Verzamelaars / De woede van de Stroganoffs

De Stroganoffs hebben hun naam gegeven aan een echt Russisch gerecht, maar in eigen land zijn ze driekwart eeuw uit de historie gehouden. De in Sint Petersburg groot geworden dynastie van kunstverzamelaars was ten tijde van de Russische Revolutie hoogst verdacht. Maar nu de familie op het punt van uitsterven staat, ontstaat er weer waardering voor haar rol als kunststimulator. Volgende week wordt een deel van de collectie tentoongesteld in de Nieuwe Kerk in Amsterdam.

Vanuit het immens grote Moskva Hotel op het einde van de Alexander Nevski Prospekt in het Russische Sint Petersburg kijk je rechtstreeks op een begraafplaats. Het beeld is allerminst morbide: de Russische begraafcultuur uit zich in weelderige beeldhouwwerken in de vorm van kunstig gevormde pleurants, aandoenlijk schreiende engeltjes en onveranderlijk indrukwekkende bustes. Zo ook op het Lazaruskerkhof dat als een plechtig 'memento mori' voor het achtergelegen Nevski-klooster moet dienen.

In de tijd van het Sovjet-communisme stonden staat en kerk hier letterlijk tegenover elkaar. De staat, gerepresenteerd in een van de grootste logeeradressen in de stad; de kerk die allerminst wilde meewerken aan het ideaal om God niet alleen te ontkennen maar ook in praktische zin af te schaffen. Het Nevski-klooster hoefde nog net niet zijn religieuze functies op te geven, maar veel vrijheid had het Russisch-orthodoxe geloof niet.

De begraafplaats kon wel dienen als pelgrimsoord. Hier liggen Ruslands grote zonen die zich in de kunst hebben waargemaakt. Temidden van al die kunstmakers valt het oog op twee tombes van bijzondere figuren wier dynastie alles te maken had met diezelfde Russische cultuur, maar die zelf nooit daadwerkelijk kunst heeft gemaakt. Vader Alexander Stroganoff (1733-1811) groeide op ten tijde van tsarina Catharina de Grote en haar opvolger, zoon Paul I. Net als zijn zoon Paul Stroganoff (1772-1817) die naast zijn beroemde vader ligt.

Beiden waren telgen uit een roemrijk geslacht van ondernemers die oorspronkelijk uit het barre noorden van het Russische rijk kwamen. Daar was omstreeks 1395 de eerste Stroganoff geboren, een zekere Spiridon, van wie Alexander in rechtstreekse lijn een afstammeling was. In de 16de eeuw verwierven de Stroganoffs hun fortuin met de winning van zout, destijds een noodzakelijk bestand van de Russische maaltijd. Ze joegen ook op pelsdieren vanwege het sabelbont. Navolgende Stroganoffs lieten zich niet in het tsaristische leger onbetuigd, maar hielden ook van de kunst.

Die liefde kwam allereerst tot uiting in een rijke familiecollectie van iconen. Nu is de aanwezigheid van deze religieuze afbeeldingen van heiligen in het Russische interieur niet ongewoon (zelfs tijdens de Sovjet-periode had menig Rus een hoogst illegale 'rode hoek' in de huiskamer waar gebeden werd), maar de Stroganoffs bezaten een zo'n fraaie collectie (huis)iconen dat deze allerwegen de aandacht trok. Het bleef trouwens niet bij iconen, ook religieuze voorwerpen, vaak prachtig geborduurd of in goud en zilver uitgevoerd, kregen een plaats in de familiecollectie.

Nauw gelieerd als de Stroganoffs aan het tsaristische hof waren, moet in de 18de eeuw de verzamelwoede van Catharina de Grote zijn overgeslagen op Alexander. Met dien verstande dat de keizerin behoorlijk jaloers was op haar vertrouweling wat het verzamelen betrof. Gedwongen als ze was in de Hermitage te resideren, kon ze nauwelijks reizen. Als ze lucht kreeg van een belangrijk aanbod van oude kunst moest ze en bloc een veiling afkopen. Om thuis de collectie voor het eerst in ogenschouw te nemen. Pas dan kon ze besluiten om de haar minder gelegen kunst weer door te verkopen.

Alexander deelde met Catharina de Grote een grote waardering voor de schilderkunst. Vooral de Hollandse meesters uit de 17de eeuw hadden beider voorkeur. Alexander schafte werken aan van namen als Jacob van Ruisdael, Govert Flinck, Jan van Goyen en Aelbert Cuyp, maar liet daarnaast ook zijn voorkeur uitgaan naar Italiaanse toppers als Luca Giordano en Guido Reni, en de Franse meesters Claude Lorrain, Nicolas Poussin en Hubert Robert. Om die reden reisde hij regelmatig af naar West-Europa waar hij in de kunsthandels en ateliers van de belangrijkste kunstenaars een graag geziene gast was.

Interessant is daarbij te zien dat Alexander Stroganoff zich in zijn smaak concentreerde zowel op reeds lang overleden schilders als op zijn tijdgenoten. Gegeven het feit dat schilders in zijn tijd tamelijk klassicistisch waren georiënteerd, zegt dat veel over de academische idealen die Alexander nastreefde. Dat komt ook tot uitdrukking in de rol die hij heeft gespeeld als directeur van de Kunstacademie in Sint-Petersburg. Zo benoemde hij de Franse schilderes Marie-Louise Elisabeth Vigée-Lebrun tot erelid van de academie.

Alexander wilde zijn bezit echter niet voor zichzelf houden. Hij toonde het veelvuldig aan anderen, op zijn instigatie werd zelfs een catalogus samengesteld met bijdragen van kunsthistorici. Aan studenten van de Kunstacademie in Sint Petersburg waarvan hij de directeur was, vroeg hij om de werken door middel van etsen een bredere verspreiding te geven. De liefde voor de kunst ging zo ver dat hij zijn laatste levensuren doorbracht in een stoel in de schilderijenzaal van zijn paleis op de Nevski Prospekt. Daar zou hij sterven, ziek en uitgeput van zijn bemoeienissen rond de bouw van Kazan-kathedraal.

Met die kathedraal liet Alexander nog een ander aspect van zijn mecenaat laten zien. Deze kopie van de Sint Pieter (compleet met de halfcirkelvormige colonnade die de koepel in een tangconstructie omarmt) moest in Sint Petersburg de belangrijkste kerk van de Russische orthodoxe wereld worden. Alexander Stroganoff had voor het ontwerp zijn oog laten vallen op zijn protegé, de jonge architect Andrei Voronikhin (1759-1814). De jongeman was geboren uit een huwelijk van lijfeigenen van de Stroganoffs en op 27-jarige leeftijd vrij man geworden. In die tijd had hij al met Alexanders zoon Paul half Europa afgereisd om zich van de kunst en de architectuur op de hoogte te stellen. Paul kopieerde daarmee de Grand Tour van zijn vader.

Het verhaal wil dat Alexander zo'n grote waardering had voor de jongen omdat deze zijn bastaardzoon zou zijn. Paul zou dan de halfbroer van de jonge Voronikhin zijn. In ieder geval was de jonge architect betrokken bij het kunstmecenaat van vader en zoon Stroganoff, al was het alleen maar omdat hij naast de Kazan-kathedraal ook de schilderijenzaal van het Stroganoff Paleis ontwierp.

Het Sovjet-communisme had aanvankelijk weinig op met persoonlijke rijkdom. Bezittingen, in de vorm van onroerend goed, maar ook kunstcollecties werd na 1917 geconfisqueerd. Voorwerpen van grote kunstzinnige waarde kwamen in het beste geval in een museum terecht, of werden naar veilingen overgebracht waar met de opbrengst de Revolutie werd gefinancierd. Zo liet Stalin in de jaren dertig een grote hoeveelheid schilderijen uit het bezit van de Stroganoffs in Berlijn veilen. Gelukkig waren de richtprijzen door de Russische museumconservatoren zo hoog opgeschroefd dat de werken onverkoopbaar bleken en na afloop weer terug naar de museale beheerders konden gaan.

Onroerend goed werd door de staat opgeëist om als kantoor- of werkruimte te dienen. Toen daar in de Tweede Wereldoorlog ook nog eens de Duitse bezetting overheen kwam, was het lot van menig paleis bezegeld. Een voorbeeld is de zomerresidentie in Pavlovsk, op ongeveer dertig kilometer ten zuid-oosten van Sint Petersburg. Pas aan het einde van de jaren zeventig werd een poging ondernomen om dit nog onder Vonorokhin ontworpen paleis in een bezoekwaardige staat te brengen.

De restauratie is inmiddels op een respectabele wijze afgerond. Maar de kunstcollecties die hier ooit te zien waren, komen nooit meer terug. Die zijn verspreid geraakt of aan de oorlogshandelingen ten offer gevallen. Ronduit treurig is de verwaarlozing van het landgoed Marieno, op 70 kilometer afstand van Sint Petersburg temidden van het platteland dat toch al geen toekomst meer heeft. Dit zomerverblijf van Paul Stroganoff en zijn vrouw Sophia diende in de vorige eeuw als kuuroord, maar staat alweer geruime tijd leeg. Verval slaat aan alle kanten toe. Een smeekbede van een particuliere instelling dat de staat tenminste het verval zou keren, is tot op heden nog niet verhoord.

Ook elders in Sint Petersburg is te zien dat de rehabilitatie van de Stroganoffs van recente datum is. Het centraal aan de Alexander Nevski Prospect gelegen Stroganoff Paleis heeft driekwart eeuw als overheidsinstituut gediend en was gaandeweg tot een ruïne vervallen. Nu staat het in de steigers voor een omvangrijke restauratie die er toe moet leiden dat het in oude luister kan worden opgeleverd. De tijd die daarvoor resteert, is nog maar kort, want volgend jaar mei viert Sint Petersburg zijn 300ste verjaardag. Dan moeten ook al die andere gebouwen uit de steigers zijn. Zoals de Kunstacademie waar sinds de 18de eeuw nimmer meer gestuct is.

De Stroganoffs hebben hun rehabilitatie niet meer kunnen meemaken. Ze namen na de Revolutie een enkele reis naar Parijs dat al eerder hun geliefde toevluchtsoord was geweest. Daar is de familie praktisch uitgestorven. Sergei Alexandrovich, die in 1923 Parijs op 71-jarige leeftijd overleed, was de laatste graaf van deze dynastie. Hoewel zijn belangstelling meer bij de jacht en de marine lag, liet hij zich ook cultureel gezien niet onbetuigd. Nog in 1897 organiseerde hij een grote tentoonstelling in het Stroganoff Paleis in Sint Petersburg en werkte aan plannen om datzelfde paleis voor het publiek open te stellen.

In Parijs woont nog slechts één nazaat van de Stroganoffs. Gehoopt wordt dat Hélène baronesse de Ludinghausen volgend jaar aanwezig kan zijn om de restauratie van het Stroganoff Paleis in ogenschouw te nemen. Dat dan, eindelijk, voor het publiek toegankelijk zal zijn.

Van 13 december t/m 21 april in de Nieuwe Kerk in Amsterdam, dag. 10-18 uur, do tot 22 uur. Gesl. Eerste Kerstdag en Nieuwjaarsdag. Cat. 27,50 euro (ongeb.) of 37,50 euro (geb). Info op internet (www.nieuwekerk.nl).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden