Virtuoos requiem voor Bosch is weinig subtiel

Klassiek

Concertgebouworkest/Groot Omroepkoor

Requiem für Jheronimus Bosch

***

'Jheronimus! Jheronimus Bosch!' wordt er met rauwe stem vanaf het zijbalkon in het Concertgebouw geschreeuwd. Als luisteraar ben je meteen bij de les. Componist Detlev Glanert komt in zijn 'Requiem für Jheronimus Bosch' fel uit de startblokken. Tijd om aan tekst en idioom te wennen heb je als publiek amper, het gebouw is na die schreeuw op slag gevuld met enorme dreiging en ketelmuziek. Lawaai!

De Duitser Glanert (1960) is huiscomponist van het Concertgebouworkest en schreef in opdracht van orkest en de Manifestatie Jheronimus Bosch 500 dit anderhalf durende Requiem, dat zich vanwege lengte en benodigde mankracht kan meten met de befaamde Requiems van Berlioz en Verdi. Het werk ging vrijdag in wereldpremière in de Sint Jan in Den Bosch en was een middag later te horen bij de NTR ZaterdagMatinee.

Om zijn compositie structuur te geven, gebruikte Glanert niet alleen de vaste onderdelen van de dodenmis, maar koppelde die aan teksten - ook in het Latijn - uit de Carmina Burana die de zeven hoofdzonden behandelen. En zo wordt hier Superbia (hoogmoed) gekoppeld aan het Sanctus, en Ira (toorn) aan het Dies Irae.

Interessante werkwijze en erg Bosch-waardig. Die maakte immers het tableau 'De zeven hoofdzonden', hoewel aan de echtheid daarvan nu sinds kort weer getwijfeld wordt. De onderdelen van het Requiem worden steeds voorafgegaan door een schreeuw van de aartsengel Michael, die als een aanklager via de hoofdzonden onderzoekt of Bosch de hemel in mag.

De uitvoering onder de manische leiding van Markus Stenz was spectaculair. Het Groot Omroepkoor, opgesplitst in een hoofd- en een extra koor, kweet zich admirabel van de lastige zangpartijen, evenals de vier solisten, organist Leo van Doeselaar en het Concertgebouworkest. Glanert schreef voor hen allen aansprekende muziek die wel regelmatig op het randje van bombast balanceerde. Sommigen karakteriseren de muziek van deze veelschrijver (hij heeft al 14 opera's op zijn naam) als geschreven voor een nieuwe burgerlijke elite, waarmee bedoeld wordt dat de muziek weinig origineel, schurend of geen van beide is.

Er schuilt waarheid in die constatering. Glanerts zettingen van de Carmina Burana-teksten klonken hier tamelijk uniform en beukend, en riepen meer dan echo's op van Carl Orffs beroemde compositie - vooral het woeste 'In taberna'-gedeelte daaruit. Verstaanbaarheid liet vaak zeer te wensen over en de overkill aan noten en woorden beukte je uiteindelijk murw.

Virtuoos, zeker, maar iemand als Verdi wist beter hoe je muzikaal geweld doseerde en in balans bracht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden