Vier hoeraatjes voor de vrije markt

'Bill Gates en Madonna verdienen miljoenen en nog eens miljoenen, maar niet door anderen af te zetten - zij verdienen hun geld door software en muziek te bieden waar een heleboel mensen graag de vraagprijs voor betalen. Zo bezien zijn ze in wezen 'bedienden'.

door Johan Norberg

Afgelopen woensdag hield de Edmund Burke-stichting een debat over het kapitalisme. De Zweedse ideeënhistoricus Johan Norberg zong de lof van de vrije markt: 'Kapitalisme is wezenlijk een moreel systeem, dat mensen keuzevrijheid geeft en verantwoordelijkheid voor hun daden. Overal ter wereld schept het rijkdom en vermindert het de armoede.' De Belgische econoom en jurist Fernand Keuleneer was daar sceptischer over: 'In naam van de mededinging zouden bedrijven graag nog uitsluitend de besten en goedkoopsten aantrekken; de staat zal wel zorgen voor het inkomen van wie uit de boot valt. Méér staatsafhankelijkheid dus, als (niet eens zo paradoxaal) gevolg.' Keuleneer pleit voor 'een kapitalisme dat verankerd is in een dynamische sociale orde, die geenszins tot de neoliberale spontane orde te herleiden is'.

Kapitalisme is de liberale markteconomie, met vrije concurrentie, die is gebaseerd op het recht om gebruik te maken van het eigen bezit, op de vrijheid om te onderhandelen, om overeenkomsten te sluiten en om zakelijke activiteiten te ontplooien. Maar belangrijker dan de vraag wat kapitalisme is, is de vraag wat kapitalisme betekent.

Kapitalisme betekent dat niemand wordt onderworpen aan dwang van buitenaf. We kunnen ervan afzien contracten te tekenen of zaken te doen als we de voorkeur geven aan een andere oplossing. En daarom is er in een vrije markt geen andere manier om rijk te worden dan door mensen iets te geven wat ze willen, zodat ze er uit vrije wil voor zullen betalen. Beide partijen moeten het gevoel hebben dat ze er profijt van hebben, anders zou er geen enkele reden zijn om zaken te doen. Productie en handel zijn dus geen spelletje waarbij per saldo niets valt te winnen.

Dit is een fantastische uitvinding. Het kapitalisme is het enige systeem in de geschiedenis van de mensheid dat in staat is geweest om op grote schaal productie en distributie te organiseren op een niet-dwingende manier -ik zou zelfs willen zeggen op een morele manier. Slavernij, feodalisme en staatssocialisme hadden een gemeenschappelijke noemer, namelijk dat mensen werden gedwongen om te produceren wat de elite noodzakelijk vond. Op de vrije markt vinden mensen hun eigen plaats in de economie, en ze nemen de verantwoordelijkheid op zich voor hun keuzes, betalen de kosten en strijken de beloning op. De vrije markt laat niet toe dat een individu wordt gedwongen om louter een middel tot een doel te zijn; alle individuen worden als een doel-in-zichzelf behandeld, met het recht om volgens hun eigen wil te handelen. Die ethische vooronderstelling vormt het hoofdargument ter verdediging van het kapitalisme.

Prijzen en winsten in een markteconomie dienen als een signaalsysteem met behulp waarvan de werknemer, de ondernemer en de investeerder hun koers kunnen bepalen. Degenen die hoge lonen willen verdienen of hoge winst willen maken moeten zich een weg banen naar die sectoren van de economie waar zij het best kunnen inspelen op de vraag van anderen. Nogal simpel gesteld: hoe hoger iemands inkomen in een markteconomie is, des te meer heeft hij of zij gedaan om mensen te bieden wat zij willen. Bill Gates en Madonna verdienen miljoenen en nog eens miljoenen, maar niet door anderen af te zetten -zij verdienen hun geld door software en muziek te bieden waar een heleboel mensen graag de vraagprijs voor betalen. Zo bezien zijn ze in wezen 'bedienden'. Bedrijven en individuen zullen zich in een dergelijke situatie uitsloven om betere goederen te ontwikkelen en efficiëntere manieren te bedenken om in onze behoeften te voorzien.

Dit betekent ook dat deze drijvende krachten van de vrije-markteconomie door buitensporige belastingen of giften worden verstoord. De economie van een samenleving dankt haar vooruitgang in de eerste plaats aan het sparen, investeren en werken door haar leden. Hoge belastingen op werk, spaargelden en kapitaal betekenen daarom -in de woorden van John Stuart Mill- 'dat mensen worden gestraft omdat ze harder hebben gewerkt en meer hebben gespaard dan hun buren'. Wat het meest heilzaam is voor de samenleving wordt bestraft. Of, zoals iemand het ooit heeft uitgedrukt: 'Boetes zijn een soort belasting voor fout gedrag, belasting is een soort boete voor goed gedrag.'

Het kapitalisme heeft een revolutie teweeggebracht in de levensstandaard. In 1820 lag in de rijkste Europese landen het inkomen per hoofd van de bevolking tussen de 1000 en 1500 dollar -ongeveer hetzelfde niveau als in het huidige Bolivia of Kazachstan. Maar rond 1820 begon het kapitalisme zich in Europa te verbreiden, en sindsdien is de groei ongeveer 30 keer groter geweest dan de groei die de wereld tussen 1500 en 1820 meemaakte.

Grotere vrijheid door hervormingen en globalisering hebben ertoe geleid dat deze ontwikkeling nu grote delen van de rest van de wereld heeft bereikt. Voor het dagelijks leven in India heeft de groei sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw betekend dat lemen hutten zijn vervangen door huizen van baksteen en dat modderige paden zijn bestraat of geasfalteerd. Radio- en televisietoestellen zijn nu in tal van huishoudens te vinden. Elektriciteit is nu voor iedereen weggelegd en de donkere stegen hebben straatverlichting gekregen. Die stegen stinken niet langer naar afval, en broeinesten van infectie zijn dankzij goede riolering verdwenen. Zelf de armen kunnen zich kleding en schoeisel veroorloven. Het duidelijkste voorbeeld van de gevolgen van economische groei is wel dat de Indiase vrouw niet langer de helft van haar kleed wast. Vroeger moest ze dat wel doen, omdat ze maar één sari bezat en die dus moest wassen terwijl ze hem aan had.

Groei betekent nieuwe kansen voor mensen. Groei betekent dat de gewone Indiër zich tot een bankier kan wenden in plaats van zijn toevlucht te moeten nemen tot de plaatselijke woekeraar en zich voor de rest van zijn leven in de schulden te steken. Mensen kunnen op verschillende plaatsen naar banen zoeken, bij verschillende ondernemers, waardoor arme dorpelingen zich kunnen bevrijden van de macht van de plaatselijke landheer, die vroeger over hun leven en dood beschikte. Hoewel India democratische verkiezingen kent, maken die niet zoveel verschil zolang de armen zich nog geheel en al moeten voegen naar de wensen en bevelen van de elite in hun dorp. Zij moeten dan altijd nog stemmen zoals hun wordt opgedragen. Een wet tegen het slaan van vrouwen is ineffectief als de vrouw voor haar levensonderhoud afhankelijk is van haar echtgenoot, en hem daarom noch zal aangeven noch verlaten. Als door economische groei de productiviteit toeneemt, krijgt de vrouw de mogelijkheid om een baan buitenshuis te zoeken en wordt zij minder afhankelijk van de grillen van haar man.

Economische ontwikkeling waardoor je aan de honger kunt ontkomen, waardigheid en keuzevrijheid -die zaken heb je nodig om een autonoom menselijk wezen te zijn en een bevredigend leven te leiden. Al wat we om ons heen zien aan welvaart, uitvindingen, gemeenschap en cultuur wordt niet tot stand gebracht door systemen of reglementen. Die dingen worden door mensen geschapen. Ik geloof in het vermogen van de mens om grote dingen tot stand te brengen en in de vereende kracht die resulteert uit ontmoetingen tussen mensen onderling. Het economische domein is maar één van de vele domeinen van het mensenleven.

Hoe vreemd het ook mag klinken, ik onderschrijf de mening van de Franse socialistische premier Lionel Jospin dat wij 'een markteconomie, geen marktsamenleving' nodig hebben. Mijn doel is niet dat economische transacties alle andere menselijke relaties gaan verdringen. Mijn doel is vrijheid en vrijwillige betrekkingen op alle terreinen. Op het economische terrein leidt de verwerkelijking daarvan tot de markteconomie, op het terrein van de cultuur tot vrijheid van meningsuiting en persvrijheid, in de politiek tot democratie en het primaat van de wet, in het maatschappelijke leven tot het recht van individuen om volgens hun eigen waarden te leven en hun eigen gezelschap te kiezen. Het ligt geenszins in de bedoeling dat wij aan alles prijskaartjes gaan hangen. De belangrijke dingen in het leven -liefde, familie, vriendschap, iemands eigen manier van leven- kunnen niet in geld worden uitgedrukt.

Dit is mijn antwoord aan degenen die het kapitalisme bekritiseren omdat het niet voor alles zorg draagt, omdat het niet toereikend is voor een beschaafde samenleving. Natuurlijk is het niet toereikend! Maar het is alsof je een hamer verwijt dat hij geen spijker is. Kapitalisme is geen eigenmachtig wezen, dat waarden oplegt aan ons arme slachtoffers, het is een stel regels die zijn ontworpen om ons vrijheid van handelen te geven in het economische domein. Met andere woorden: het geeft ons de mogelijkheid om moreel te handelen, want vrije wil is daarvoor een eerste vereiste. Maar natuurlijk moeten we op een of andere manier invulling geven aan deze mogelijkheid, hebben wij voor een bevredigend leven waarden nodig en een sterke civiele samenleving. Daar komen wij in het spel, wij individuen die binnen dit stel regels handelen. Geef niet de schuld aan het kapitalisme als wij zelf in gebreke blijven.

Kapitalisme is in de grond een moreel systeem, dat niet alleen is gebouwd op morele normen maar ook de eerste voorwaarde is voor morele keuze. Het geeft mensen keuzevrijheid en verantwoordelijkheid voor hun daden. Overal ter wereld schept het rijkdom en vermindert het de armoede. In mijn ogen is dat meer dan je van welk systeem ook mag verwachten. Ik aarzel niet om voor het kapitalisme vier hoeraatjes te roepen, het aantal dat in Zweden gangbaar is om van je volle bijval blijk te geven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden