Verzetje was belangrijker dan solidariteit met joden

'Morgen gaat het beter', 22.53-23.54 uur, Ned. 1.

FRED LAMMERS

Die afschuwelijke mededeling moet iedereen hebben gezien, maar de diepere achtergrond ervan wilde men niet begrijpen. Er was zoveel narigheid dat de mensen zich een van de weinige mogelijkheden het leven van alledag even te kunnen vergeten niet lieten ontnemen. Het verklaart de massale vlucht naar de droompaleizen van het amusement.

Het is een tot nu toe nauwelijks belicht gegeven. Voor Henk van Gelder en Guus van Waveren was het zodoende dankbaar werk er een televisiedocumentaire over te maken. Voor 'Morgen gaat het beter', een titel die is ontleend aan een succesnummer van Willy Derby, kwam prachtig historisch materiaal tevoorschijn. Wat sterk overkomt is dat het om een tijd gaat die ver achter ons ligt. Als je een piepjonge Lex Goudsmit hoort zingen dat een soldaat die in de mobilisatietijd bij de grens op wacht staat zijn verlangen naar vrouw, kind, moeder of vrind ondergeschikt moet maken aan zijn verplichtingen tegenover het vaderland, dan komt dat wel erg braafjes over.

Tekstschrijfster Martie Verdenius vertelt dat zij in haar liedjes en teksten duidelijke anti-Duitse boodschappen stopte, waarmee zij haar publiek een oppepper gaf. Een van haar oorlogsnummers werd uitgevoerd door actrice Fien de la Mar. Zij deed dat op zo'n betrokken manier dat het schouwburgpubliek niet klapte, maar uit respect ging staan. Van zangeres Annie de Reuvel horen we dat alles 'zo'n beetje gewoon' doorging. Wat er werkelijk speelde realiseerde je je niet. Over de Kultuurkamer verduidelijkt Wim Ibo, die als wandelende encyclopedie van het cabaret uiteraard in de documentaire niet ontbreekt, dat het voldoen aan de meldingsplicht niet inhield dat je lid werd van die omstreden instelling. Achteraf zegt hij over zijn muzikale activiteiten in de oorlog dat het zingen van opgewekte liedjes in een cabaretprogramma daarmee niet valt te rijmen. Annie de Reuver verweert zich tegen de kritiek dat het gros van de Nederlandse artisten in de Tweede Wereldoorlog gewoon door bleef werken. “Mensen hebben makkkelijk praten, maar wij moesten wel eten...”

Wim Ibo onthult dat Fien de la Mar de roem die haar werd toegezwaaid, omdat zij haar optredens in een vroeg stadium staakte, zelf relativeerde. Haar verdriet over het feit dat ze niks meer om handen had ging zij 's avonds in het Amsterdamse uitgaanscentrum verdrinken. En daar hingen ook die bordjes 'Voor joden verboden'. Dat in relatie tot haar vermeende moedige optreden deed Fien de la Mar veelzeggend constateren: 'Flink hè?'

Wim Sonneveld, Toon Hermans, Willy Alberti en Johnny Kraaykamp maakten allen hun debuut in de oorlog. De komiek Buziau stopte omdat hij geen risico's wilde nemen. Lou Bandy nam geen blad voor de mond. Dat deed hem enige keren in een cel belanden. Hij wist steeds weer aan de wraak van de Duitsers te ontkomen. Een keer door zich als krankzinnig voor te doen. Hij kwam in een rooms-katholieke inrichting in Brabant terecht. Ook daar bleef hij artist. Op een dag wist hij de kloosterlingen die hem verpleegden zo ver te krijgen dat ze arm in arm met hem het liedje 'Meisje ga je mee vissen' zongen.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden