Reportage

Vijftig jaar na 'Parijs' is Angela Davis nog altijd een icoon

Angela Davis Beeld Hollandse Hoogte

Terwijl de oude protestgeneratie in Parijs stilstaat bij wat overbleef van haar idealen van 1968, komt de nieuwe generatie er tegen in opstand. Maar als ze begrijpen dat Angela Davis over de revolutie spreekt, luisteren duizenden.

De dag dat Angela Davis, de iconische zwarte activiste uit de jaren zestig, voor het eerst een bezette faculteit van de Sorbonne betreedt, is ze 74 jaar en draagt ze motorlaarzen. Het is op 3 mei 2018, precies de vijftigste verjaardag van het begin van de studentenopstand in Parijs. Net als toen heeft ook nu het universiteitsbestuur een aantal faculteiten gesloten. Net als toen zijn een paar andere faculteiten bezet. Net als toen is er een kat-en-muisspel gaande tussen de studenten en de politie.

De geschiedenis herhaalt zich. Althans, een beetje. Anders dan destijds, toen Trouw schreef over 'hevige onlusten' in Parijs, haalt de revolte van heden niet echt de krant. De studentenopstand van 2018 is er een in miniatuurformaat, misschien wel eerder geplaagd dan geholpen door de nagedachtenis aan destijds.

'1968' is in Parijs een soort erfgoed. Er staan nog net geen bordjes op de Boulevard Saint Michel met teksten als 'hier stapelden in 1968 jongeren stenen en auto's op elkaar tot enorme barricaden'. Maar een blik op de etalages van de boekwinkels is genoeg om te weten dat die ooit zullen verschijnen. Dat er 1968-tours zullen zijn en 1968-musea.

Lees verder na onderstaande afbeelding.

Een archieffoto uit mei 1968 Beeld AP

Met in deze maand de opstand vijftig jaar geleden hebben alle boekhandels de tafels vol herdenkingsboeken liggen. '1968 in beeld', 'de affiches van 1968', '1968 in ooggetuigenverslagen', '1968 voor kinderen'. Zeker zes musea hebben tentoonstellingen over iets wat met 1968 te maken heeft. Maar in geen enkel boek is een verwijzing naar nu te vinden.

Schoon genoeg

Lekker dan, voor de activisten van nu. 'Fuck 1968', staat dan ook in grafitti-letters op één van de faculteiten. De vergelijking met toen zit de studenten dwars. In de bezette faculteit islamstudies zegt politicologiestudent Lukas Posett: "We hebben schoon genoeg van die oude mensen die ons komen vertellen dat we het verkeerd aanpakken. Dat onze opstand niets voorstelt. Dat zij pas helden waren, in 1968, met hun stenen, hun gewonden en hun traangas."

Posett, een Duitser die een jaar in Parijs studeert, heeft met zijn kameraden zitten zweten op een verklaring. Drie kantjes, voor één keer in het Engels. Ze richten zich tegen 'zelfgenoegzame academici' die erop gericht zijn om 1968 te 'museïficeren', terwijl de strijd voor de generatie van nu net zo relevant is. Ging het toen om democratisering en zelfbestuur, nu willen de studenten dat het plan van Macron om selectie in het hoger onderwijs mogelijk te maken teniet wordt gedaan. Posett heeft zelf van de maatregel geen last, maar hij is solidair.

De Amerikaanse Angela Davis had vooraf weinig weet van het studentenprotest van nu. Ze is in Parijs als hoofdspreker op een conferentie van - inderdaad - gearriveerde academici: 'Global '68', drie dagen lang op de Sorbonne en daarna nog eens twee dagen op de Birckbeck University in Londen, precies op het moment dat de hoogtijdagen van destijds vijf decennia geleden zijn. Het is de bedoeling dat er gesproken wordt over toen en nu. Over nieuwe vormen van activisme, over solidariteit met anderen en de jongere generatie, over samenwerking met andere werelddelen, over herijking van de waarden van 1968.

Fine fleur

De fine fleur van activistische academici komt erop af: Tariq Ali uit Londen, Oscar Guardiola uit het Verenigd Koninkrijk, Marcus Rediker uit de Verenigde Staten en Francoise Vergès uit Parijs - activisten van weleer die uitgroeiden tot gewaardeerde academici, die met elkaar gemeen hebben dat ze altijd behoorlijk aan de linkerkant van het politieke spectrum zijn blijven strijden.

Over 1968 hebben ze allemaal hun eigen verhaal. De één werd in vervoering gebracht door de strijd in Vietnam, de ander groeide op in Guinee en maakte daar een vrijheidsstrijd mee. Mozambique was een inspiratiebron, Pakistan ook. Hun gezamenlijke indruk is dat het maar ergens ter wereld een klein beetje anders had moeten lopen in 1968, en de wereld had er nu heel anders bij gelegen.

"Ik had toen echt het gevoel dat we er vlakbij waren", zegt Tariq Ali, de enige in het gezelschap die na zijn studie niet het pad van de wetenschap koos. Ali werd programmamaker en columnist. Zíjn 1968-verhaal: hij ging op verzoek van de Franse filosoof Jean-Paul Sartre naar Vietnam om daar te kijken of de VS oorlogsmisdaden begingen. "We zagen de verschrikkelijkste dingen."

Het neemt niet weg dat hij en zijn collega's door de nieuwe generatie worden weggezet als museumstukken. Dat die nieuwe generatie linkse studenten amper belangstelling toont voor de heldenverhalen van weleer. De kritiek noopt de organisatoren er zelfs toe de prestigieuze conferentie te verplaatsen naar de plek waar de studenten zijn: de bezette faculteit.

Lees verder na onderstaande afbeelding.

Archieffoto uit mei 1968 Beeld AP

Activistisch icoon

En zo komt het dat Angela Davis, op haar motorlaarzen, op een zonnige Parijse ochtend in de tuin van de faculteit van islamstudies staat, waar de protesterende studenten haar hun verklaring voorlezen. Ze hoort hoe drie dagen eerder 'voor het eerst in de geschiedenis bloed vloeide over de vloeren van de Sorbonne'. Hoe de politie had geprobeerd om de jonge studenten uit het gebouw te verwijderen, zonder zich iets aan te trekken van een wetsartikel dat agenten de toegang tot universiteiten verbiedt. Engels is voor haar eigenlijk niet nodig. Davis studeerde zelf ooit ook aan de Sorbonne, in 1965. Maar dat weet niemand van de aanwezigen. Dat ze, behalve een museumstuk, een activistisch icoon is des te beter. "Mijn god, het is écht Angela Davis", zegt Posett, als de verklaring is voorgedragen. Hij vraagt haar of hij een selfie mag maken, samen met haar.

Ze glimlacht minzaam - oké, één foto. Een heel leven van militant zijn leerde Angela Davis hoe een potentieel succesvolle opstand eruit ziet: niet zoals dit, waar morsige studenten de slaap nog uit hun ogen moeten wrijven. Maar op het verzoek om haar bril af te zetten, zodat ze meer lijkt op de iconische foto waarmee ze vijftig jaar geleden door de Amerikaanse overheid werd gezocht, zegt ze nee. "Die heb ik nodig om mee te kijken."

Posett heeft het over de foto die vorige week nog door modemerk Prada op T-shirts van 400 dollar werd afgedrukt. De foto waaraan iedereen Davis al bijna vijftig jaar herkent: haar haar is inmiddels grijs, maar nog altijd heeft ze hetzelfde afro-kapsel.

Angela Davis moet er even aan wennen. Jaren werkte ze in relatieve anonimiteit aan een universiteit in Californië, boeken en pamfletten schrijvend over vrouwenrechten, slavernij, voor Palestijnen, voor socialisme. Ze was in de Verenigde Staten net zoiets als Anja Meulenbelt in Nederland: ooit bekend van iets links en heldhaftigs, later bekeken met een wat meewarige blik: houdt-die-vrouw-dan-nooit-op?.

De vraag wordt haar ook in Parijs gesteld. "Dacht u nooit: ik stop ermee?". "Nee", zegt Davis. "Nooit. Het is nooit bij me opgekomen dat ik op een andere manier betekenisvoller kon leven."

Lees verder na onderstaande afbeelding.

Op 20 april maakte de politie een einde aan de studentenbezetting van de Tolbiaccampus van de Parijse Sorbonne. Deze graffiti op een muur in Parijs verwijst daarnaar. Beeld AFP

Black Panther

Voor de jongere generatie: Angela Davis was betrokken bij de Amerikaanse Black Pantherbeweging, een organisatie die streed voor rechten van zwarte mensen. In de vroege jaren zeventig werd ze ten onrechte beschuldigd van moord op een rechter. Ze zat er maanden voor in de gevangenis en vreesde de doodstraf. Na een wereldwijde solidariteitsactie werd ze vrijgesproken. Daarna volgde een leven van militant actievoeren, waarvan een deel in de communistische partij. Die heeft ze inmiddels verlaten.

In Parijs blijkt dat de blik waarmee Angela Davis in 2018 wordt bekeken niet langer meewarig is. De avond van de dag waarop ze door de jonge studenten van museïficatie wordt beticht, komen in een theater in Nanterre tweeduizend jonge mensen speciaal voor een openbaar interview met haar. Als Davis opkomt, joelen en klappen ze alsof het om een hedendaagse popster gaat.

Volgende week komt ze naar Nederland, naar een conferentie over activisme en kunst. De twee bijeenkomsten waar zij spreekt, zijn al dik uitverkocht. Angela Davis, met haar levenslange feminisme en identiteitspolitiek, is klaarblijkelijk precies het icoon waar activistische jongeren van dit moment behoefte aan hebben.

Haar eigen verhaal van 1968 is dat van de vrouwen. In Nanterre begint zij over de moord op Martin Luther King, op 4 april 1968, die bij haar de woede dusdanig aanwakkerde dat die nooit meer doofde. "Ik voerde toen actie tegen racistisch geweld van de politie. Op het moment dat ik hoorde dat King vermoord was, was ik net bezig een 'wanted-poster' te maken voor een agent."

Ze herinnert zich vooral hoeveel moeite het kostte om de opstand relatief geweldloos te laten verlopen. Hoe ze nu nog weleens hoopt dat er destijds sociale media waren geweest, zoals nu. "Dan was het gelukt." 'Het' betekent de revolutie.

Vrouwenverzet

Die had, is haar boodschap, beter niet in 1968 kunnen plaatsvinden. Want het activisme van destijds gaat haar, nu zij erop terugblikt, lang niet ver genoeg. "Ik weet ook nog hoe we de revolutie bijna konden vastpakken, zo dichtbij was hij. Achteraf ben ik blij dat het toen niet gebeurde. Wat zouden we toen veranderd hebben?

"We dachten dat het genoeg was om een economisch model te veranderen. We wisten nog niet wat we nu weten. We wisten nog niet dat de strijd tegen ongelijkheid ook over onszelf ging - over hoe de mannen altijd met de eer streken en de vrouwen al het werk deden. Dat weten we nu beter. Het was toen heel gewoon dat vrouwen al het werk deden, de mannen het woord voerden. Pas de laatste jaren zie ik daar verandering in komen. Kijk maar naar het verzet tegen Trump. Dat was vrouwenverzet."

In Nanterre staan na die woorden jonge vrouwen op om op hun vingers te fluiten.

Davis vertelde haar publiek dat het nog even zal duren voor er weer zo'n moment komt als 1968. In haar eigen land waait de wind rechtser dan ooit. Wat haar betreft is dat ook de schuld van links: "Als Hillary Clinton niet zo'n beperkt idee van feminisme had gehad, dan was Trump niet verkozen. Haar feminisme gaat over het glazen plafond. Het glazen plafond? De vrouwen voor wie dat een probleem is, hebben alles al. Het enige wat ze nog moeten doen, is dat plafond door. Als Clinton ook was opgekomen voor de zwarte vrouwen, de transvrouwen, de arme vrouwen, was Trump misschien niet verkozen."

Nu is het afwachten. Davis: "Overal in de wereld is links in crisis. Alle mensen in de democratische partij zijn oud, zoals ik ook oud ben. Er zit niets anders op dan te onthouden dat er na ons ook weer mensen zullen zijn met idealen."

Lees ook: Mei 1968: socioloog Jean-Pierre Le Goff kijkt terug op de kinderen van Marx en Coca-Cola

Marx’ portret sierde in mei ’68 de ingang van de Sorbonne-universiteit in Parijs. De revolutie bleef uit, toch veranderde alles. Lees hier het interview met 68’er Jean-Pierre Le Goff.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden