversbond; in naam heeft het de zegen van de hoogste autoriteiten. “Ik doe dit niet als particulier, het is werk voor de publieke zaak”, zegt Sjentalinski.

Maar Sjentalinski doet zijn onderzoek al die jaren op eigen kosten, zonder een cent subsidie van regering of bond. Vrienden vertellen dat hij het geheel moet hebben van de opbrengst van zijn boeken en de aanmoediging van de paar collega-schrijvers, die het nog wel belangrijk vinden.

Het tij wordt ongunstiger. Om de haverklap moet Sjentalinski de laatste tijd in het geweer komen voor het behoud van - tenminste - zijn werkkamertje in het sjieke bondsgebouw. Over de werkomstandigheden beklaagt Sjentalinski zich niet. Maar de onverschilligheid waarmee Russische politici, schrijvers en een niet gering deel van het publiek weigeren terug te kijken naar hoe het wás, beangstigt hem: “Stalin was een fascist, zeker niet minder erg dan Hitler. Er is een reëel gevaar dat we wéér bij zoiets uitkomen. Een opinieonderzoek liet onlangs zien dat een grote meerderheid van de Russen de bolsjewieken zou steunen als het Russische volk opnieuw voor de keuzen van 1917 zouden staan.”

De Russische politiek, Jeltsin hoogstpersoonlijk voorop, brengt de terreur alleen nog maar ter sprake in een context van 'vergeven en vergeten'. En dit nog voordat Rusland zich serieus aan het herinneren heeft gezet. Intussen pluist en schrijft Sjentalinski ijverig verder. Het pluizen gebeurt in de Ljoebjanka, gevangenis en hoofdkwartier van ooit de Tsjeka, toen de GPOE, toen de NKVD en vervolgens de KGB. “U bent de eerste schrijver die hier vrijwillig komt”, grapte een KGB-kolonel toen Sjentalinski voor het eerst de archieven in mocht. “Waar zullen we u zetten?” Ze lachten allebei.

De dossiers zijn vers, als het ware. Geen respect- of liefdevol oog heeft vóór Sjentalinski gekeken naar de verhoorverslagen, de smeekbrieven van familieleden, de verklaringen met afgedwongen handtekeningen en de afscheidsbriefjes uit gevangenis of kamp. Veel hoofdlijnen waren al bekend. Maar Sjentalinski moet en wil alles precíes weten. Hoe en wanneer Isaak Babel in de verhoren gebroken werd bijvoorbeeld: “ik heb mij laten werven door de Franse inlichtingendienst...” enzovoort.

Babel stond in het 'proces' voor zijn executie in 1940 weer overeind: “Ik trek de bekentenissen in, ik heb niets fouts gedaan.”

De tienerzoon van de schrijver Andrej Platonov werd gepakt en geknakt middels een NKVD-agent die hem zogenaamd probeerde te 'werven' voor een lucratief baantje als informant van de Duitse inlichtingendienst. Ook deze 16-jarige hief het hoofd weer op, voordat hij op transport werd gesteld naar Norilsk in Noord-Siberië: “Ik heb deze bekentenissen alleen maar afgelegd, omdat mij werd gezegd dat mijn ouders anders zouden worden gearresteerd.” de jongen zou een paar jaar later doodgaan aan de tbc die hij in het kamp opliep. Zijn vader, de schrijver, stierf een paar jaar na zijn zoon, ook aan tbc. Hij leidde het 'gewone' leven van de groteren onder de Sovjet-schrijvers, een leven van angst, verscheurende bezorgdheid om zijn kind, totale uitsluiting, ondervoeding en ziekte.

Dat Stalin en zijn makkers literatuur onbelangrijk vonden, kan niet gezegd: Tweeduizend schrijvers werden er opgepakt, vijftienhonderd overleefden het niet. En daar is de categorie-Platonov niet bij inbegrepen, de dichteressen Achmatova en Tsvetajeva (echtgenoten geëxecuteerd, kinderen in het kamp), de (toneel-)schrijver Michaïl Boelgakov (aan vergetelheid en armoe prijsgegeven) en vele anderen.

'Manuscripten branden niet' heet de film die RVU over de Sovjet-schrijvers onder Stalin liet maken. Deze film van Reza Allamehzadeh, Lies Janssen en Sjifra Herschberg is een ongehoord goede documentaire geworden, cirkelend om de persoon en het werk van Sjentalinski. De film werd zaterdag voor het eerst vertoond, in de Balie in Amsterdam. Interviews met weduwen en vrienden. archiefbeelden, het betoog van Sjentalinski vertellen over Boelgakov, Babel, Mandelstamm en Platonov, schrijvers die alle vier tot de grootsten van deze eeuw behoren. De film maakt bijna voelbaar hoe hun leven, hun werk en hun lichaam tot pulp werden vermalen. De film wordt op 3 december op televisie vertoond.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden