’Vervolging genocide wordt eenvoudiger’

Kunnen verdachten makkelijker worden vervolgd voor genocide? Fred Teeven, VVD-Kamerlid en eerder vervolger van oorlogsmisdadigers, denkt van wel.

Fred Teeven was, voordat hij Kamerlid werd voor de VVD, officier van justitie en speciaal belast met het vervolgen van verdachten van oorlogsmisdaden. Hij maakte mee dat een strafzaak tegen een verdachte uit Rwanda teruggegeven moest worden aan het Rwandatribunaal in Arusha (Tanzania), omdat Nederland geen rechtsmacht had om deze verdachte van genocide en oorlogsmisdrijven te veroordelen.

Teeven: „We konden deze man niet voor de rechter brengen, omdat hij verdacht werd van genocide en oorlogsmisdrijven in 1994, terwijl we volgens de Nederlandse wet niet verder konden terug gaan dan 2003. Heel frustrerend. Daarom vind ik het positief dat minister Hirsch Ballin nu de vervolging van verdachten van genocide mogelijk wil maken tot 1966. Dat geeft officieren van justitie veel meer mogelijkheden om tot vervolging over te gaan en met meer kans op succes.”

In Nederland verblijft een behoorlijk aantal vreemdelingen (uitgeprocedeerde asielzoekers) die zich mogelijk schuldig hebben gemaakt aan oorlogsmisdaden en genocide. Hirsch Ballin noemt in zijn brief aan de Tweede Kamer deze groep, waartegen de gewijzigde wetgeving gebruikt kan worden, expliciet.

Teeven is ook tevreden met de voorstellen van de minister om verdachten van oorlogsmisdrijven en genocide uit te kunnen leveren aan andere landen of een internationaal gerecht. Of dat Nederland de strafvervolging overneemt van een internationaal gerecht. Toch zou hij een stap verder willen gaan. „Ik zou willen dat rechters de mogelijkheid krijgen ter plaatse te kunnen schouwen, zeg maar onderzoek doen, in het land waar de misdaden zijn begaan. Daarnaast is de positie van slachtoffers niet gegarandeerd in het Nederlands oorlogsstrafrecht. Bij het Internationaal Strafhof heeft het slachtoffer wel een positie. Ook zou ik willen dat slachtoffers gezamenlijk schadeclaims zouden kunnen indienen. De situatie van de slachtoffers van oorlogsmisdrijven wordt hiermee versterkt.”

Teeven weet uit eigen ervaring hoe moeilijk het is om in Nederland bewijslast rond te krijgen tegen verdachten van oorlogsmisdrijven die gepleegd zijn in andere landen, vooral als het gaat om genocide, de zwaarste beschuldiging. Hij deed zelf vier van de zes zaken in Nederland tegen buitenlandse verdachten van oorlogsmisdaden. Hij was één van de aanklagers tegen de Nederlander Van Anraat die uiteindelijk tot 17 jaar gevangenisstraf werd veroordeeld wegens levering van chemicaliën waarmee het Iraakse regime gifgas kon produceren. Van Anraat werd echter wel vrijgesproken van medeplichtigheid aan genocide.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden