Vertrouwde ingrediënten en virtuoze techniek houden zwak verhaal bijeen 'THE LION KING'

In 91 bioscopen.

In Amerika is 'The Lion King' al een enorme hit. Zo'n grote zelfs, dat men iets nieuws bedacht om de winst te maximaliseren. Twee maanden geleden werd de film opeens uit de Amerikaanse bioscopen gehaald. Terwijl de publiciteit en merchandising overminderd doorgaan, wordt hij in de kerstperiode weer uitgebracht - in de hoop dat dan nog meer gehersenspoelde Amerikanen er naar zullen komen kijken. Dit alles is opmerkelijk, want na de prachtige recente Disney-krakers 'The Little Mermaid', 'Belle and the Beast' en 'Aladdin' valt 'The Lion King' toch een beetje tegen. Wellicht mede doordat dit de eerste Disney-animatiefilm is die niet op een sprookje of volksverhaal werd gebaseerd, maar op een zelf verzonnen verhaal.

Dat verhaal over het jonge leeuwtje Simba, dat betrokken raakt in een meedogenloze strijd om de heerschappij over de Afrikaanse jungle, is ronduit zwak. Het vormt niet veel meer dan een grabbelton waarin met losse hand allerlei vaste ingrediënten uit de Disney-studio's zijn gestrooid.

Sommige van die bestanddelen worden bovendien heel onbeholpen opgediend. Slaapverwekkend saai en volstrekt niet des diers zijn bijvoorbeeld de vele infantiele levenslessen die Simba van zijn vader krijgt. Hetzelfde geldt voor allerlei onnozele psychologische en filosofische inzichten die de andere dieren moeten oplepelen.

Gelukkig volgt op deze stoplappen altijd wel weer iets onderhoudends: een ontroerend moment (wanneer Simba ontdekt dat zijn vader dood is), een bruisend of ontroerend liedje ('Hakuna matata'), iets buitengewoon griezeligs (Simba op het olifantenkerkhof), een komisch terzijde van een gek beest zoals een hyena, een stokstaartje, een zwijntje, een baviaan - al moet gezegd dat die bijrolletjes ditmaal een tikje tegenvallen.

Voor eenheid zorgt natuurlijk wel de als vanouds virtuoze animatietechniek. Toch past ook hier een kritische kantteking. Dankzij de computer ziet alles er zo levensecht uit en worden er vaak zulke spectaculaire camerabewegingen gesuggereerd, dat het onderscheid tussen animatie- en speelfilm begint te vervagen. De animatiefilm dreigt hierdoor zijn specifieke charme, zijn naïviteit, te verliezen.

Voor wie de Nederlandstalig versie bekijkt, gaat er nog iets verloren. In de Amerikaanse versie krijgen de dieren stem door sterren als Jeremy Irons, James Earl Jones, Rowan Atkinson, Whoopi Goldberg en Matthew Broderick. Arnold Gelderman wist voor hen vaak uitstekende Nederlandse vervangers te vinden. Een op de lachspieren werkende misser is echter dat hij sommige dieren om volstrekt duistere redenen van een Vlaamse of Antilliaanse tongval voorzag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden