'Vijf voor twaalf voor een prachtig monument'

Op grond van de architectonische schoonheid, won Jan Wils in 1928 een gouden medaille voor 'zijn' Olympisch Stadion. Een beetje bestuurder in Amsterdam kan zich dat nu nauwelijks voorstellen. De gemeente heeft het Stadion decennia lang links laten liggen en maakt zich al bijna tien jaar lang sterk voor de sloop. In het honderdste jaar van de Spelen zou de afbraak van een Olympische arena een wereldprimeur betekenen.

Voor het Stadion, beseft Kranenberg, is het de komende week vijf voor twaalf. Als de provincie Noord-Holland dinsdag akkoord gaat met het door Amsterdam verlangde bestemmingsplan - 1200 woningen op de plaats van een gesloopt Olympisch Stadion - dan is het waarschijnlijk dit jaar al gedaan met de 68 jaar oude arena. Dat kan zo maar in Amsterdam, want - Piet Kranenberg heeft Jan Blokker in zijn veelvuldige briefwisseling met de stadsbestuurders geciteerd - 'de sloopdrift zit in Amsterdam als de moordlust in een zware crimineel'.

Onafhankelijk van elkaar hebben architecten de oorspronkelijke schoonheid van het Stadion van Wils bejubeld. Omdat het in 1937 verrezen Feyenoord Stadion aan 33 500 mensen meer plaats bood dan de ovaal in Amsterdam, werd ook in 1937 de mooie lijn van Wils' schepping doorbroken. Van 31 600 plaatsen ging het naar 64 000 plaatsen, maar mooier werd het er bepaald niet op. Door die uitbreiding kon Amsterdam wel met Rotterdam blijven wedijveren inzake het interlandvoetbal; tussen 1928 en 1989 kreeg het Olympisch Stadion 77 interlands binnen de poorten. En nu dan, zes jaar nadat het Nederlands elftal er voor het laatst heeft gespeeld, wil het bestuur van het Olympisch Stadion terug naar het oorspronkelijk bouwwerk van Jan Wils, terug naar het mooie en compacte stadion, terug naar de voorname uitstraling van 1928. ',Licht, luchtig, strak van lijn, lenig en gespierd, speels en toch zakelijk'', zoals Jan Wils het zelf zag.

Piet Kranenberg: “De wedstrijd om een voetbalstadion voor Amsterdam hebben we verloren, daar is niets meer aan te doen. De keuze voor de Amsterdam Arena heeft de belastingbetaler onnodig veel geld gekost, want ook van het Olympisch Stadion was iets moois te maken, maar goed, het is niet anders. Een nationaal atletiekstadion is er echter nog niet in dit land. Dat is een prachtige manier om dit rijksmonument te behouden.”

In de strijd om het behoud van het op 24 augustus 1993 'onherroepelijk' op de lijst van beschermde monumenten geplaatste Olympisch Stadion, is het Kranenberg en zijn medestrijders gebleken dat de historische en culturele aspecten niet bijzonder zijn besteed aan de politici en ambtenaren van het centrale stadsbestuur en de deelraad Zuid. “Ach, ik was altijd al een cultuurbarbaar”, zei voorzitter Richard Ronteltap van de deelraad Zuid vorige week nog in de prachtige Olympisch Stadion-bijlage van Het Parool; in tegenstelling tot bestuurlijk Amsterdam, toonde deze Amsterdamse krant wel liefde voor het Stadion. De onverschilligheid van Richard Ronteltap en de vergelijkbare houding van de wethouders Duco Stadig (grondzaken), Ernst Bakker (monumentenzorg) en Frank de Grave (financiën en sportzaken), geven Kranenberg al jaren het gevoel dat hij voortdurend tegen een muur oploopt. Wat nu, cultuur-historisch belang? Als Piet Kranenberg voorstelt het monument te behouden op de financiële basis van het verhuren der ruimten in en om het Stadion, krijgt hij onmiddellijk te horen dat hij in dat geval rekening moet houden met een erfpacht canon ter hoogte van 1,9 miljoen gulden per jaar. Kranenberg: “Dan is exploitatie niet meer mogelijk. Let wel, het gaat er niet om geld te willen verdienen, nee, het gaat er om via de verhuur van 8400 vierkante meter ruimte het behoud van een belangrijk monument mogelijk te maken. Als ik dan zie hoe de gemeente Amsterdam Joop van den Ende met zijn theater nabij het nieuwe Arena-stadion wel te hulp wil schieten! Van den Ende krijgt dat voor de symbolische gulden per jaar voor elkaar.”

Toch heeft Piet Kranenberg nog niet alle hoop opgegeven. Nog altijd ook is hij bereid met alle partijen om de tafel te gaan zitten: met politiek Amsterdam, met Amstelland Vastgoed en het Bedrijfspensioenfonds (BPF) voor de Bouwnijverheid als de beoogde bouwers van de woningen. Dat die bereidheid enige moeite kost, staat wel vast. “Het is onbegrijpelijk en zelfs in strijd met de wet dat de gemeente in februari 1994 heeft voorgesteld een overeenkomst met Amstelland en BPF aan te gaan, waarin zij en ook het Stadsdeel Zuid zich verplichten zich tot het uiterste in te spannen om de sloop van het Olympisch Stadion zo spoedig mogelijk te realiseren. Het is onbegrijpelijk, omdat in verband met de onzekerheid over de status van het Olympisch Stadion tot dan toe niet tot de ondertekening van de overeenkomst was overgegaan en intussen was komen vast te staan dat het Stadion onherroepelijk was aangewezen als rijksmonument. En het was in strijd met de wet, omdat overheid en particulieren tezamen de opdracht hebben monumenten in stand te houden. Daarmee is in flagrante strijd als overheden zich vervolgens verplichten zich tot het uiterste in te spannen voor het slopen van een monument.”

Bestuurlijk Amsterdam, zo veel is duidelijk, wil nu dus doordouwen. Kranenberg: “Ik hoop dat Gedeputeerde Staten straks niet met een halve oplossing komen. Zo van: geef die mensen van het Olympisch Stadion nog eens de ruimte om verder de mogelijkheden te bekijken. Dan kun je het echt wel vergeten.” Nee, het door Amsterdam gewenste bestemmingsplan moet van tafel. Er staat, zo benadrukt Kranenberg, al een goede oplossing op papier: herstel van het Olympisch Stadion in de oude staat, de functie van een atletiekaccommodatie en dat in combinatie met de bouw van nog altijd 800 woningen. Aan het enthousiasme van de sportkoepels zal het niet liggen. De Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie ziet het zitten en zo ook het Nederlands Olympisch Comité/Nederlandse Sport Federatie. Toch is vanuit die laatste hoek niet veel openlijke steunbetuiging vernomen. Kranenberg: “Die organisaties zijn ook zo afhankelijk van de politiek. Neem de KNAU. Amsterdam heeft er misschien wel vier miljoen gulden voor over om de atletiekaccommodatie Ookmeer te verbeteren. Dat lijntje wil de KNAU natuurlijk ook niet meteen verbreken. Maar er zijn zo veel goede mogelijkheden, ook voor Amsterdam, in het Olympisch Stadion. De atletiekclubs ADA en Sagitta kunnen naar het Stadion, waardoor het Olympiaplein wordt ontlast.”

Waar nu al zo lang sprake is van een absoluut gebrek aan politieke wil om de monumentale en historische waarde van het Olympisch Stadion te zien, rijst de vraag waarop Kranenbergs vertrouwen in een goede afloop nog is gebaseerd. Hij komt dan bijna terecht in psychologische sferen. “Ik hoop dat sommige politici het niet gaan zien als een wedstrijd met winnaars en verliezers. Het gaat er niet om of wethouder Duco Stadig wint of Piet Kranenberg. Het gaat om een groot, algemeen belang. Wel, men mag niet vergeten dat er in deze stad op bestuurlijk gebied nogal één en ander mis gaat. Bij alle missers en tegenslagen moet het B en W toch iets waard zijn ook eens te kunnen pronken met iets moois: het behoud van het Olympisch Stadion in combinatie met woningbouw.”

Vooralsnog wijst alles er op dat Amsterdam het dubbeltje nog steeds naar de andere kant wil laten vallen. Dat bleek vorige week eens te meer toen duidelijk werd dat Amsterdamse ambtenaren nota bene op briefpapier van de provincie Noord-Holland het concept-besluit over de sloop van het Olympisch Stadion hadden opgesteld. Toen zij hier weet van kregen, reageerden nogal wat gedeputeerden verbaasd en geïrriteerd. Men wil een neutralere toetsing. Kranenberg: “Amsterdam wilde rechter in eigen huis spelen.” Het zorgde voor enige rimpeling in het voorhoofd van de Commissaris van de Koningin, Jos van Kemenade. Kranenberg: “Ik ga ervan uit dat de provincie de zaak eerlijk bekijkt. Voor een bedrag van 20 miljoen kan het Olympisch Stadion volledig worden gerestaureerd. Die kans mag men niet voorbij laten gaan.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden