Review

Vijf jaar werkte Arundhati Roy aan haar droomdebuut

'The God of Small Things' van de Indiase Arundhati Roy kun je met recht een droomdebuut noemen. Vijf jaar lang werkte de schrijfster in alle stilte zelfs haar echtgenoot was er niet van op de hoogte aan deze roman.

Zonder enige literaire scholing, slechts gewapend met enige ervaring als schrijfster van filmscripts en gezegend met een sterk visueel geheugen componeerde ze een verhaal over een tragische liefdesgeschiedenis tegen het decor van het landschap uit haar jeugd, de staat Kerala in het zuiden van India.

David Godwin, literair agent in Londen, kreeg het manuscipt toegespeeld en was na het lezen van het eerste hoofdstuk zo enthousiast, dat hij halsoverkop een vlucht naar India boekte om op zoek te gaan naar de schrijfster van dit betoverende boek. Hij trof haar aan in een armoedig huurappartementje in New Delhi en contracteerde haar ter plekke. Toen de kruitdampen rond de strijd om de publicatierechten waren opgetrokken, was Arundhati Roy plotsklaps ruim anderhalf miljoen gulden rijker.

'De God van Kleine Dingen', zoals de Nederlandse vertaling luidt, is een verhaal waarin fictie en autobiografie vaak dicht langs elkaar schuren. Het speelt zich af in 1969 tijdens een periode van grote politieke onrust. Plaats van handeling is Ayemenem, het dorpje waar Roy zelf opgroeide. Daar raakt Ammu, de moeder van een tweeling, Estha en Rahel, in de problemen. Ze is afkomstig uit een Syrisch-christelijke familie, maar trouwt met een Bengaals hindoe, wat geldt als een ernstige overtreding van de ongeschreven Liefde Wetten.

Wanneer ze haar man verlaat en terugkeert naar het huis van haar moeder wordt ze door iedereen met de nek aangekeken. Juist op het moment dat familieleden uit Engeland overkomen, raakt zij verwikkeld in een geheime affaire met Velutha, een timmerman die behoort tot de sociaal laagste kaste van de 'onaanraakbaren' en trotseert daarmee een van de grootste maatschappelijke taboes. Het drama bereikt een climax als het nichtje uit Engeland verdrinkt en Ammu's minnaar als zondebok wordt geslachtofferd. Het verhaal lijkt een blauwdruk van Roy's eigen jeugd: het leven van Ammu is met uitzondering van de affaire met een 'onaanraakbare' duidelijk gemodelleerd naar dat van haar eigen moeder en de stem van Rahel, de 7-jarige dochter van Ammu, door wiens ogen we het verhaal beleven, is die van de schrijfster zelf.

Een belangrijk deel van haar jeugd bracht Arundhati door bij de Meenachal-rivier samen met haar vriendjes en vriendinnetjes die behoorden tot de Paravani, de laagste kaste van 'onaanraakbaren'. Dat is de voedingsbodem geweest voor deze roman en het rebelse karakter van Roy, die er nog steeds regelmatig in slaagt de autoriteiten tegen de haren in te strijken. Haar beschrijving van de sociale tegenstellingen en de rigide omgangsregels tussen de verschillende bevolkingsgroepen zijn haar niet in dank afgenomen. Maar de beelden die zij oproept van het zompige landschap en de drukkende hitte, die zindert van de spanningen die onvermijdelijk tot ontlading moeten komen, missen hun uitwerking niet. Het is dan ook niet verwonderlijk dat ze voor deze prestatie vorig jaar de Booker-Prize in ontvangst mocht nemen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden