Opinie

Verzuurde Hedda werkt bij de Blokker

Denk je net alles tot het einde aan toe te hebben doorstaan, of daar floepen de neonletters PAUZE op. Pauze, waarna het ergste in die laatste vijf kwellende kwartieren nog moet komen. Henrik Ibsens tragische heldin Hedda Gabler moet na haar opeenstapeling van valsigheden immers nog dood.

De argeloze toeschouwer vermoedde in het eerste slaapverwekkende kwartier van de voorstelling al dat Hedda Gabler in gezwinde pas haar eigen ondergang tegemoet snelt, maar dat haar zelfmoord zulke oorverdovende en potsierlijke vorm zou aannemen, dat durf je niet te verzinnen. Theatercompagnie-regisseur Theu Boermans grijpt ongegeneerd terug op de simplistische chaos van Barend Servet & Sjef van Oekel om zijn 'Hedda' doeltreffend om zeep te helpen. Met het generaalspistool van haar vader banjert Hedda vol vertwijfeling kriskras het toneel over. Ze schopt het peperdure bankstel van haar veel te dure villa de coulissen in, ook de piano gaat op die manier theatraal af, de gordijnen vallen, de muziek blijft maar aanzwellen. Het voorhangsel op het achtertoneel zal toch niet ook bijbels scheuren, denk je nog even bezorgd. Maar verdomd: terwijl de supermarktmuziek blijft crescenderen wijkt, scheurt en stort het achterhangsel ter aarde. Hedda hult zich in de plastic hoes van haar te dure bankstel, en schiet zichzelf eindelijk dood. Het is volbracht, en hoe! Daarmee vergeleken is het laatste arsenicummaal van Emma Bovary een toonbeeld van subtiliteit.

Regisseur Boermans wilde zijn Hedda veranderen in 'het wilde zusje van Bridget Jones', maar bracht Hedda Gabler terug tot een lanterfantende, vroeg verzuurde filiaalhoudster van de Blokker, die welbeschouwd in de eerste tien minuten al dood had gemoeten. Net als Emma Bovary worstelt Hedda Gabler met het leven, met de verkeerde echtgenoot, met spilziekte en hebzucht. Zij beklaagt zich over 'die armoede, waar ik in terecht ben gekomen', over haar eigen oervervelende verveling. Even komt Hedda tot een snipper zelfinzicht (,,Alles wat ik aanraak wordt lachwekkend of pervers'), maar verder blijft het gissen naar haar drijfveren.

In opdracht van hun regisseur doen de toneelspelers aan kunstig opzegtoneel. Ze dragen hardop voor wat ze uit het hoofd hebben geleerd, en staren lang en leeg de zaal in alsof daar ergens de contouren van een Noorse fjord opdoemen. Af en toe pruilen en stampvoeten ze er wat bij, en dat is dan dat. Barend Servet en Sjef van Oekel deden dat weliswaar ook, maar die beseften bijtijds dat je niet alleen boekenkast of bankstel, maar ook de gespeelde werkelijkheid wat moet kantelen, teneinde een geboeid gehoor tegenover je te weten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden