Verzekeraars spelen cruciale rol om medicijnprijs omlaag te krijgen

Met zijn idee dat alleen de aanpak van octrooirecht de medicijnprijs zal laten dalen (Opinie, 14 februari) slaat Hans van der Linde de plank mis, schrijft Julius van Dam, ziekenhuisapotheker n.p. en adviseur zorgfinanciering en farmacie. 

Zijn schrijnende voorbeeld uit 2009 van Viagra laat zien dat áls het octrooi verlopen is en er merkloze alternatieven op de markt komen, door de apotheek nog steeds obscene prijzen worden gerekend. Voor het merkloze Viagra (sildenafil) wordt 3,42 euro per tablet gerekend terwijl de inkoopkosten een paar cent per tablet zijn. 

Ook de drogist doet mee aan hoge prijzen. Voor de maagzuurremmer omeprazol 20mg rekent Kruidvat 0,50 euro per tablet. Als de apotheek het onder vergoeding levert, kost het onder druk van het preferentiebeleid maar 0,03 euro per tablet.

Er zijn dus ook andere instrumenten nodig om de prijs te laten dalen.

Na het verlopen van een octrooi zouden de prijzen door concurrentie logischerwijs moeten dalen. Dat is in de farmawereld niet het geval, althans niet voor de patiënt. Tot 2002 betaalde de patiënt voor geneesmiddelen waar het octrooi op verlopen was, de zogenoemde generieke middelen, 95 procent van de prijs van het oorspronkelijke merkgeneesmiddel terwijl de inkoopprijs voor de apotheek 80-90 procent lager was.

Tekst loopt door onder afbeelding. 

Beeld ANP

Preferentiebeleid

De marge op deze middelen(ongeveer 600 miljoen euro per jaar) verdween in de zak van vooral de apotheker en de groothandel. Door het preferentiebeleid van verzekeraars én het voorschrijven van goedkope merkloze middelen door huisartsen, ontstond er prijsdruk en daalden de prijzen met meer dan 90 procent. Zonder prijsdruk van verzekeraars geen prijsdaling, zie Viagra/sildenafil waar géén preferentiebeleid op wordt gevoerd.

Zelfs dát heeft niet altijd resultaat. Ziekenhuizen verdienden in 2015 125 miljoen euro op de ‘onbetaalbare’ dure geneesmiddelen ondanks afromen van de prijs door verzekeraars. Dit kan doordat de inkoopprijzen na 2012 voor de verzekeraar onzichtbaar zijn geworden en ziekenhuizen zo het verschil tussen inkoop en declaratieprijs als winst kunnen behouden. Dit kan volgens de NZa zelfs leiden tot het kiezen van het duurste middel als daar meer marge op zit.

Actief transparant preferentiebeleid van verzekeraars is dus noodzakelijk om de prijs omlaag te brengen en te houden.

Verplicht ziekenhuizen zoals voor 2012 om hun inkoopprijzen voor de verzekeraar weer zichtbaar te maken. Daarmee wordt de perverse prikkel ongedaan gemaakt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden